Jaarverslag

Programmaverantwoording

1 | Opgroeien in Epe

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 1 | Opgroeien in Epe - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen onderwijs en jeugd in brede zin, zoals kinderopvang, voor- en vroegschoolse educatie, jongerenwerk en jeugdgezondheidszorg. Ook Jeugdzorg valt onder dit programma.
De voorzieningen gericht op de jeugd maken ook deel uit van het basisaanbod aan voorzieningen waar in programma 2 “Actief in Epe” aandacht aan wordt gegeven. Er bestaat een relatie met de programma’s 3 “Zorg en opvang” (maatschappelijke ondersteuning) en 4 “Leefbaar en veilig” (integrale veiligheid: thema “Jeugd en veiligheid”).

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 1 | Opgroeien in Epe - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2021 2022 2023 2024 2025
Verwijzingen Halt 4 5 7 5 4
Het aantal  verwijzingen naar Halt, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 12-17 jaar.
Kinderen in uitkeringsgezin 3% 3% 3% 3% -
Het percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin leeft dat van een bijstandsuitkering moet rondkomen.
Voortijdige schoolverlaters (vo+mbo) 1,6% 2,5% 2,2% 2,2% -
Het percentage van het totaal aantal leerlingen (12-23 jaar) dat voortijdig, dat wil zeggen zonder startkwalificatie, het onderwijs verlaat.
Absoluut verzuim 2,5 2,3 1,6 3,0 -
Het aantal leerplichtigen dat niet staat ingeschreven op een school, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 5-18 jaar.
Relatief verzuim 17 23 23 19 -
Het aantal leerplichtigen dat wel staat ingeschreven op een school, maar ongeoorloofd afwezig is, per 1.000 leerlingen.
Jongeren met jeugdhulp 11,8% 10,2% 10,5% 13,6% -
Het percentage jongeren tot 18 jaar met jeugdhulp ten opzicht van alle jongeren tot 18 jaar (tweede helft van het genoemde jaar).
Jongeren met jeugdbescherming 1,3% 1,0% 1,0% 1,0% -
Het percentage jongeren tot 18 jaar met een jeugdbeschermingsmaatregel ten opzichte van alle jongeren tot 18 jaar (tweede helft van het genoemde jaar).
Jongeren met jeugdreclassering 0,2% 0,2% 0,3% - -
Het percentage jongeren (12-22 jaar) met een jeugdreclasseringsmaatregel ten opzichte van alle jongeren (12-22 jaar) (tweede helft van het genoemde jaar).
Jongeren met een delict voor de rechter 1% 1% 1% - -
Het percentage jongeren (12-21 jaar) dat met een delict voor de rechter is verschenen.
Vanuit de verplichte bron van deze indicator zijn niet bij alle indicatoren recentere data beschikbaar.

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 1 | Opgroeien in Epe - Wat hebben we daarvoor gedaan

Onderwijs

 

 

Portefeuillehouder: M.B. Heere

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Uitvoeren van de Lokaal Educatieve Jeugd Agenda (LEJA).

1a. Afstemming bereiken met maatschappelijke partners over relevante onderwerpen op het gebied van onderwijs, jeugd(zorg) en sport.

 

1b. Uitvoering van Lokaal Educatieve Jeugd Agenda in regiegroep met alle deelnemers.

Ja

 

 

 

 

Ja

1a. Er was eens in de zes weken afstemmingsoverleg met alle relevante partners in de Regiegroep Duurzame Kind voorziening (DKV).  

 

 

 

1b. Twee keer was er een overleg over de Lokaal Educatieve jeugd Agenda .

2. Uitgevoerd Onderwijs Achterstanden Beleid (OAB).

2. Uitvoeren van het onderwijsachterstandenbeleid (OAB) 2024-2026.

Ja

Activiteiten uit het activiteitenprogramma 2024 en 2025 zijn uitgevoerd.

3. Uitwerken Koers Duurzame Kindvoorzieningen.

3. Doorontwikkeling van doorgaande leer-, en ontwikkellijn, waaronder onder andere een expertisecentrum en NT2.

Ja

Dit is een doorlopend proces dat in ontwikkeling blijft. De koers is geactualiseerd in 2025. Een aantal zaken zoals NT2 (Nederlands als Tweede taal), hoogbegaafdheid, ondersteuningsgroep en thuiszitters zijn opgestart en in uitvoering. Deze onderwerpen vormen de onderdelen van het expertisecentrum. In het nog te realiseren Integraal Kindcentrum (IKC) Zuid West Epe worden deze onderdelen ook fysiek gebundeld.

4. Uitvoeren integraal huisvestingsplan (IHP) onderwijsvoorzieningen 20232026.

4. Uitvoering van het integraal huisvestingsplan (IHP) onderwijsvoorzieningen 2023-2026 (inclusief addendum). Het betreft o.a. de RSG Noordoost-Veluwe Epe, de Sprenge Emst, het Mosterdzaadje Gortel, St. Bernardusschool.

Nee

De renovatie van het Sprengenbeek College is afgerond. De uitvoering van Het Mosterdzaadje en de Bernardusschool liepen vertraging op en starten met uitvoering in schooljaar 2026/2027.

Collegeprogramma 2022 - 2026

5. Opstellen van een integraal huisvestingsplan (IHP) onderwijsvoorzieningen.

5. Gerealiseerd

Ja

In 2023 vastgesteld door de gemeenteraad, met addendum in 2024. Actualisatie volgt in 2026.

 

Toelichting:

 

1. De (meerjarige) Lokaal Educatieve Jeugd Agenda is samen met het onderwijs en organisaties rond jeugd opgesteld.

2. Het beleidsplan onderwijsachterstandenbeleid is opgesteld met onderwijs, CJG en voorschoolse voorzieningen. Het wordt jaarlijks uitgewerkt in een activiteitenprogramma waarin de ontwikkelingen, doelstellingen en afspraken voor subsidieverlening opgenomen zijn voor dat jaar. In 2024 is het beleidsplan geactualiseerd en kent een looptijd 2024-2026. 

3/4. Het Integraal Huisvestingsplan Onderwijsvoorzieningen en het Koersdocument Duurzame Kindvoorzieningen zijn opgesteld in samenwerking met partners uit het domein onderwijs en jeugd.

 

Jeugdzorg

 

 

Portefeuillehouder: G. van den Berg

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Realiseren van effectieve en doelmatige Jeugdzorg.

1a. Uitvoering geven aan het uitvoeringsprogramma op het gebied van Jeugdzorg, als onderdeel van het integraal beleidsplan sociaal domein ''Samen voor elkaar" 2023-2027.

 

1b. Voorbereiding en implementatie nieuwe regionale inkoop Jeugd per 1-1-2026. 

 

Ja

 

 

 

 

 

Ja

1a. Er is extra geïnvesteerd in de inzet van ervaringsdeskundigheid. De website van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) is vernieuwd. Vanaf september 2025 is gestart met de doorontwikkeling van de kleinschalige verblijfsvoorzieningen. Er is een start gemaakt met het aanpassen van de verordening jeugdzorg en de beleidsregels. Het toegangsteam jeugdzorg is getraind in de verklarende analyse en de Top3methodiek.

 

 

1b. De ontwerpregeling GR jeugdzorgregio+ is vastgesteld door het college. Deze is ter goedkeuring voorgelegd aan de raad (eerste kwartaal 2026). Uitwerking van de ontwerpregeling vindt in 2026 plaats. Per 1-1-2026 is er een nieuwe inkoopovereenkomst met zorgaanbieders.

 

2. Realiseren van de Hervormingsagenda jeugdzorg.

2a. Uitvoering van het beleidskader voor de inzet van de extra Rijksmiddelen voor jeugdzorg. 

 

2b. (Boven)regionale en lokale uitwerking van de opgaven uit de Hervormingsagenda jeugdzorg (bijvoorbeeld onder andere implementatie gemeenschappelijke regeling (GR), afbouw residentiële toegang).

 

Ja

 

 

 

Ja

2a. De uitvoering heeft een langere looptijd dan 2025. De verschillende onderwerpen zijn opgepakt en structureel geborgd. Voor #Opladers en Kiva (preventief antipestprogramma) vindt nog een evaluatie plaats.

 

 

2b. Veel werkzaamheden zijn uitgevoerd. De vaststelling van de aangepaste verordening en implementatie van de nieuwe werkwijze toegangsteam volgt in 2026.

Collegeprogramma 2022 - 2026

3. Voortzetten preventieve voorzieningen gericht op (jeugd)gezondheid

 

3a. subsidieafspraken

Ja

Er zijn subsidieafspraken gemaakt voor de uitvoering van jeugdgezondheidszorg (0 tot 4) met Vérian.  Daarnaast zijn er subsidieafspraken gemaakt met de GGD voor taal- en spraakscreening. Ook zijn er subsidieafspraken gemaakt met Koppel-Swoe t.b.v. uitvoeren activiteiten “Jongeren op Gezond Gewicht” (JOGG). Het project Kansrijke Start is uitgevoerd. Er vonden twee pilots plaats: #opladers en Kiva.

Toelichting:

 

2. In deze Hervormingsagenda staan afspraken die landelijk tussen het rijk en de VNG gemaakt worden. In een afzonderlijk beleidskader, door de raad vastgesteld, is de richting van de inzet van de financiële middelen aangegeven.

 

 

Welzijnswerk jeugd en jongeren

 

 

Portefeuillehouder: M.B. Heere / G. van den Berg

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Aanbieden preventieve jeugdvoorzieningen.

1a. Subsidieafspraken maken voor de uitvoering van (voor)school(s)maatschappelijk werk, (SMW), jongerenwerk, JOGG, steunouder, verslaving, CJG4Kracht.

 

1b. Uitvoeren integraal aanbod preventie in het onderwijs.

 

Ja

 

 

 

 

 

Ja

1a. Er zijn subsidieafspraken gemaakt met Verian over de uitvoering van SMW met Koppel-Swoe voor jongerenwerk, steunouder en JOGG (jongeren op gezond gewicht). Dit geldt ook voor Tactus voor sw preventiemedewerker verslavingszorg en met Vérian en Entree Lindenhout voor CJG4kracht.

 

 


1b. Er is een doorlopend aanbod via de menukaart van voorlichtingen door verschillende organisaties waar het onderwijs gebruik van kan maken.

 

2 | Actief in Epe

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 2 | Actief in Epe - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen welzijn (o.a. sociaal cultureel werk en vrijwilligersondersteuning), sport en cultuur (waaronder ook kunst en bibliotheekwerk). Daarnaast valt ook het onderwerp accommodaties op de voornoemde terreinen onder dit programma.

De voorzieningen gericht op jeugd (0-18 jaar) vallen binnen programma 1 “Opgroeien in Epe”.

Dit programma draagt in belangrijke mate bij aan de leefbaarheid in de dorpen en wijken (inzet van voorzieningen, aandacht voor ontmoeting, tegengaan overlast en criminaliteit, kwaliteit van de woonomgeving). Er bestaat een relatie hierbij met de programma’s 3 “Zorg en opvang” (maatschappelijke ondersteuning), 4 “Leefbaar en veilig” (veilige leefomgeving) en 6 “Epe op orde” (openbare ruimte).

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 2 | Actief in Epe - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2016 2020 2022 2024
Niet-wekelijkse sporters 47,6% 51,1% 48,3% 48,3%
Het percentage inwoners dat niet wekelijks sport ten opzichte van het totaal aantal inwoners.
Vanuit de verplichte bron van deze indicator zijn niet bij alle indicatoren recentere data beschikbaar.

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 2 | Actief in Epe - Wat hebben we daarvoor gedaan

Welzijn

 

 

Portefeuillehouder: G. van den Berg / M.B. Heere

 

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Realiseren aanbod welzijnsactiviteiten. 

1a. Subsidieafspraken maken met professionele en vrijwilligersorganisaties over de inhoudelijke uitvoering van welzijnsactiviteiten, waaronder vrijwilligersondersteuning, mantelzorgondersteuning, sociaal cultureel werk en buurtpunten en de monitoring daarvan. 

 

1b. Implementatie van de resultaten onderzoek naar toekomstbestendige inzet van de Buurtpunten.

Nee

 

 

 

 

 

 

 

 

Nee

1a. In 2025 heeft dit stilgelegen. Er worden op dit moment aanvullende afspraken gemaakt met de mantelzorgconsulent en ouderenconsulent m.b.t. aanvullende dienstverlening (1 op 1) gericht op welzijnsactiviteiten. Afgerond eind Q1 2026. Doorontwikkeling van de buurtpunten is vormgegeven.

 

 

 

 

 

 

1b. Het onderzoek bood nog niet het volledige inzicht en krijgt een vervolg.

Collegeprogramma 2022 - 2026

2. Invoeren vernieuwd helder en transparant subsidiebeleid.

2. Gerealiseerd

Ja

In 2023 gerealiseerd.

 

3. Opstellen van een beleidsvisie voor toekomstbestendige accommodaties

3. Gerealiseerd

Ja

In februari 2023 heeft de raad de visie op toekomstbestendige maatschappelijke accommodaties en het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs vastgesteld. 

4. De beleidsvisie voor toekomstbestendige accommodaties per gebied uitwerken in uitvoeringsplannen.

4. Uitwerking van plannen rondom Sportpark Wachtelenberg, Bibliotheek Epe, de Wieken, buitensport Vaassen en Balai Pusat.

Nee

Bibliotheek Epe: een bouwkundig en installatietechnisch ontwerp is opgesteld.

 

De Wieken: een voorstel met variant is aan de raad voorgelegd. In 2026 wordt op het verzoek van de raad aanvullende informatie verzameld om opnieuw een voorstel ter besluitvorming voor te kunnen leggen met een voorkeursvariant.

 

Balai Pusat: een uitgebreid participatie traject als onderdeel van het haalbaarheidsonderzoek is voltooid. De raad heeft krediet beschikbaar gesteld om een voorlopig ontwerp voor renovatie te maken en deze door te vertalen naar mogelijkheden voor nieuwbouw. Een voorstel wordt in 2026 ter besluitvorming aan de raad voorgelegd om voor renovatie of nieuwbouw te kiezen.

 

Vanwege de behoefte in de samenleving om nu tot concrete plannen te komen, werken we op verschillende locaties gezamenlijk aan uitvoeringsplannen, in plaats van toe te werken naar één groot plan voor de hele gemeente. Wel wordt gewerkt aan een integrale opdracht om ons vastgoed te professionaliseren. Een onderdeel hiervan is het verdiepen van deze visie. 

 

 

Sport en cultuur

 

 

 Portefeuillehouder: G. van den Berg/M.B. Heere 

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Realiseren van aanbod sport en cultuur.

1. Subsidieafspraken maken over sociaal culturele en sportieve activiteiten, musea en bibliotheek

Ja

De subsidie-afspraken zijn gemaakt

2. Uitvoeren beleid sport, kunst en cultuur.

2a. Uitvoering geven aan het uitvoeringsprogramma op het gebied van sport, kunst en cultuur, dat volgt uit het integraal beleidsplan sociaal domein ''Samen voor elkaar" 2023-2027.

 

2b. Uitvoeren regionaal cultuur- en erfgoedpacht.

Ja

2.a Het beleidsplan Spelen, Bewegen en Ontmoeten is vastgesteld door de raad. Momenteel wordt er gewerkt aan een uitvoeringsplan. Er is onderzoek gedaan naar de kosten voor sportverenigingen bij het vervangen van de sportvelden voor de periode 2024-2034. Op basis van dit onderzoek is er inzicht in de financiële gevolgen op basis van de 1/3-  2/3 regeling.

 

2b. De pact periode 2022-2024 is na verlenging van een jaar eind 2025 afgerond. Met het Cultuur en Erfgoedpact 2025-2027 stimuleren we dat meer inwoners actief deelnemen aan kunst, cultuur en erfgoed.

3. Inzet van buurtsportcoaches en cultuurmakelaar.

3a. Uitvoeren jaarplan buurtsportcoaches.

 

3b. Uitvoeren jaarplan cultuurmakelaar.

Ja

3a. Activiteiten/uitvoeringsprogramma buurtsportcoaches is volgens planning en afspraken uitgevoerd

 

3b. Jaarplan uitgevoerd volgens planning. De website Culturele Agenda (Cultureel platform) is van start gegaan.

Collegeprogramma 2022 - 2026

4. Bevorderen van spelen, sporten en bewegen in de openbare ruimte. 

4. Vaststellen en uitvoeren van het speelruimte beleidsplan.

Ja

Het beleidsplan Spelen, Ontmoeten en Bewegen (voorheen tenaamstelling speelruimte beleidsplan) is opgesteld en medio 2025 vastgesteld door de raad.

Toelichting

 

3. Het betreft activiteiten op het gebied jeugd, jongeren en ouderen (buurtsportcoach) en op het gebied van kunst en cultuur (cultuurmakelaar). 

 

 

3 | Zorg en opvang

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 3 | Zorg en opvang - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen maatschappelijke ondersteuning (vanuit de Wmo), gezondheid, maatschappelijke opvang, basismobiliteit, algemeen maatschappelijk werk en integratie/inburgering van nieuwkomers.
Het programma richt zich met name op groepen inwoners uit de samenleving die kwetsbaar zijn. Kernbegrippen zijn daarbij bevorderen zelfredzaamheid en participatie. Er bestaat een relatie met de programma’s: 1 “opvoeden en opgroeien” (jeugdgezondheidszorg), 2 “Actief in Epe” (welzijnsvoorzieningen), 4 “Leefbaar en veilig” (leefbaarheid) en 10 “Weer aan het werk” (bevordering arbeidsparticipatie).

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 3 | Zorg en opvang - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2022 2023 2024 2025
Wmo-cliënten met een maatwerk-arrangement per 10.000 inwoners. 530 570 530 560
Een maatwerkarrangement  is een vorm van specialistische ondersteuning binnen het kader van de Wmo.

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 3 | Zorg en opvang - Wat hebben we daarvoor gedaan

Maatschappelijke Zorg                  

 

 

 Portefeuillehouder: G. van den Berg

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Realiseren van effectieve en doelmatige zorg vanuit de Wmo.

1a. Uitvoering geven aan het uitvoeringsprogramma op het gebied van Wmo, als onderdeel van het integraal beleidsplan sociaal domein ''Samen voor elkaar" 2023-2027.

 

1b. Voorbereiding en uitvoering nieuwe regionale

Inkoop Wmo per 2026.

 

1c. voorbereiding en uitvoering nieuwe werkwijze uitvoering convenant beschermd Wonen 2023 -2028.

Ja

 

 

 

 

 

Ja

 

 

 

Ja

1a Er is uitvoering gegeven aan het uitvoeringsprogramma op het gebied van de Wmo. De aanbesteding en implementatie van de regionale aanbestedingen voor trapliften is in 2025 afgerond.

 

 


1b Er is een nieuwe inkoopovereenkomst sinds 1 januari 2026. De productontwikkeling wordt verder opgepakt in 2026.

 

 

1c Gestart in 2025. In januari 2026 vond de eerste evaluatie plaats. Een tekort aan woningen maakt de intensieve hersteltrajecten lastig haalbaar. Er wordt met zorgaanbieders gekeken naar het aanbieden van extra plekken m.b.t. scheiden wonen en zorg

2. Aanbieden vervoersysteem basismobiliteit (PlusOV).

2. Monitoren van het vervoerssysteem basismobiliteit en uitvoeren plan van aanpak basismobiliteit.

Ja

Monitoring wordt regionaal opgepakt en is uitgevoerd. Er zijn veel onderdelen uit het Plan van Aanpak Basismobiliteit uitgevoerd, maar plan wordt ook continu geactualiseerd. Zo zijn er de afgelopen jaren ook meerdere maatregelen bij gekomen. Keuze voor uitvoering van een maatregel gaat in regioverband.

3. Realiseren aanbod voorliggende voorzieningen zorg en gezondheid.

3a. Subsidieafspraken maken over de uitvoering van voorliggende voorzieningen.

 

3b. (Door)ontwikkeling van voorliggende voorziening voor meer kwetsbare inwoners/inwoners die uitstromen uit beschermd thuis.

 

Ja

 

 

Ja

3a Er zijn nieuwe subsidieafspraken gemaakt met de buurtpunten en de Helpende Handen. Focus ligt nu meer op verantwoording van de subsidie en meer sturing op zelfredzaamheid van inwoners

 

3b Korak heeft een locatie in Heerde en er vinden structureel gesprekken plaats om het aanbod zo goed mogelijk op de behoeften te laten inspelen.

4. Opvangen van statushouders/asielzoekers/vluchtelingen Oekraïne.

4. Realiseren van voldoende huisvesting en de daarbij benodigde voorzieningen (toegankelijkheid naar gezondheidszorg, onderwijs en welzijn/ondersteuning) om statushouders/asielzoekers/ ontheemden uit Oekraïne in onze gemeente op te vangen.

Ja

De taakstelling huisvesting statushouders is gerealiseerd. Ook voldoet de gemeente Epe met de aankoop van de Oenerweg aan de taakstelling voor Oekraïense Ontheemden.

5. Integraal werken aan zorg & veiligheid.

5a. Signaleren mogelijke onveilige situaties in samenwerking met (zorg)partners en actie op ondernemen en partners hierop toerusten.

 

5b. Implementatie lokaal uitvoeringsplan regiovisie huiselijk geweld.

Ja

 

 

 

 

Ja

5a. Het document Samenwerken aan Zorg en Veiligheid is vastgesteld en er zijn verschillende bijeenkomsten geweest voor professionals. De AVE (aanpak voorkomen escalaties) wordt doorontwikkeld.

 

 

 

5b. Het regionale uitvoeringsplan “Samen tegen huiselijk geweld 2024- 2028" en de lokale uitvoeringsagenda zijn vastgesteld en worden uitgevoerd.

Collegeprogramma 2022 - 2026

6. Realiseren van goede, toegankelijke, doeltreffende en vindbare zorg en ondersteuning.

6. Onderzoek naar en doorvoeren van verbetermogelijkheden ten aanzien van vindbaarheid van ondersteuning.

Ja

Het uitvoeringsprogramma is uitgevoerd. Daarnaast is het traject voor het verbeteren van de bekendheid en vindbaarheid van cliëntondersteuning in de afrondende fase. Vanuit het project is bij verschillende overlegstructuren de inzet van onafhankelijk cliëntondersteuners aangekaart en toegelicht om de bekendheid en het bereik te vergroten.

7. Voortzetten preventieve voorzieningen gericht op (jeugd)gezondheid

7a. Uitwerking van het uitvoeringsprogramma zorg en gezondheid, als onderdeel van het integraal beleidsplan sociaal domein ''Samen voor elkaar" 2023-2027.

 

7b. Uitvoeren van plan van aanpak Brede SPUK Gezond en Actief Leven Akkoord in aansluiting op de doelen van het Integraal Zorgakkoord en de bijbehorende gemeentelijke inzet op de lokale activiteiten gericht op de doelen van het regioplan vanuit het Integraal Zorgakkoord.  

 

Ja

 

 

 

 

 

Ja

7a. We voeren de Wet Publieke Gezondheid uit samen met de GGD en geven uitvoering aan de Bestuursagenda 2023-2027. Verder is het uitvoeringsprogramma met name uitgewerkt onder de diverse akkoorden (7b).

 

 

 

7b. Vanuit de diverse akkoorden werkten en werken we samen met lokale en regionale partijen om de mentale en fysieke gezondheid van onze inwoners te bevorderen, gezondheidsproblemen te voorkomen en de zorg toekomstbestendiger te maken:

 

-          Tot en met 2023 gaven we uitvoering aan het Lokaal Preventieakkoord.

-          Van 2023-2026 wordt uitvoering gegeven aan het Integraal Zorgakkoord (IZA) en het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). De GALA-middelen zijn onder andere besteed aan het Sportakkoord, Middelengebruik, Valpreventie, Welzijn op Recept en Kansrijke Start. De IZA-middelen zijn onder andere besteed aan de pilot Samenredzame gemeenschappen en de campagne Praat Vandaag over Morgen.

-          Vanaf 2027 geven we uitvoering aan het Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord, met als doel om de samenwerking tussen het medische, zorg en sociale domein te versterken. 

 

Mede door deze akkoorden zijn er in de afgelopen bestuursperiode nieuwe samenwerkingen en afspraken ontstaan

8. Opstellen van een inclusieagenda. 

8. Vaststellen en uitvoeren van inclusie- en diversiteitsagenda. 

Ja

De inclusie- en diversiteitsagenda is in 2025 vastgesteld. In het eerste kwartaal van 2026 wordt een concrete uitvoeringsplanning opgesteld, waarin de acties voortvloeiend uit het inclusie- en diversiteitsbeleid concreet worden uitgewerkt en de bijbehorende acties worden ingezet.

Toelichting:

 2. Basismobiliteit betreft maatwerkvervoer (Wmo-, Jeugdwet- en leerlingenvervoer) in de regio omvattende de gemeenten Apeldoorn, Brummen, Deventer, Hattem, Heerde, Epe, Lochem, Voorst en Zutphen.
4. Het gaat om te voldoen aan de wettelijke verplichting (taakstelling) om statushouders/asielzoekers/ontheemden uit Oekraïne in onze gemeente op te vangen.
5. Nakomen van de afspraken zoals vastgelegd in samenwerkingsdocument Zorg en Veiligheid binnen de huidige samenwerkingsstructuren.
6. Het betreft de uitwerking van de visie in de Sociale Agenda.
8. Het opstellen van deze agenda komt onder meer voort uit het VN-verdrag handicap. De activiteit is onderdeel van de uitvoeringsagenda bij het integraal beleidsplan sociaal domein ''Samen voor elkaar" 2023-2027.

 

4 | Leefbaar en veilig

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 4 | Leefbaar en veilig - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen brandweer, politie, criminaliteit en overlast, crisisbeheersing/ rampenbestrijding, leefbare en veilige leefomgeving. Het programma geeft invulling aan de brede begrippen van leefbaar en veiligheid. Het onderwerp integrale veiligheid valt ook onder dit programma. Er bestaat een relatie met de programma’s 1 “Opgroeien in Epe”, 2 “Actief in Epe”, 3 “Zorg en Opvang” en 6 “Epe op orde”. Verder is er een relatie met programma 8 “Toezicht en handhaving”. Binnen dit programma vindt de uitvoering plaats van de diverse leefbaarheids- en veiligheidsaspecten.

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 4 | Leefbaar en veilig - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2022 2023 2024 2025
Winkeldiefstal 1,2 1,7 1,5 1,0
Het aantal winkeldiefstallen per 1.000 inwoners.
Geweldsmisdrijven 3,0 2,9 2,9 2,2
Het aantal geweldsmisdrijven per 1.000 inwoners.
Diefstal uit woningen 1,1 0,8 2,1 1,0
Het aantal diefstallen uit woningen per 1.000 inwoners.
Vernielingen en misdrijven tegen openbare orde en gezag 4,5 4,4 3,3 3,7
Het aantal vernielingen en beschadigingen per 1.000 inwoners.

Wat willen we bereiken

Terug naar navigatie - 4 | Leefbaar en veilig - Wat willen we bereiken

Strategische doelen:

  1. Bevorderen van een leefbare en veilige woon- en leefomgeving.
  2. Bevorderen van bijdragen van bewoners aan de leefbaarheid in de kernen en wijken.
  3. Bevorderen van een goede, geoefende organisatie die snel en adequaat kan optreden bij een calamiteit of ramp

 

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 4 | Leefbaar en veilig - Wat hebben we daarvoor gedaan

Veiligheid

 

 

Portefeuillehouder: T.C.M. Horn

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Bevorderen kwaliteit basis brandweerzorg.

1a. Opstellen plan van aanpak voor vervanging brandweerkazerne Oene en start van uitwerking plan.

 

1b. Uitvoeren gebiedsgerichte aanpak natuurbrandbeheersing.

Ja

 

 

 

Ja

1a. Proces om grond aan te kopen is in uitvoering.

 

 

 

1b. Diverse bewustwordingssessies zijn gegeven. We zijn voorloper in de VNOG. Eén van de twee evacuatie verkeersplannen is klaar. Enkele brandputten zijn al geslagen en een aanbesteding wordt binnenkort opengesteld.

2. Uitvoeren integraal veiligheidsbeleid.

2a. Opstellen en uitvoeren jaarplan gedigitaliseerde criminaliteit.

 

2b. Opstellen en uitvoeren jaarplan ondermijning.

 

2c. Opstellen en uitvoeren jaarplan jeugd.

 

Ja

Uitvoeringsprogramma’s voor gedigitaliseerd criminaliteit, ondermijning en jeugd zijn opgesteld in 2024 voor 2024 en 2025. Deze zijn grotendeels uitgevoerd. De evaluatie hiervan gaat als informatienota naar de raad.

3. Verbeteren crisisbeheersing en rampenbestrijding.

3. Uitvoeren jaarlijkse oefeningen/trainingen gemeentelijke organisatie.

Ja

Er is gebruik gemaakt van de Irene-sirene leerprikkelaar voor de training van de interne organisatie, ook zijn de aangeboden trainingen vanuit VNOG gevolgd door de lokale crisisambtenaren. Er is een multidisciplinaire oefening geweest met het gemeentelijk beleidsteam (GBT).

Collegeprogramma 2022-2026

4. Periodiek actualiseren van lokaal plan van aanpak ondermijning.

Zie 2b.

Ja

We hebben gewerkt aan het professionaliseren van het Bibob proces met behulp van de provincie. We hebben intern (o.a. vanuit het integriteitsteam) gewerkt aan bewustwording op ondermijning. In het buitengebied hebben we ook een bewustwording actie gedaan vanuit het platform veilig ondernemen. Er zijn integrale controles uitgevoerd in onder andere de ondermijningsweek. Er zijn trainingen gevolgd voor de aanpak van mensenhandel. We zijn gestart met informatiegericht werken op ondermijning. Daarnaast zijn er twee panden/woningen gesloten op basis van de wet Damocles (drugs) en zijn er drie lasten onder dwangsom hiervoor opgelegd

 

Leefbaarheid

 

 

 

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

Collegeprogramma 2022-2026

1. Gebiedsgericht werken als werkwijze verder uitwerken.

1a. Afronden besluitvorming over het uitvoeringsplan inwonersgericht werken/inwonersparticipatie.


1b. Realiseren van activiteiten uit het uitvoeringsplan inwonersgericht werken/inwonersparticipatie.

Nee

 

 

 

Nee

1a. Er is ingezet op inwonersgericht werken, door onder andere de initiatieventafel, het subsidiëren van een aantal initiatieven vanuit de goed voor elkaar regeling en doorontwikkeling van die regeling. Parallel daarin is gestart met het opstellen van het uitvoeringsprogramma. 

 

1b. Omdat er nog geen uitvoeringsplan is, konden ook nog geen activiteiten uit dit plan worden uitgevoerd. Wel zijn diverse andere activiteiten gestart.

 

5 | Ruimte en Wonen

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 5 | Ruimte en Wonen - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen ruimtelijke ordening, grond- en woningexploitatie, bouw- en woningtoezicht en volkshuisvesting. Het onderdeel bouw- en woningtoezicht heeft een uitvoerend karakter. De activiteiten voor woningexploitatie zijn beperkt.

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 5 | Ruimte en Wonen - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2021 2022 2023 2024
Nieuwbouwwoningen 5,2 1,6 5,3 6,6
Het aantal nieuwbouwwoningen, per 1.000 woningen.
Vanuit de verplichte bron van deze indicator zijn niet bij alle indicatoren recentere data beschikbaar.

Wat willen we bereiken

Terug naar navigatie - 5 | Ruimte en Wonen - Wat willen we bereiken

Strategische doelen:

  1. Bevorderen van de ruimtelijke kwaliteit om een goed woon-, werk- en leefklimaat te ondersteunen.
  2. Bevorderen van een diversiteit aan woonaanbod om de leefbaarheid in de dorpen op peil te houden voor jong en oud.
  3. Behouden van het in de gemeente aanwezige cultuur- en natuurhistorisch erfgoed. 
  4. Beheerste en duurzame ontwikkeling van het buitengebied.

 

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 5 | Ruimte en Wonen - Wat hebben we daarvoor gedaan

Ruimtelijke ontwikkeling

 

 

Portefeuillehouder: M. Kerkmans

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Ontwikkeling woningbouwplannen volgens omgevingsvisie gemeente Epe

1. Vaststellen Omgevingsplannen 't Slath, Zuukerenk, en Kerkenland.

Nee

De woningbouwplannen zijn in ontwikkeling, maar de omgevingsplanwijzigingen zijn nog niet vastgesteld.  Wijziging omgevingsplan Kerkenland wordt naar verwachting in het eerste kwartaal 2026 als ontwerp ter inzage gelegd.

2. Ontwikkeling woningbouwplannen volgens de Woonagenda.

2a. Vaststellen Omgevingsplan voor transformatie en inbreiding, zoals Klaarbeek-West en De Kopermolen.

 

2b. Vaststellen Omgevingsplan voor sociale woningbouw, zoals Zuukerschool

 

Nee

 

 

 

Nee

2a. De Kopermolen; plannen concreet, in 2026 vaststelling wijziging omgevingsplan.

Klaarbeek West; plannen zijn nog niet concreet genoeg voor verdere ontwikkeling.

 

 

2b. Zuukerschool; plannen klaar voor verdere uitwerking, onderzoeken en vrijmaken terrein.

3. Implementatie Omgevingswet.

3. Fasegewijze uitwerking van het transitieplan Omgevingsplan; in 2025 betreft dit het bouwonderdeel van de bruidsschat.

Ja

De eerste wijziging van het omgevingsplan is in december 2025 door de gemeenteraad vastgesteld en inmiddels in werking getreden. In deze eerste wijziging is de structuur van het omgevingsplan ingericht en zijn de bouwregels uit de bruidsschat daarin verwerkt. Onderdeel 2025 is daarmee afgerond.

In de opvolgende jaren (tot 2032) wordt het omgevingsplan verder opgebouwd, waarbij o.a. de bestemmingsplannen, Verordening Fysieke Leefomgeving (VFL) en het milieudeel van de bruidsschat worden verwerkt.

4. Realiseren bedrijventerrein Eekterveld IV.

4. Uitgifte locaties (afhankelijk van beroepsprocedure)

Nee

Nog geen uitgifte in afwachting van beroepsprocedure.

Collegeprogramma 2022-2026

5. Ontwikkelen van een plan voor de herinrichting van het centrum van het dorp Epe.

5a. Vaststellen voorlopig ontwerp Hoofdstraat Epe.

 

5b. Opstellen definitief ontwerp Hoofdstraat Epe.

Nee

 

 

Nee

5a. De gemeenteraad stelde in 2025 een voorkeursvariant vast. Voor 2026 is het vaststellen van het voorlopig ontwerp en definitief ontwerp gepland.

 

5b. Gepland voor 2026

6. Uitvoeren van fase 2 en 3 uit van de herinrichting van het centrum van het dorp Vaassen.

6a. Afronden uitvoering herinrichtingsplan fase 2 (rondom Dekamarkt).

 

6b. Vaststellen bestemmingsplan fase 3 (ontvangstlocatie Cannenburch) en start uitvoering.

Ja

 

 

Nee

6a. Fase 2 is opgeleverd.

 

 

6b. Voorbereiding fase 3 is in uitvoering maar nog niet vastgesteld. Het ontwerp bestemmingsplan dat ter inzage is gelegd is teruggetrokken en er is een nieuw proces gestart. De planning is dat er in 2026 een definitief ontwerp en een gewijzigd omgevingsplan kan worden vastgesteld.

7. Met ingang van de wettelijke invoeringsdatum kunnen werken onder en met de Omgevingswet.

7. Gerealiseerd

Ja

Alle noodzakelijke wijzigingen zijn doorgevoerd om te kunnen werken onder de Omgevingswet. Vanaf 2026 wordt aan de hand van het Actieplan Implementatie Omgevingswet een doorstart gemaakt met de verdere borging en uitvoering van Omgevingswet-gerelateerde acties.

Toelichting:

1. Particuliere initiatieven voor woningbouw worden positief benaderd volgens de Woonagenda. 

3. De wet is per 1 januari 2024 in werking getreden. De invoering van de Omgevingswet vindt fasegewijs plaats en heeft een meerjarig karakter. 

 

Wonen

 

 

Portefeuillehouder: M. Kerkmans

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Opstellen woonzorgagenda.

1. Vaststellen Woonzorgagenda.

Nee

De vaststelling van de Woonzorgagenda is uitgesteld. De voorbereiding van het ‘afsprakenkader aandachtsgroepen’ vanuit de regio Stedendriehoek vraagt meer tijd dan verwacht. Daarnaast is ook de wet ‘versterking regie volkshuisvesting’ vanuit het rijk nog niet vastgesteld. Vanuit de provincie is het advies om nu geen woonzorgvisie of woonzorgagenda op te gaan stellen. De verwachting is dat het Volkshuisvestingsprogramma er komen gaat en dan is het logischer om dit traject te hebben doorlopen.

Collegeprogramma 2022-2026

2. Actualiseren van de Woonagenda.

2. Gerealiseerd

Ja

Woonagenda is door de raad vastgesteld.

3. Realiseren van betaalbare woningen in zowel de huur- als de koopsector. 

3a. Met initiatiefnemers afspraken maken over een evenwichtige en betaalbare woningbouwprogrammering.

 

3b. Met de corporatie afspraken maken over de bouw van sociale huurwoningen.

Ja

3a. Continu proces bij alle woningbouwlocaties en initiatieven om dit in de gaten te houden volgens gemaakte afspraken in woondeal en volgens ons prijsklassenbeleid.

 

 

3b. Er zijn in deze periode netto 281 woningen opgeleverd. Daarvan is 31% sociale huur en 67% betaalbaar

4. Mogelijkheden zoeken voor (tijdelijke) huisvesting van Oekraïense vluchtelingen, statushouders en overige doelgroepen.

4. Met partners huisvesten van statushouders volgens de geldende taakstelling.

Ja

Alle mogelijke locaties die zijn aangedragen worden sinds het najaar langs een aantal criteria gelegd. Dit blijven we continu doen bij nieuwe potentiële locaties.

Toelichting:

 

2. Deze agenda is erop gericht om bij te dragen om de bouw van voldoende woningen in onze gemeente te realiseren met de mogelijkheden van versnelling. 

3. Het gaat om woningen die voorzien in de behoefte voor onze inwoners.

 

Ruimte overig

 

 

Portefeuillehouder: M. Kerkmans / G. van den Berg

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Actualiseren cultuurhistorisch beleidskader.

1a. Afronden besluitvorming cultuurhistorisch beleidskader.

 

1b. Opstellen uitvoeringsprogramma en starten met uitvoering.

Ja

 

 

Ja

1a. Erfgoedbeleid is vastgesteld in mei 2025.

 

 

1b. Uitvoeringsprogramma maakt onderdeel uit van vastgesteld Erfgoedbeleid.

Met ingang van 2026 is een erfgoedadviseur aangesteld die start met de uitvoering.

Collegeprogramma 2022-2026

2. Gebiedsgericht uitwerken van de omgevingsvisie.

2b. Opstellen en besluitvorming over Omgevingsprogramma’s. 

 

2b. Start uitwerking eerste Omgevingsprogramma.

Ja

 

 

Ja

In 2024 is gestart met het uitwerken van het instrument Omgevingsprogramma onder de Omgevingswet. Hiervoor is een notitie opgesteld en in juni 2025 vastgesteld.

 

Eind 2025 is een start gemaakt met het opstellen van een warmteprogramma en dat is een omgevingsprogramma onder de Omgevingswet.

 

3. Actualiseren nota grondbeleid.

3. Gereed

Ja

De nota grondbeleid is vastgesteld

4. Onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om de cultuurhistorische waarde van de Musafir kerk te behouden.

4. Uitvoeren onderzoek naar mogelijkheden.

Ja

Onderzoek is afgerond. Het initiatief om een vervolg te geven aan de mogelijkheden ligt nu bij de eigenaar

Toelichting:

 

3. Deze nota is erop gericht om bij te dragen aan de realisatie van voldoende woningen in onze gemeente. Daarbij wordt ook gekeken naar de mogelijkheden van versnelling van bouwen van woningen, door middel van actievere grondpolitiek.

 

 

6 | Epe op orde

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 6 | Epe op orde - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen betreffende het beheer en onderhoud van dat deel van de openbare ruimte dat kan worden beschreven als de bovengrondse infrastructuur en toebehoren. Het gaat dan om de zorg dat de wegen en pleinen, woonstraten en -erven hun functie adequaat kunnen blijven vervullen.

Wat willen we bereiken

Terug naar navigatie - 6 | Epe op orde - Wat willen we bereiken

Strategische doelen:

  1. Bevorderen van een leefomgeving (openbare ruimte) die schoon en heel is.
  2. Bevorderen van een duurzaam toegankelijk en aantrekkelijk openbaar gebied.
  3. Bevorderen van een duurzame, veilige en gezonde mobiliteit.

 

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 6 | Epe op orde - Wat hebben we daarvoor gedaan

Verkeer en vervoer

 

 

Portefeuillehouder: M. Kerkmans / A.H.M. van Loon

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Uitvoeren van wegenbeleidsplan.

1. Uitvoeren onderhoud wegen om deze in stand te houden op het vastgestelde niveau.

Ja

Onderhoudsniveau is deels onder niveau en heeft nog jaren nodig om op niveau te komen

2. Uitvoeren van beheerplan civiele kunstwerken (bruggen).

2. Uitvoeren van regulier onderhoud.

 

Ja

In het regulier onderhoud is een kleine achterstand. In 2025 is dit deels weggewerkt. De resterende achterstanden worden in 2026 weggewerkt. Eens per 3 jaar wordt een brug vervangen. Dit zijn bruggen met een totaallast beperking.

3. Aanleg van een hoogwaardige fietsroute vanaf (de gemeentegrens met) Apeldoorn naar Epe. 

3a. Vaststellen definitief ontwerpplan van de fietsroute.

 

3b. Start realisatie van het definitief ontwerpplan van de fietsroute.

 

Ja

 

 

Ja

3a. Definitief ontwerpplan is vastgesteld.

 

 

3b. Er is gestart met de realisatie van het definitief ontwerpplan van de fietsroute.

4. Aanleg fietspad Epe-Oene 

4. Voorbereiden realisatie 2e fase fietspad Epe- Oene vanaf Hoevenstraat in Epe.

Nee

Voor de tweede fase van het fietspad Epe–Oene zijn voorbereidende werkzaamheden verricht, in samenhang met de uitwerking van fase 1. Voor fase 1 is een uitgewerkt voorkeursontwerp opgesteld en is subsidie aangevraagd bij de provincie Gelderland. Naar aanleiding van inspraakreacties en een raadsconsultatie op 15 januari 2026 heeft de raad aangegeven de Eperweg–Oenerweg als één samenhangend geheel te willen heroverwegen. Dit vraagt om nadere bestuurlijke besluitvorming over scope en fasering. In afwachting daarvan is de verdere uitwerking van fase 2 nog niet opgepakt.

 

Collegeprogramma 2022-2026

5. Uitvoeren gemeentelijk mobiliteitsplan.

5. Uitwerken plannen voor 2025 uit het uitvoeringsprogramma Mobiliteit waaronder Herinrichting Deventerstraat Vaassen en Verkeersplan Oene.

Ja

In 2025 is de planvoorbereiding gestart voor de herinrichting van de Eperweg tussen Emst en Epe, het Verkeersplan Oene, de herinrichting Deventerstraat in Vaassen, verkeersplan Gortelseweg en aanpak kruispunt Dorpsstraat-Julianalaan. Dit loopt door in 2026, waarna uitvoering volgt.

 

6. Opzetten “Mobiliteitsfonds” voor financiering van de gewenste maatregelen uit het Mobiliteitsplan.

6. Gerealiseerd

Ja

Middelen zijn in de begroting opgenomen

Toelichting:

 

4. Het betreft de uitvoering van de motie van de raad (10-3-2022).

5. Dit fonds dient ook om cofinanciering te verkrijgen bij de regio, provincie en Rijk.

 

Beheer openbare ruimte

 

 

Portefeuillehouder: A.H.M. van Loon

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Onderhoud Openbare Ruimte.

1a. Beheer Openbare Ruimte (groen en grijs) volgens onderhoudsplannen.

 

1b. Toezicht op de uitvoering van de contracten betreffende de uitbestede taken

Ja

 

 

Ja

1a. Beheer Openbare Ruimte (groen en grijs) vindt plaats volgens onderhoudsplannen.

 

 

1b. Toezicht op de uitvoering van de contracten betreffende de uitbestede taken vindt plaats door toezichthouders.

2. Actualiseren beleidsplan begraafplaatsen.

2. Vaststelling beleidsplan begraafplaatsen.

Ja

Het beleidsplan is vastgesteld. De realisatie van de 11 uitvoeringsopgaven vindt plaats in 2026 en 2027.

3. Uitvoeren gebiedsdekkende routes knooppuntensysteem.

3. Afhankelijk van uitvoering project recreatiezonering voor Veluwe.

Ja

Fietsknooppuntensysteem is al enige tijd afgerond, ruiterroutes zijn in 2025 aangepast en momenteel is het routebureau de wandelroutes in het gemeentebos aan het uitzetten.

4. Realiseren van maatregelen in de openbare ruimte die inspelen op de gevolgen van klimaatverandering.

4. Betreft maatregelen die nu al worden uitgevoerd zoals vergroenen van de openbare ruimte en opgenomen worden in het in ontwikkeling zijnde klimaatadaptieplan (programma 7, onderdeel: milieu algemeen).

Ja

Voorafgaand aan de vaststelling van het beleidsplan klimaatadaptatie is in meerdere projecten werk gemaakt van maatregelen in de openbare ruimte die inspelen op de gevolgen van klimaatverandering. Voorbeelden zijn aangelegde wadi’s in de Vegtelarij, het afkoppelen van de Krugerstraat en omgeving, de aanleg van infiltratieriool in het centrum van Vaassen en het ontstenen en vergroenen van de openbare ruimte, zoals het Marktplein en Ratelplein in Epe.

5. Opstellen integraal groenbeleid.

5. Opstellen van integraal groenbeleidsplan (omvat actualisatie bomenbeleidsplan/ groenstructuurplan/ landschapsontwikkelingsplan).

Nee

Het opstellen van de Integrale Groenvisie is in 2025 uitgevoerd en heeft ter inzage gelegen van 16-12-2025 t/m 26-01-2026. De visie zal medio mei 2026 aan de raad ter vaststelling worden aangeboden.

 

Collegeprogramma 2022-2026

 

 

 

6. Opstellen integraal beleidsplan voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte.

6. Opstellen integraal beleidsplan voor het beheer en onderhoud van de openbare ruimte.

Nee

Door capaciteitsgebrek werd in het eerste kwartaal 2025 een start gemaakt met het opstellen. Het beleidsplan zal naar verwachting in het eerste kwartaal 2027 ter besluitvorming worden voorgelegd.

 

7. Uitvoeren haalbaarheidsonderzoek naar mogelijkheden bovengronds brengen van de Dorpsbeek in dorpskern Epe.

7. Haalbaarheidsonderzoek wordt uitgevoerd. Op basis van resultaten volgt besluitvorming over haalbaarheid.

Ja

Het haalbaarheidsonderzoek is opgeleverd en in november 2025 is over het vervolg besloten door de gemeenteraad.

Toelichting:

 

1a. Bij vaststelling van het Beeldkwaliteitssysteem Openbare Ruimte (2006) is bepaald dat de centra op hoog niveau en de wijken op minimaal laag niveau worden onderhouden. Als onderdeel van het uitvoeringsplan “Ombuigingen openbare ruimte 2011” is het onderhoudsniveau van de dorpscentra bijgesteld naar niveau basis. Het bosbeheer is gericht op het geïntegreerd samengaan van de functies houtproductie, recreatie en natuur. Door natuurlijke processen te benutten worden deze functies verder ontwikkeld.

6. Het integraal beleidsplan wordt afgestemd op de Omgevingsvisie en het Mobiliteitsplan. Het plan richt zich op een integrale werkwijze rondom beheer en onderhoud van de openbare ruimte waaronder openbaar groen, wegen, civiele kunstwerken, watertaken, riolering in relatie tot veiligheid, klimaatadaptatie, biodiversiteit, toegankelijkheid en beleving. Het opstellen van het plan gaat in samenspraak met ketenpartners, bewoners en organisaties.

 

 

7 | Duurzaamheid

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 7 | Duurzaamheid - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2021 2022 2023 2024
Huishoudelijk restafval 86 79 79 79
De hoeveelheid restafval per inwoner per jaar (kg).
Hernieuwbare elektriciteit 12,2% 19,8% - -
Hernieuwbare elektriciteit is elektriciteit die is opgewekt uit wind, waterkracht, zon of biomassa.
Vanuit de verplichte bron van deze indicator zijn niet bij alle indicatoren recentere data beschikbaar.

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 7 | Duurzaamheid - Wat hebben we daarvoor gedaan

Milieu algemeen

 

 

Portefeuillehouder: A.H.M. van Loon/M.B. Heere

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Uitwerken Gemeentelijk Watertakenplan.

1a. Vervangen van riolering op diverse locaties.


1b. Verbeteren riolering (o.a. afkoppelen verhard oppervlak, niet verstenen en verzamelen maar vergroenen en verspreiden).


1c. Uitvoeren onderzoeken (o.a. lokale regenopvang en afkoppeling hemelwater door particulieren, verwijderen overtollige verharding, verbeteren infiltratiemogelijkheden in openbare ruimte). 

 

1d. Uitvoeren regulier beheer (o.a. straatvegen, reinigen, inspecteren en repareren van riolen, gemalen, drainage en kolken).

Ja

 

 

Ja




Ja

 

 

 

 

 

Ja

 

1a. Op diverse plaatsen is het riool vervangen en is infiltratie riool aangebracht. Ook is op diverse plaatsen het riool gerelined.

 

1b. Wij zijn hier gestart in de wijk Vegtelarij in Epe en de Oosterhof in Vaassen. In 2025 is de voorbereiding gestart en de komende jaren worden de hieruit voortkomende werkzaamheden uitgevoerd.




1c. Werkzaamheden zijn gestart in 2024/2025 en worden de komende jaren verder vormgegeven. In het nieuwe GWP is hier aandacht voor.




1d. Dit is een lopend en repeterend proces.

2. Werken aan een klimaatadaptieve en natuurinclusieve gemeente.

2a. Vaststellen van klimaatplan.

 

2b. Opstellen uitwerkingsplan en starten met uitvoering.

Ja

 

Ja

2a. Het beleidsplan klimaatadaptie is in mei 2025 vastgesteld door de gemeenteraad.

 

2b. Een uitvoeringsagenda is onderdeel van het vastgestelde beleidsplan. De uitvoering hiervan loopt.

3. Uitwerken van het uitvoeringsprogramma Energie en Warmte.

3. Start uitwerken na vaststelling uitvoeringsprogramma

Ja

Uitvoeringsprogramma is in uitvoering, loopt tot en met 2026.

4. Opstellen uitwerkingskader zon- en windenergie gericht op het stimuleren van zonneweides, windmolens en versnelling zon op dak. 

4. Vaststellen beleidskader zon en wind.  

Nee

Ontwerp is vastgesteld. Wijzigingen voorkeursvolgorde voor opwek van zon worden doorgevoerd. Besluitvorming wordt voorbereid voor 2026.

5. Opstellen plan van aanpak Wijkuitvoeringsplan voor aardgasvrije wijken.

5. Vaststellen Plan van aanpak.

Nee

Vanwege netcongestie is ingezet op energiebesparing. Warmte-aanpak volgt na vaststelling Warmteprogramma (Q4 2026/Q1 2027).

6. Opstellen Regionale Energie Strategie 2.0 (RES 2.0).

6. Start opstellen Regionale Energie Strategie 2.0. (Regionaal Programma Energievoorziening)

Ja

Vastgesteld door de raad. Per 2026 start uitwerking

Collegeprogramma 2022-2026

7. Opstellen van het uitvoeringsprogramma Energie en Warmte.

7. Vaststellen uitvoeringsprogramma.

Ja

Het uitvoeringsprogramma Energie en Warmte is door het college vastgesteld.

8. Uitvoeren van het Regionaal Adaptatieplan (RAP) om de gevolgen van klimaatverandering op te vangen.

8. Is onderdeel van het klimaatplan (punt 2 hiervoor)

Ja

Het beleidsplan Klimaatadaptatie is opgesteld en in 2025 vastgesteld. 

9. Een uitwerkingsprogramma opstellen om de biodiversiteit en het landschap in het landelijk gebied en onze dorpen te versterken.

9. Opstellen van uitwerkingsprogramma voor Integraal Groenbeleidsplan.

Nee

Het uitwerkingsprogramma maakt onderdeel uit van de Integrale groenvisie 2026. Deze visie is in 2025 opgestart.

Toelichting

 

7. De basis voor het programma ligt in de Transitievisie Energie en Warmte. In het programma komen ook de gemeentelijke afspraken uit het Gelders Energieakkoord. Het uitvoeringsprogramma kwam tot stand in samenspraak met inwoners en betrokken partijen.

9. Het opstellen van het integraal Groenbeleidsplan staat bij programma 6, onderdeel “beheer openbare ruimte”.

 

 

Grondstoffeninzameling en -verwerking

 

 

Portefeuillehouder: A.H.M. van Loon

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Realiseren grondstoffen inzameling en -verwerking.

1. Toezicht op uitvoering dienstverleningsovereenkomst met Circulus.

Ja

Het toezicht is uitgevoerd

2. Implementeren van werkwijze inzamelen van grondstoffen.

2. Uitvoeren plan van aanpak inzamelen van grondstoffen (o.a. meer ondergrondse verzamelcontainers voor papier en glas installeren ten behoeve van de gewijzigde inzameling van papier en glas).

Ja

In 2025 zijn o.a. ondergrondse containers voor papierinzameling geplaatst en is overgaan op een andere wijze van inzamelen.

Toelichting

 

2. Het grondstoffenbeleidsplan is in 2020 vastgesteld. De implementatie van de nieuwe wijze van inzamelen van grondstoffen heeft een meerjarig karakter.

 

8 | Toezicht en handhaving

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 8 | Toezicht en handhaving - Wat hebben we daarvoor gedaan

Vergunningverlening en handhaving

 

 

Portefeuillehouder: A.H.M. van Loon

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Uitwerken handhavingskader.

1. Uitwerken jaarlijks handhavingsuitvoeringsprogramma (HUP).

Nee

HUP wordt voor 2026 opnieuw vastgesteld op basis van het handhavingsbeleid 2022-2025 dat is verlengd voor 2026

2. Actualiseren handhavingskader.

2. Opstellen actueel handhavingskader.

Nee

Het VTH-beleidskader wordt in 2026 vernieuwd

Collegeprogramma 2022-2026

3. Onderzoek naar de effectiviteit van de uitvoering van de handhavingstaken. 

3. Gerealiseerd.

Ja

Dit onderzoek is niet uitgevoerd vanwege de samenloop met de uitkomsten van het rapport van de rekenkamer. De conclusies en adviezen zijn verwerkt in het HUP 2024/ 2025 waardoor het onderzoek naar de effectiviteit niet meer nodig was

Toelichting

 

1. Het college stelt op basis van het handhavingskader het uitvoeringsprogramma op. Dat bevat alle toezicht- en handhavingsactiviteiten en de prioritering daarin. De raad wordt hierover geïnformeerd.

 

 

9 | Bedrijvigheid

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 9 | Bedrijvigheid - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen lokale economie (waaronder werkgelegenheid, bedrijfsterreinen), agrarische aangelegenheden, recreatie en toerisme. De gemeentelijke rol is voorwaardenscheppend (vestigingsmogelijkheden voor bedrijven, goede ontsluiting en bereikbaarheid, goed beheer van de openbare ruimte) en faciliterend (informatievoorziening, dienstverlening). Er bestaat een relatie met programma 5 “Ruimte en wonen” (economische aspecten in planontwikkeling en bestemmingsplannen).

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 9 | Bedrijvigheid - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2020 2021 2022 2023 2024
Banen 678,7 697,6 712,3 737,8 740,2
Het aantal banen, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.
Vestigingen 149,8 155,2 163,5 165,9 176,8
Het aantal vestigingen van bedrijven, per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.
Netto arbeidsparticipatie 67% 70% 73% 73% 73%
Het percentage van de werkzame beroepsbevolking ten opzichte van de potentiële beroepsbevolking.
Functiemenging 48,1 48,5 48,7 49,5 49,1
De functiemengingsindex (FMI) weerspiegelt de verhouding tussen banen en woningen.
Vanuit de verplichte bron van deze indicator zijn niet bij alle indicatoren recentere data beschikbaar.

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 9 | Bedrijvigheid - Wat hebben we daarvoor gedaan

1.     Bedrijvigheid

 

 

 

Recreatie en toerisme

 

 

Portefeuillehouder: M.B. Heere

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Inzetten stimuleringsbudget recreatie en toerisme.

1. Subsidieafspraken maken met professionele en vrijwilligersorganisatie over de doelstellingen en activiteiten.

Ja

Afspraken gemaakt met subsidiepartners zoals de Stichting Promotie Gemeente Epe over doelstellingen en activiteiten die uitgevoerd worden in het kader van toeristisch recreatieve promotie en bestemmingsmanagement.

2. Uitwerken toeristisch profiel.

2. Uitvoeren jaarplan.

Ja

Het jaarplan, als uitwerking van het toeristisch profiel (opgesteld door Stichting Promotie Gemeente Epe) 2022-2025, is opgesteld, afgestemd en uitgevoerd.

3. Faciliteren en stimuleren van organisaties en bedrijven in uitvoering van het regionale programma Veluwe-op-1.

3a. Opstellen en uitwerken plan voor realisatie van TOP-locatie Vaassen.

 

3b. Uitvoeren bestuursakkoord Veluwegemeenten.

 

3c. Uitvoeren plan van aanpak Vitale Vakantieparken.

Ja

 

 

Ja

 

 

Ja

3a De uitwerking van de TOP locatie en de participatie is in volle gang en het definitief ontwerp (DO) wordt naar verwachting in Q3/4 2026 opgeleverd aan de raad.

 

3b Er is uitvoering gegeven aan het jaarprogramma van Veluwe-op-1 (vanaf 1-1-2025: VeluweAlliantie), als uitwerking van het bestuursakkoord van de Veluwegemeenten.

 

3c Er is uitvoering gegeven aan het plan van aanpak Vitale Vakantieparken binnen de regionale afspraken Vitale Vakantieparken 2023-2025.

 

 

 

 

Collegeprogramma 2022-2026

4. Ontwikkelen van een nieuwe heldere beleidsvisie op het gebied van (verblijfs)recreatie ter versterking van een toekomstbestendige vitale toeristisch recreatieve sector.

4. Vaststelling beleidsvisie (verblijfs)recreatie en toerisme.

Ja

De beleidsvisie recreatie en toerisme is voorbereid in 2024/2025 en in januari 2026 vastgesteld door de raad.

 

Toelichting:

 

2. Voor 2022-2025 is een verdere uitwerking van 100% Wild opgesteld door de Stichting Promotie Gemeente Epe ter versterking van het toeristisch profiel.

3. Binnen het programma Veluwe-op-1 werken 20 gemeenten samen aan de toeristische versterking van de Veluwe en vitale vakantieparken. Dit onder andere door aanpak vakantieparken, een groot routenetwerk en de toeristische promotie via Visit Veluwe. 

 

Lokale/regionale economie

 

 

Portefeuillehouder: M.B. Heere

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Uitvoering van het actieprogramma economische visie.

1a. Opstellen nieuwe Economische Visie en besluitvorming.

 

1b. Starten met het opstellen van een aansluitend Actieprogramma.

Nee

 

 

Nee

1a. Vanwege capaciteitstekort door vertrek beleidsadviseur economie is nog geen start gemaakt met het opstellen van een economische visie. Dit start in 2026.

 

1b. Actieprogramma volgt na vaststelling.

2. Ondersteuning leveren aan de uitvoering van het actieprogramma van ondernemers gericht op vitale dorpscentra.

2. Ondersteuning leveren bij uitvoeren actieprogramma's van ondernemers. 

Ja

Deze ondersteuning is vormgegeven door de accountmanager bedrijven.

3. Opstellen evenementenbeleid.

3a. Opstellen beleidsplan voor evenementen

 

 

3b. Opstellen van locatieprofielen per evenementenlocatie.

Nee

 

 

Nee

3a. Hiervoor wordt een zorgvuldig participatietraject doorlopen. De besluitvorming is opgeschoven naar de nieuwe bestuursperiode in 2026.

 

3b. Idem.

Collegeprogramma 2022-2026

4. Lokale ondernemers stimuleren om leerwerkplekken voor studenten te realiseren.

4. Uitvoeren werkplan met ondernemersverenigingen en onderwijs

Ja

Dit is een doorlopende activiteit in afstemming met onderwijs en lokale ondernemers, onder andere via leerwerkplekken en stages in samenwerking met accountmanagement bedrijven. De lokale Techniekbrouwerij wordt actief benut door ondernemers en onderwijs om praktijkleren te versterken.

 

5. Periodiek het actieprogramma van de economische visie actualiseren. 

Zie punt 1

Nee

Vanwege capaciteitstekort door vertrek beleidsadviseur economie is nog geen start gemaakt met het opstellen van een economische visie. Daarmee is dus ook nog geen aanvang gemaakt met een daaropvolgend nieuw actieprogramma.

6. Bedrijfsleven ondersteunen.

6. Inzetten van accountmanagement voor ondernemers en specifiek accountmanagement voor agrarische sector.

Ja

Er zijn twee accountmanagers ingezet, een accountmanager voor ondernemers en een accountmanager specifiek voor de agrarische sector.

Toelichting

 

2. Voor centrum Epe en Vaassen hebben de ondernemersverenigingen voor beide centra, in afstemming met de gemeente, een toekomstvisie en actieprogramma laten opstellen.

6. De inzet van specifiek accountmanagement voor de agrarische sector is geëvalueerd en verlengd met 2 jaar.

 

 

10 | Weer aan het werk

Omschrijving programma

Terug naar navigatie - 10 | Weer aan het werk - Omschrijving programma

Het programma omvat de onderwerpen die samenhangen met de uitvoering van de Participatiewet en de wet gemeentelijke schuldhulpverlening. Daarnaast omvat het programma armoedebeleid en minimaregelingen. Er bestaat een relatie met programma 3 “Zorg en opvang” (bevorderen zelfredzaamheid).

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 10 | Weer aan het werk - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2022 2023 2024 2025
Bijstandsuitkeringen 179,4 183 187,1 158,4
Het aantal personen met een bijstandsuitkering, per 10.000 inwoners van 18 jaar en ouder (tweede helft van het genoemde jaar).
Lopende re-integratie-voorzieningen 141,8 - 190,2 -
Het aantal lopende re-integratie voorzieningen, per 10.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar.
Jeugdwerkeloosheidspercentage 2% 2% 1% -
Het percentage werkeloze jongeren (16-22 jaar).
Vanuit de verplichte bron van deze indicator zijn niet bij alle indicatoren recentere data beschikbaar.

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 10 | Weer aan het werk - Wat hebben we daarvoor gedaan

Arbeidsparticipatie

 

 

Portefeuillehouder: M.B. Heere

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Verhogen uitstroompercentage participatiewet (voormalig WWB, voormalig WSW en jonggehandicapten).

1a. Prestatieafspraken maken met Werkleerbedrijf Lucrato over uitstroom en uitvoering.

 

1b. Opvolging van de aanbevelingen vanuit het rapport evaluatie werkervaringsplekken 2024 om de inzet verder te verbeteren.

 

 

Nee

 

 

 

Ja

1a. Concept prestatieafspraken 2026 bevinden zich in een afrondende fase. Planning is om deze in de eerste helft van  2026 vast te stellen. 

 

 

1b. In 2025 heeft Lucrato uitvoering gegeven aan de aanbevelingen uit het evaluatierapport Werkervaringsplekken. 

2. Vergroten van de maatschappelijke participatie van mensen zonder werk.

2a. Optimaliseren van de dienstverlening werkervaringsplekken (WEP).

 

2b. Actualiseren van de contractafspraken en prestatieafspraken met de gemeente Apeldoorn.

Ja

 

 

Ja

In 2026 zetten we extra in op taal op en rond de WEP. Daarnaast worden er extra WEP-plekken gerealiseerd bij Stilema.

 

Addendum is opgesteld volgens de bestaande afspraken in de DVO en wordt aangevuld met de actuele afspraken zoals opgenomen in dit addendum. Samen vormen deze afspraken de basis voor onze samenwerking in de komende periode. Periode 1-1-2026 tot en met 31-12-2027.

1. Lucrato voert activiteiten uit gericht op het opdoen van werkervaring, het toepassen van groepsgewijze aanpak, werkgeversbenadering en werkgeverschap oud-Wsw, beschut werken en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt die onder de Participatiewet vallen en waarvan de verwachting is dat ze binnen een jaar naar werk kunnen. Lucrato werkt hierin nauw samen met gemeente Apeldoorn en Werkcentrum VeluweStedendriehoek.

 

Inkomensondersteuning

 

 

Portefeuillehouder: M.B. Heere

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Tegengaan van uitsluiting van mensen in armoede.

1a. Subsidie- en contractafspraken voor de uitvoering van minimaregelingen, waaronder de bijzondere bijstand, individuele inkomenstoeslag, studietoeslag, voedselbank, Leergeld, Noodfonds (stichting Present) en collectieve zorgverzekering.

 

1b. Evaluatie van het minimabeleid en herziening/actualisatie van het minimabeleid op basis van de evaluatie.

 

1c. Doorvoeren wijzigingen in het kader van de wetswijziging participatiewet in balans.

Ja

 

 

 

 

 

 

Ja

 

 

 

Ja

1a. Subsidie- en contractafspraken zijn gereed. De collectieve aanvullende zorgverzekering loopt tot 2027.

Verkenning m.b.t. jeugdeducatiefonds volgt in 2026.

 

 

 

 

 

1b. Meedoenregeling en Schoolfonds zijn aangepast.

 

 

 

1c. De Participatiewet in Balans is vanaf 1 januari 2026 gefaseerd in werking getreden. De wet bevat meer dan 20 maatregelen. Gemeente Epe heeft de uitvoering van de Participatiewet uitbesteed aan gemeente Apeldoorn. Opstellen van beleid gebeurt in afstemming met gemeente Apeldoorn, Lucrato en andere regiogemeenten, zodat we het beleid zoveel mogelijk harmoniseren in de regio. Planning is om voor het zomerreces 2026 het nieuwe beleid ter besluitvorming aan de raad voor te leggen.

Collegeprogramma 2022-2026

2. Extra inzet op minimaregelingen en schuldhulpverlening om armoede en schulden tegen te gaan.

2a. Voortzetten en monitoren van de versterkte werkwijze schuldhulpverlening en vroegsignalering.

 

 

 

2b. Subsidieafspraken maken voor de uitvoering van de voorliggende voorzieningen zoals thuisadministratie.

 

Ja

 

 

 

 

 

Ja

2a. Er is een sterke communicatiecampagne voor de minimaregelingen. Stichting Kredietbank Nederland voert voor ons de schuldhulpverlening aan particulieren uit. Gemeente Apeldoorn voert de schuldhulpverlening aan ondernemers uit. 
Elke maand is er een afstemmingsoverleg met de partijen die zich bezighouden met vroegsignalering. Hierdoor zijn er in 2025 geen ontruimingen geweest vanwege financiële achterstanden. 

 

2b. Als voorliggende voorziening is er subsidie verstrekt aan Koppel-Swoe m.b.t. het Formulierenteam. Deze subsidie heeft als doel: hulp bij een aanvraag, thuisadministratie, toeslagenpunt, hulp bij belastingen en juridische ondersteuning. Voor ondernemers kan dit bij OverRood.    

 

 

11 | Bestuur en organisatie

Wat is de stand van zaken

Terug naar navigatie - 11 | Bestuur en organisatie - Wat is de stand van zaken
Verplichte indicatoren vanuit de regelgeving bij dit programma.
Indicator 2022 2023 2024 2025
Formatie 5,2 5,4 5,6 6,1
De toegestane formatie in fte van het ambtelijk apparaat, per 1.000 inwoners.
Bezetting 5 5,7 6,4 6,1
Het werkelijke aantal fte dat werkzaam is per 31 december, per 1.000 inwoners.
Apparaatskosten Begroot 585 656 737 762
Apparaatskosten (organisatiekosten) zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel, organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken, in verhouding tot het aantal inwoners.
Apparaatskosten Werkelijk * 662 709 756 756
Apparaatskosten (organisatiekosten) zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel, organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken, in verhouding tot het aantal inwoners.
Externe inhuur Begroot 1,0% 1,0% 1,0% 1,2%
Kosten van externe inhuur voor het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht, door een private organisatie met winstoogmerk, door middel van het tegen betaling inzetten van personele capaciteit en deskundigheid zonder een arbeidsovereenkomst of aanstelling, in verhouding tot de totale personeelskosten.
Externe inhuur Werkelijk * 35,8% 31,7% 26,0% 18,9%
Kosten van externe inhuur voor het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht, door een private organisatie met winstoogmerk, door middel van het tegen betaling inzetten van personele capaciteit en deskundigheid zonder een arbeidsovereenkomst of aanstelling, in verhouding tot de totale personeelskosten.
Demografische druk 85,9% 85,7% 87,0% 88,3%
De som van het aantal personen van 0 tot 20 jaar en 65 jaar of ouder in verhouding tot de personen van 20 tot 65 jaar.

Wat willen we bereiken

Terug naar navigatie - 11 | Bestuur en organisatie - Wat willen we bereiken

Strategische doelen:

  1. Ontwikkelen van een klantgerichte organisatie die gericht is op een snelle, correcte en integere dienstverlening.
  2. Ontwikkelen van een op de samenleving gerichte organisatie die de dialoog aangaat met burgers en flexibel en slagvaardig inspeelt op ontwikkelingen en behoeftes.
  3. Ontwikkelen van een organisatie waarbij het resultaat voorop staat en alles draait om het willen bereiken van de afgesproken doelen met een efficiënte en rechtmatige inzet van middelen.

 

Wat hebben we daarvoor gedaan

Terug naar navigatie - 11 | Bestuur en organisatie - Wat hebben we daarvoor gedaan

Planning en control

 

 

Portefeuillehouder: M.B. Heere

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Verbeteren planning en control cyclus.

1. Implementeren van verbetermogelijkheden in de planning en control-cyclus in afstemming met de raadscommissie planning en control.

 

Ja

In 2025 is de Kadernota ingevoerd

 2. Uitvoeren jaarlijks onderzoek naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van (delen van) programma’s en paragrafen en van (onderdelen van) de organisatie-eenheden.

2. Uitwerken van onderzoeksopdrachten waaronder de doorlichting van de begroting (beleidsmatig en financieel), opvolging geven aan de resultaten van de uitgevoerde benchmark in de organisatie.

Ja

Met de uitgevoerde doorlichting is de taakstelling van € 2 miljoen ingevuld. Er zijn o.a. onderzoeken uitgevoerd naar de mate van kostendekkendheid en het gemeentelijk vastgoed

3. Implementeren rechtmatigheidsverantwoording jaarrekening door college.

3a. Doorvoeren van verbeterpunten naar aanleiding van de ervaringen met de eerste rechtmatigheidsverantwoording (jaarrekening 2023).

 

3b. Borgen van de rechtmatige uitvoering in de processen.

Ja

 

 

 

 

Ja

3a. Aanbevelingen zijn opgevolgd en geïmplementeerd.

 

 

 

 

3b. Aanbevelingen op gebied van rechtmatigheid zijn gesignaleerd en opgevolgd.

Collegeprogramma 2022-2026

 

 

 

4. Verantwoord en gezond financieel beleid voeren. 

4. Toepassen van de uitgangspunten voor het financieel beleid uit het coalitieakkoord en collegeprogramma.

Ja

De financiële positie is gezond. Voldaan is aan de uitgangspunten uit het coalitieakkoord. Er zijn goedkeurende verklaringen van de accountant bij de jaarrekening en er gold repressief toezicht voor de begroting. Woonlasten onder het landelijk gemiddelde

 

5. Herijken/doorlichten bestaand beleid in begroting.

5a. Opleveren resultaat van de doorlichting.

 

5b. Consultatie bij de gemeenteraad t.b.v. verdere uitwerking.

 

5c. Participatietraject uitvoeren waar dat nodig is.

 

5d. Besluitvorming door de gemeenteraad.

 

5e. Resultaat vertalen in de begroting 2026-2029.

 

Ja

Deze activiteiten zijn volgens planning in uitvoering. De eerste fase van de herijking leidde tot invulling van de taakstelling van € 2,0 miljoen.

 

Voor de tweede fase is een aanvullende taakstelling in de begroting 2026-2029 opgenomen. Diverse projecten zijn in uitwerking voor de invulling daarvan. Tussenresultaten van de projecten zijn aan de raad aangeboden, besluitvorming vindt in het begrotingsproces 2027 plaats.

Toelichting:

 

4. Het beleid is erop gericht dat de woonlasten onder het landelijk gemiddelde blijven. 

 

 

Burger en bestuur

 

 

Portefeuillehouder: A.H.M. van Loon / T.C.M. Horn

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Opstellen participatieverordening.

1. Vaststellen van de verordening.

Nee

In 2025 is de Eper participatie aanpak opgesteld waarna in Q1/2 2026 de participatieverordening zal worden vastgesteld.

2. Inwonerparticipatie is geborgd in de daarvoor in aanmerking komende werkprocessen.

2. Opstellen en uitvoeren van een jaarplan voor inwonersparticipatie en actieve communicatie.

Nee

Deze activiteit wordt afgerond na afronding van de Eper participatieaanpak

3. De inzet van een actueel instrumentarium voor inwonerparticipatie en communicatie is geborgd in de organisatie.

3. Opstellen en uitvoeren van een jaarplan voor inwonersparticipatie en actieve communicatie.

Nee

Deze activiteit wordt afgerond na afronding van de Eper participatieaanpak

Collegeprogramma 2022-2026

4. Opstellen van een algemene visie op de positie van de gemeente in de Eper samenleving, inclusief kernwaarden.

4a. Gerealiseerd.

 

4b. Opstellen van uitwerkingsplannen met concrete maatregelen voor gemeentelijke dienstverlening, communicatie en participatie en start van uitvoering daarvan.

Ja

 

Ja

 

4a. De visie “Samen Verder” is opgesteld

 

4b, Een uitvoeringsprogramma is opgesteld.

5. Uitwerken verbeteragenda/uitwerkingsplan van de raad n.a.v. de Quick scan Lokale Democratie.

5. Uitwerken van opgesteld plan van aanpak (raad en college).

Ja

Er is een actieagenda opgesteld. Deze is tot stand gekomen in samenspraak met de werkgroep versterking lokale democratie, vertegenwoordigers ambtelijke organisatie, de driehoek en het presidium. Activiteiten o.a. gast van de raad, cursus politiek actief, dag van de democratie, klassenbezoeken en deelname aan NLDoet

 

6. Uitwerking van de maatregelen uit het raadsbesluit “Grip-op-samenwerking” (WGR-samenwerkingsverbanden).

6. Uitwerken maatregelen in afstemming met andere gemeenten in de Regio Stedendriehoek.

Ja

Gerealiseerd, terugkoppeling uit vertegenwoordiging is vast onderdeel van de commissievergadering (memo samenwerkingsverbanden).

7. Evalueren van de 'herstel- en stimuleringsagenda coronacrisis’ en komen op basis daarvan met een voorstel over het vervolg.

7. Gerealiseerd.

Ja

Gereed

Toelichting:

6. In februari 2021 heeft de raad het initiatiefvoorstel “Grip-op-samenwerking” aangenomen. In dat voorstel zijn een aantal maatregelen benoemd om de betrokkenheid en de grip van de gemeenteraad bij de uitvoering van de gemeentelijke taken in WGR-verband te optimaliseren.

 

 

Organisatie

 

 

Portefeuillehouder: T.C.M. Horn

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Invoeren Wet Generieke Digitale Infrastructuur (WGDI).

1. De Wet digitale overheid is van kracht en wordt gefaseerd ingevoerd. In 2025 geen nieuwe activiteiten. In afwachting 2e tranche wetgeving.

Ja

De Wet Digitale overheid (WDO) gaat over: Toegang & Identificatie, Standaarden & beveiligingsregels en Generieke digitale infrastructuur. De gemeente Epe voorziet in alle, op dit moment verplichte onderdelen van deze wet. De invoering van de WDO loopt waarschijnlijk tot in 2027.  

2. Invoeren Wet Open Overheid.

2. Stapsgewijs uitvoeren landelijk voorgeschreven onderdelen WOO waaronder het actief publiceren van documenten.

Ja

 

De Wet Open Overheid schrijft 11 informatie categorieën voor die actief door overheden gepubliceerd moeten worden. Deze categorieën worden in tranches opgepakt. De gemeente Epe loopt op schema.

3. Uitvoeren datastrategie.

3. Uitwerken van de datastrategie. 

Ja

De datatstrategie is in 2025 opgeleverd. De uitvoering van deze datastrategie loopt nog zeker tot in 2028. Er is inmiddels een datateam dat de organisatie helpt om datagedreven te kunnen gaan werken. Business intelligence tooling is beschikbaar en er wordt gewerkt aan een datawarehouse, de technische ruggengraat van een datagedreven organisatie. Er is veel aandacht voor privacy en de kwaliteit van onze eigen gegevens.

4. Verbeteren informatieveiligheid.

4. Implementeren van nieuwe Europese richtlijn voor cyberbeveiliging.

 

 

 

Nee

Na de nodige vertragingen is de Europese NIS2 richtlijn gereed en in juni 2025 vertaald naar de Nederlandse Cyberbeveiligingswet (in concept). De Nederlandse doorvertaling is voor Epe uitgewerkt in een uitvoeringsplan. In 2026 zal worden gestart met de invoering hiervan.

Collegeprogramma 2022-2026

 

 

 

5. Opstellen programma voor organisatieontwikkeling.

5a. Gerealiseerd.

 

5b. Uitwerken van programma.

Ja

 

Ja

5a. Het nieuwe sturingsconcept is per 1 juli 2024 in werking getreden.

 

5b. Diverse activiteiten zijn uitgevoerd.

6. Actualiseren van het informatiebeleid.

6. Gerealiseerd

Ja

Informatiebeleid dat in 2023 is vastgesteld, is in 2024 aangevuld met een uitvoeringsprogramma en datastrategie.

 

Toelichting:

 

2. De wet is bedoeld om overheden meer transparant te maken en moet ervoor zorgen dat overheidsinformatie beter vindbaar en toegankelijk wordt. Daarvoor moeten een aantal maatregelen getroffen worden.

6. Het informatiebeleid speelt in om met de mogelijkheden van digitalisering ondersteuning te bieden aan inwonerparticipatie, communicatie, transparantie en effectief/efficiënt werken.

 

 

Dienstverlening

 

 

Portefeuillehouder: T.C.M. Horn

Activiteit begroting 2025-2028

Activiteiten 2025

Uitgevoerd in 2025?

Toelichting

1. Bewaren van documenten in een e-depot.

1. Afronden aanbesteding e-depot voor Streekarchief Noord-West Veluwe (SNWV).

Ja

In 2025 is Epe aangesloten op NoVA Noord Veluws Archief. Hier kunnen alle documenten digitaal worden opgeslagen en duurzaam beheerd.

2. Voldoen aan wettelijke eisen m.b.t. streekarchief Epe, Hattem en Heerde (EHH).

2. Opstellen en uitwerken van een plan van aanpak.

Nee

EHH is opgegaan in NoVA, (locatie Epe), daar is Epe op aangesloten. Er is een plan van aanpak gemaakt om binnen 5 jaar volledig te kunnen voldoen aan de wettelijke eisen. Op dit moment voldoen wij nog niet aan alle eisen, met name op het gebied van registratie en terugvindbaarheid.

3. Realiseren fusie van streekarchief Epe, Heerde, Hattem met streekarchief Noordwest-Veluwe.

3. Besluitvorming over nieuwe Gemeenschappelijke Regeling.

Ja

Per 1 juli 2025 is het samenwerkingsverband gerealiseerd.

Collegeprogramma 2022-2026

4. Opstellen uitwerkingsplan voor gemeentelijke dienstverlening.

4. Zie voor aanpak actie 4 bij het onderdeel “Burger en bestuur" hiervoor.

Ja

Zie actie 4 bij “Burger en bestuur”

Toelichting:

1. De gemeente werkt grotendeels digitaal. Deze digitale informatie dient duurzaam en toegankelijk bewaard te worden in een e-depot (archiefwet). Inrichting e-depot is onderdeel van de fusie SNWV/EHH.

2. Tijdens een 0-meting is geconstateerd dat niet voldaan wordt aan de wettelijke eisen m.b.t. beheer van het overgedragen fysieke archief.  

 

 

Paragrafen

1 | Lokale heffingen

1.2 Beleidskaders

Terug naar navigatie - 1 | Lokale heffingen - 1.2 Beleidskaders

Het beleid over de lokale heffingen staat in:

  • landelijke wet- en regelgeving, zoals de Gemeentewet
  • paragraaf lokale heffingen in de programmabegroting
  • belastingverordeningen
  • tarieventabel 2025
  • collegeprogramma 2022-2026
  • regeling kwijtschelding gemeentelijke belastingen

1.3 Beleidsverantwoording

Terug naar navigatie - 1 | Lokale heffingen - 1.3 Beleidsverantwoording

Algemeen
Tribuut belastingcentrum heeft namens onder andere de gemeente Epe de heffing en invordering van gemeentebelastingen uitgevoerd. Daarnaast verzorgen zij de waardering van onroerende zaken volgens de Wet Waardering Onroerende Zaken.

Hieronder is per taak een korte verantwoording opgenomen. In het overzicht algemene dekkingsmiddelen in deel 3 van deze jaarstukken zijn de geraamde en gerealiseerde opbrengsten opgenomen.

Wet waardering onroerende zaken
In februari 2025 zijn de WOZ-waarden bekend gemaakt. De trend, een dalend aantal bezwaren tegen de WOZ-waarde , die vorig jaar al zichtbaar was heeft zich ook in 2025 doorgezet.  In 2025 zijn bij Tribuut veel minder bezwaren (- 40%) binnengekomen dan in 2024.  De daarmee samenhangende proceskosten zijn daarom in 2025 (€ 12.000) beduidend lager dan in 2024 ( € 56.000).  In 2025 is door Tribuut ingezet op het doen van voormeldingen. Daarbij zijn inwoners gevraagd om gegevens over hun woningen te controleren en waar nodig te corrigeren of aan te vullen. De respons hierop was hoog.

De Waarderingskamer houdt toezicht en geeft een algemeen oordeel over de uitvoering. Dat oordeel is, net als in 2024, 'goed'. Dit komt overeen met de afgesproken ambitie. 

Onroerende-zaakbelastingen
Eigenaren van woningen en eigenaren en gebruikers van niet-woningen betalen onroerendezaakbelasting (OZB). De WOZ-waarde vormt hierbij de grondslag. Woongedeelten binnen niet-woningen zijn vrijgesteld van OZB. De opbrengsten zijn per saldo € 42.000 hoger uitgekomen dan geraamd in 2025.

Reinigingsheffingen
Waar mensen wonen en werken, ontstaat afval. De gemeente zorgt voor de inzameling en verwerking daarvan tot grondstoffen, en dat brengt kosten met zich mee. Inwoners en bedrijven betalen hiervoor reinigingsheffingen. Naast een vast bedrag betalen zij per keer dat ze hun container aan de straat zetten of afval in een ondergrondse container doen.

Hieronder is weergegeven welke kosten de gemeente heeft gemaakt en welke inkomsten daar tegenover staan. Op straat ligt zwerfafval en soms storten mensen hun afval illegaal. De gemeente ruimt dat op. Ook die kosten tellen mee. Voor zwerfafval, papier en plastic ontvangt de gemeente geld. Dat staat onder 'baten taakvelden'. Voor de btw over de inzameling van bedrijfsafval krijgen we geen geld uit het Btw-compensatiefonds (BCF). Voor een deel van de ontvangen bijdragen geldt dat ook. 

Vanaf de jaarrekening 2025 past de gemeente twee regels aan in de manier waarop we btw en verschillen tussen kosten en opbrengsten verwerken voor de reinigingsheffingen:

  • Btw wordt anders verwerkt.
    Vanaf 2025 wordt het verschil op de btw tussen de begroting en de jaarrekening ten laste van het resultaat gebracht en niet meer verrekend met de voorziening. Dit sluit aan bij de landelijke voorschriften.
  • Geen egalisatiereserve meer.
    Ook verandert de gemeente de methode voor het opvangen van schommelingen in kosten en opbrengsten. De egalisatie verloopt voortaan via een voorziening en niet meer via een egalisatiereserve. 

Met deze twee aanpassingen sluiten we beter aan bij de landelijke financiële regelgeving.

In vergelijking met de begroting voor 2025 wijken zowel de kosten als de opbrengsten in de werkelijkheid af. Normaal gesproken zou dit betekenen dat we een bedrag uit de voorziening Afval moeten halen. In deze voorziening zitten echter geen middelen in 2025. Daarom komt het tekort – € 23.000 – direct ten laste van het resultaat. In de realisatie 2025 zit wel een btw-voordeel van ruim € 15.000, waardoor het financiële nadeel iets wordt beperkt. Per saldo levert de inzameling van grondstoffen in de jaarrekening een nadeel op van bijna € 8.000.

 

Kostendekkingsoverzicht reinigingsheffingen bedragen in € 1.000
Lasten taakveld verkeer en vervoer incl. (omslag)rente 107
Lasten taakveld inkomensregelingen incl. (omslag)rente 16
Lasten taakveld afval incl. (omslag)rente 4.791
Baten taakveld afval -497
Netto lasten taakvelden 4.416
Overhead incl. (omslag)rente 97
BCF-BTW 910
Totale lasten (A) 5.423
Opbrengst heffingen 5.528
Kwijtschelding -112
Btw-voordeel t.g.v. resultaat -16
Totale baten (B) 5.400
Kostendekkendheid (B:A) 100%

 

Rioolheffingen
Inwoners en bedrijven willen dat afvalwater netjes wegstroomt. Ook regenwater moet ergens heen en grondwater moet op peil blijven. De gemeente heeft daarin wettelijke taken. In het gemeentelijk watertakenplan (GWP) staat wat en hoe. Daarin staat ook dat inwoners en bedrijven daaraan meebetalen. Dat gebeurt via de rioolheffingen. Eigenaren betalen een vast bedrag. Gebruikers betalen meer als ze meer water verbruiken. Zuinig zijn met water bespaart dus kosten. Voor nieuwe aansluitingen op het bestaande riool betalen inwoners via het eenmalig rioolaanleg geld. 

Vanaf de jaarrekening 2025 past de gemeente twee regels aan in de manier waarop we btw en verschillen tussen kosten en opbrengsten verwerken voor de rioolheffingen:

  • Btw wordt anders verwerkt.
    Vanaf 2025 wordt het verschil op de btw tussen de begroting en de jaarrekening ten laste van het resultaat gebracht en niet meer verrekend met de voorziening. Dit sluit aan bij de landelijke voorschriften. Dit sluit aan bij de landelijke voorschriften.
  • Geen egalisatiereserve meer.
    Ook verandert de gemeente de methode voor het opvangen van schommelingen in kosten en opbrengsten. De egalisatie verloopt voortaan via een voorziening en niet meer via een egalisatiereserve. 

Met deze twee aanpassingen sluiten we beter aan bij de landelijke financiële regelgeving.

In vergelijking met de begroting voor 2025 wijken zowel de kosten als de opbrengsten af. Dit resulteert in een toevoeging aan de voorziening riolering van bijna € 288.000 en een voordeel in de exploitatie van bijna € 23.000 door de btw.

bedragen x € 1.000

Kostendekkingsoverzicht rioolheffingen bedragen in € 1.000
Lasten taakveld verkeer en vervoer incl. (omslag)rente 135
Lasten taakveld inkomensregelingen incl. (omslag)rente 16
Lasten taakveld riolering incl. (omslag)rente 2.437
Baten taakveld riolering 0
Netto lasten taakvelden 2.587
Overhead incl. (omslag)rente 135
BCF-BTW 468
Totale lasten (A) 3.190
Opbrengst heffingen 3.526
Kwijtschelding -26
Btw-voordeel t.g.v. resultaat -23
Totale baten (B) 3.478
Kostendekkendheid (B:A) 109%

De kostendekkendheid inclusief de toevoeging aan de voorziening is 100%.

Forensenbelasting
Mensen met een gemeubileerde woning die niet in de gemeente wonen betalen forensenbelasting. De WOZ-waarde is daarvoor de grondslag. Het tarief is een percentage van de waarde. De opbrengst is een inschatting, omdat Tribuut de aanslagen pas na afloop van het jaar oplegt. We verwachten een iets hoger bedrag op te leggen dan in de begroting staat, namelijk € 407.000 (begroot € 391.000). 

Precariobelasting
Bedrijven met bijvoorbeeld terrassen of winkeluitstallingen op gemeentegrond betalen precariobelasting. Dit geldt ook voor marktkooplieden en standplaatshouders.  Door corona en personele wisselingen is een achterstand ontstaan over de jaren 2023 en 2024 bij het in beeld brengen en oplegging aanslagen van de terrasvergunningen, standplaatsen en winkeluitstallingen. Verspreid over 2024 en 2025 zijn deze achterstanden weggewerkt en de betreffende aanslagen opgelegd. In de begroting 2025 is rekening gehouden met deze extra  baten; ten opzichte van de begroting hebben we een licht hogere opbrengst van € 15.000 gerealiseerd. 

Toeristenbelasting
Toerisme is belangrijk voor de gemeente Epe. Mensen die hier niet wonen, maar wel overnachten betalen deze belasting. Dat gaat via de campings, hotels, B&B's en andere aanbieders. Als je in een eigen kampeermiddel overnacht, hoef je minder toeristenbelasting (€ 1,00 per overnachting) te betalen dan als je overnacht in een hotel of in een huurtent (€ 1,45 per overnachting). In 2022 gold deze manier van heffen voor het eerst. Tribuut verstuurt de aanslagen na afloop van het jaar. In de begroting 2025 hadden we reeds rekening gehouden met een lagere opbrengst toeristenbelasting, doordat asielzoekers en Oekraïners in hotels Fletcher en Dennenheuvel zijn gehuisvest. Ter compensatie van de gederfde inkomsten Fletcher hebben we van het COA in 2025 een vergoeding ontvangen. Mede door een hogere bijdrage van het COA dan begroot, realiseren we op de toeristenbelasting in 2025 een hogere opbrengst van € 52.000 ten opzichte van de begroting 2025.

Begraafrechten
Nabestaanden willen hun overleden dierbaren op een waardige manier kunnen begraven. Daar hoort een verzorgde begraafplaats bij. De gemeente is verantwoordelijk voor de begraafplaatsen en het onderhoud daarvan. Om deze kosten te kunnen betalen, wordt een heffing opgelegd. Nabestaanden betalen voor het begraven, het graf, het onderhoud en andere bijbehorende diensten. Zij betalen vooraf voor de volledige periode dat het graf blijft bestaan. Omdat het onderhoud vaak al jaren vooruit wordt betaald, is er een egalisatievoorziening. Elk jaar wordt bekeken of de inkomsten uit begraafrechten en de uitgaven voor onderhoud met elkaar in balans zijn. Is er in een jaar meer of minder uitgegeven dan er aan rechten is ontvangen, dan wordt het verschil verrekend met de voorziening begraven.

Hieronder staan de opbrengsten en de kosten in een tabel. De kosten zijn inclusief de door de gemeente betaalde btw. In 2025 waren zowel de opbrengsten als de kosten lager dan begroot. Daardoor ontstaat er een tekort van € 83.000. Dit tekort wordt aangevuld vanuit de voorziening begraven. In 2025 is het beleidsplan gemeentelijke begraafplaatsen / beheervisie begraafplaatsen vastgesteld. In dit plan staat dat er in 2026 een nadere uitwerking van de tariefopbouw van de leges begraafrechten wordt uitgevoerd.  

 

Kostendekkingsoverzicht begraafrechten  bedragen x € 1.000
Lasten taakveld begraafplaatsen incl. (omslag)rente
935
Baten taakveld begraafplaatsen  71
Netto lasten taakveld begraafplaatsen 865
Overhead
94
Totale lasten (A) 958
Opbrengst heffingen (B) 876
Kostendekkendheid (B:A) 91% 

 De kostendekkendheid inclusief de onttrekking aan de voorziening is 100%.

Aanvullend wordt opgemerkt dat de opbrengsten uit begraafrechten volledig worden verantwoord in het jaar van uitgifte. Hiermee wordt afgeweken van het matchingprincipe, dat voorschrijft dat lasten worden toegerekend aan de perioden waarin samenhangende baten worden gerealiseerd. Deze verwerking sluit aan bij het realisatiebeginsel, omdat de beheer- en onderhoudskosten van de begraafplaats niet op een betrouwbare en systematische wijze zijn toe te rekenen aan individuele of langjarige rechten. De lasten worden daarom verantwoord in de jaren waarin zij zich daadwerkelijk voordoen. Deze benadering ondersteunt binnen de lokale heffingen een transparante beoordeling van de kostendekkendheid, doordat baten en lasten op reële wijze worden gepresenteerd en geen kunstmatige reserveringen of langjarige toerekeningen ontstaan die de inzichtelijkheid van de tariefonderbouwing zouden kunnen verstoren.

 

Leges
Vraag je een vergunning aan, wil je een paspoort of ga je trouwen? Dan betaal je daarvoor leges. Je betaalt voor de dienst die je van de gemeente vraagt.

De opbrengst omgevingsvergunningen is verreweg de grootste groep die onder de leges valt. Voor 2025 geldt dat de gerealiseerde opbrengst (€ 1.377.000) fors hoger ligt dan de geraamde opbrengst (€ 792.500). Dit heeft te maken met het feit dat eind 2025 een aantal grote aanvragen  met hoge bouwkosten binnen kwamen. Bij de omgevingsvergunningen is het tarief afhankelijk van de bouwkosten. Daar is gemiddeld genomen sprake van 'subsidiëring' van dure bouwwerken aan goedkope bouwwerken. Bij de andere legesproducten is geen sprake van beleid om te subsidiëren tussen producten. Hieronder is de begrote en gerealiseerde kostendekking per product weergegeven. De kostendekkendheid van de totale legesverordening was 94% (2024; 80%). 

Product

Kostendekking
raming werkelijk
Burgerlijke stand
60% 53%
BRP-verstrekkingen 50% 95%
Rijbewijzen 92% 111%
Reisdocumenten 106% 110%
Bijzondere wetten 632% 137%
Kapvergunningen 27% 32%
Bestemmingsplannen
105% 100%
Omgevingsvergunningen 
67% 90%
Europese Dienstenrichtlijn  41% 42%

 

 

1.4 Kostendekking

Terug naar navigatie - 1 | Lokale heffingen - 1.4 Kostendekking

Naast de lasten die op de taakvelden staan, rekenen we ook overheadkosten mee. Hoe we dat doen staat in de Financiële verordening gemeente Epe 2023. Over de kosten die we aan derden betalen (dus niet het eigen personeel) rekenen we BTW. Op investeringen schrijven we af. Over het deel van de afschrijving dat gaat over de kosten aan derden rekenen we ook de BTW mee. 

1.5 Kwijtschelding

Terug naar navigatie - 1 | Lokale heffingen - 1.5 Kwijtschelding

Mensen met een inkomen rond het bijstandsniveau en zonder vermogen zijn vaak niet in staat de gemeentelijke belastingen te betalen.  Zij komen daarom voor kwijtschelding in aanmerking. Deze kwijtschelding geldt voor de gebruikersheffing van het riool en voor het vastrecht van de afvalstoffenheffing. Voor het variabele tarief afvalstoffenheffing is kwijtschelding mogelijk tot maximaal € 89,16. De inkomsten die de gemeente hierdoor misloopt, worden via de belastingtarieven opgebracht door de inwoners die niet voor kwijtschelding in aanmerking komen. Gemeenten hebben  beperkte ruimte om eigen beleid te voeren. De raad van Epe heeft binnen deze ruimte een zo ruim mogelijk beleid vastgesteld. Er is € 164.400 aan belastingschuld kwijtgescholden. Dit is € 7.600 meer dan geraamd. 

1.6 Woonlasten

Terug naar navigatie - 1 | Lokale heffingen - 1.6 Woonlasten

De gemiddelde woonlasten voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning in de gemeente Epe bedroegen in 2025 € 996 (bron: COELO). Landelijk bedroegen de gemiddelde woonlasten voor een meerpersoonshuishouden met een eigen woning in 2025 € 1.053 (bron COELO).

2 | Weerstandsvermogen en Risicobeheersing

2.1 Inleiding

Terug naar navigatie - 2 | Weerstandsvermogen en Risicobeheersing - 2.1 Inleiding

Algemeen

Risicobeheersing wordt in de gemeente Epe procesmatig uitgevoerd in een risicomanagement proces. Het risicomanagement proces is een systematisch en cyclisch proces om risico’s te identificeren, te analyseren en te beoordelen, op basis hiervan maatregelen te nemen (beheersing) en die te evalueren.

Door de gekozen manier van beheersen van een bepaald risico kan er een restrisico voor de organisatie overblijven. Op het moment dat een risico als een daadwerkelijke gebeurtenis voordoet is het uitgangspunt van de gemeente Epe dat er middelen beschikbaar zijn binnen de organisatie zodat de (financiële) gevolgen van het risico geen invloed hebben op de normale bedrijfsvoering. Ofwel restrisico’s dienen opgevangen te worden binnen de normale bedrijfsvoering en hebben daarop geen invloed. Het uitgangspunt is dat het overgrote deel van de financiële gevolgen (eenmalig) opgevangen kunnen worden in de algemene reserve waarvan de hoogte is vastgesteld op minimaal € 2,5 mln. 

De relatie tussen de beschikbare middelen (ook wel weerstandscapaciteit genoemd) en de restrisico’s wordt het weerstandsvermogen genoemd. Nader uitgewerkt is het weerstandsvermogen de relatie tussen:

  • Weerstandscapaciteit: Dit zijn de middelen en mogelijkheden die de gemeente in staat stelt om financiële tegenvallers op te vangen.
  • Risico’s: Dit zijn de restrisico’s die van materiële betekenis zijn in relatie tot de financiële positie van de gemeente.

Schematisch ziet dat er als volgt uit:


2.2 Beleidskaders

Terug naar navigatie - 2 | Weerstandsvermogen en Risicobeheersing - 2.2 Beleidskaders

De huidige nota risicomanagement en weerstandsvermogen dateert uit 2018. Deze nota beschrijft het risicomanagementproces en de kaders voor de uitvoering van het risicomanagement en de omvang van het weerstandsvermogen.

De volgende randvoorwaarden zijn vastgelegd:

  1. Het risicomanagement wordt procesmatig en conform de standaarden in de nota risicomanagement en weerstandsvermogen uitgevoerd.
  2. Voor de risico’s waarbij het financiële effect op de bedrijfsvoering Groot tot Zeer groot is en de kans daarop ook Groot tot Zeer groot is, worden (in de regel) maatregelen getroffen voor het restrisico in de vorm van een voorziening, bestemmingsreserves of (structurele) stelpost(en) in de begroting.
  3. De weerstandscapaciteit wordt gevormd uit het saldo van de algemene reserve, de begrotingsruimte of het rekeningresultaat en het bedrag voor onvoorzien.
  4. De ratio voor het weerstandsvermogen is minimaal voldoende (groter dan 1).
  5. De verhouding algemene reserve in relatie tot de benodigde weerstandscapaciteit is minimaal voldoende (groter dan 1).

Onderdeel van de actualisatie van het financieel beleid is ook de actualisatie van de nota risicomanagement en weerstandsvermogen. Dit is gestart in 2025 en wordt medio 2026 afgerond. 

 

Frauderisico's

Binnen het risicomanagementproces vormen de frauderisico's een bijzondere categorie. We hebben het over fraude als waardeonttrekking ontstaat door ambtenaren of bestuurders:

  1. door opzettelijk handelen
  2. door verkrijging van een onrechtmatig of onwettig voordeel
  3. dat ten laste komt van de gemeente
  4. door misbruik te maken van vertrouwen (misleiding, verhulling van feiten)

Daarnaast kan er sprake zijn van verslagleggingsfraude. Het risico dat personen de financiële verslaglegging beïnvloeden om daar op één of andere manier beter van te worden. 

Fraude raakt aan begrippen zoals integriteit, rechtmatigheid en misbruik & oneigenlijk gebruik. 

In 2025 is het fraude-risicoregister geactualiseerd. Geïnventariseerde risico's zijn gescoord op kans van optreden en impact. Het beleid en de aanpak rond frauderisico's krijgt een plaats in de nieuwe nota risicomanagement en weerstandsvermogen.

 

NIS2 / Cyberbeveiligingswet

De Europese NIS2 en op basis daarvan in te voeren cyberbeveiligingswet bevatten aangescherpte normen rond informatiebeveiliging en kennen een sterk risico-gestuurde aanpak. Dit betekent dat informatiebeveiliging een meer specifieke plaats zal krijgen in het nieuwe beleid rond risicomanagement. De voorbereidingen daarvoor zijn in 2025 gestart.

2.3 Weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - 2 | Weerstandsvermogen en Risicobeheersing - 2.3 Weerstandscapaciteit

De weerstandscapaciteit bestaat uit de middelen die de gemeente in staat stelt om financiële tegenvallers op te vangen. Onder deze middelen worden opgenomen de algemene reserve, de begrotingsruimte (of het rekeningresultaat) en het bedrag voor onvoorzien.

De onderdelen van de weerstandscapaciteit kunnen een structureel of een incidenteel karakter hebben. Incidentele weerstandscapaciteit is opgebouwd uit eenmalig beschikbare middelen, structurele weerstandscapaciteit is opgebouwd uit structureel beschikbare middelen. In de onderstaande tabel wordt de weerstandscapaciteit aangegeven.


Bedragen * € 1.000

Weerstandscapaciteit

2025

karakter

Algemene reserve

13.687

incidenteel

Jaarrekeningresultaat 2025

3.463

incidenteel

Totaal

17.150

 


De stand van de algemene reserve op 31 december 2025 bedraagt €  13,7 miljoen. Bij het opstellen van de begroting 2026 is rekening gehouden met een vrijvallend surplus in de algemene reserve van € 9,6 mln.

 

2.4 Risico's

Terug naar navigatie - 2 | Weerstandsvermogen en Risicobeheersing - 2.4 Risico's

Een risico voor een organisatie is een onzekere gebeurtenis die, als die zou plaatsvinden, vertragend of belemmerend werkt om de doelstellingen te bereiken. De gevolgen van het zich werkelijk voordoen van deze gebeurtenissen vertalen zich vaak in financiële schade maar ook in niet-financiële schade. De inventarisatie van risico’s heeft als doel om de, op het moment van het opstellen van deze jaarrekening, bekende risico’s te benoemen en toe te lichten. Voor zover risico’s als concrete toekomstige financiële verplichtingen te kwantificeren zijn, zijn daarvoor (financiële) voorzieningen gevormd.

Het kwantificeren van risico’s is lastig en in veel gevallen zullen de gemaakte keuzes arbitrair zijn. Bij de kwantificering van risico's wordt gebruik gemaakt van het onderscheid tussen het inherente risico en het restrisico. Het inherente risico is het risico zonder dat er rekening gehouden is met het effect van een beheersmaatregel die getroffen is om het risico in te perken. Door het nemen van beheersmaatregelen wordt de omvang van het risico minder. Het risico dat overblijft na het nemen van beheersmaatregelen wordt het restrisico genoemd.

De risico’s zijn in een risicokaart weergegeven waarbij het effect (het restrisico) van de gebeurtenis op de financiële positie van de gemeente, is afgezet tegen de kans dat de gebeurtenis zich voordoet. Onder de tabel wordt een omschrijving van het risico gegeven en de risicokenmerken benoemd.

 

Risicokaart algemeen:              

 

Frauderisico's:

Voor de frauderisico's is een specifieke analyse uitgevoerd. Score is gebaseerd op financiële impact (financieel bedrag in het proces) en de kans van optreden na inzet van beheersmaatregelen. De grootste frauderisico's zitten in het inkoopproces (specifiek levering prestatie / facturen).

 

Toelichting risico’s.
Onderstaand wordt een korte toelichting gegeven op de in de risicokaart opgenomen risico's en enkele kenmerken benoemd. 

 

Sociaal Domein
Risico kenmerken

De middelen voor de uitvoering van de taken in het sociaal domein (Wmo en Jeugdzorg) verstrekt het Rijk via de algemene uitkering. De gemeente loopt met de uitvoering van deze taken financiële risico’s, mede veroorzaakt door het 'open einde' karakter van deze taken. De kosten stijgen de afgelopen jaren aanzienlijk en de verwachting is dat deze blijven stijgen vanwege de stijgende tarieven, de hogere instroom (dubbele vergrijzing) en toenemende complexiteit van de zorgvraag. Bij de begroting wordt rekening gehouden met indexering van de tarieven. Regionaal kopen we maatwerkvoorzieningen jeugdzorg en Wmo in. Sinds 1 januari 2025 is voor de indexering aangesloten op de landelijke contractstandaard. Vanaf 1 januari 2026 is er sprake van een nieuwe en gescheiden inkoop binnen de Jeugdzorg en Wmo (regionale maatwerkvoorzieningen). De inkoopdocumenten zijn opgesteld op basis van de landelijke contractstandaarden. In het nieuwe regeerakkoord (januari 2026) worden maatregelen voorgesteld die effect kunnen gaan hebben op het gemeentelijke sociaal domein. Zo wordt voorgesteld te investeren in een wijkgerichte aanpak om gezonde keuzes te stimuleren en in te zetten op het versterken van buurtregie, meer sociale cohesie en mantelzorgondersteuning. Ook wordt er een investering voorgesteld in zorgzame buurten en gemeenschapsontwikkeling waardoor ouderen en mensen met een beperking langer thuis kunnen wonen met passende ondersteuning. Dit zijn ontwikkelingen die we al langer kennen in het sociaal domein maar die met het nieuwe kabinet meer focus krijgen en inzet vragen van de gemeenten. De exacte gevolgen van deze plannen voor de gemeente zijn onzeker.

Jeugdzorg
In 2023 is de Hervormingsagenda Jeugdzorg vastgesteld. Rijk, gemeenten en zorgaanbieders hebben een opgave om de jeugdzorg te hervormen. Hiervoor krijgen gemeenten van het rijk tijdelijk extra middelen. In plaats van deze tijdelijke extra middelen moeten de verwachte 'opbrengsten' van de maatregelen uit de Hervormingsagenda komen. Op basis van periodieke monitoring heeft een deskundigencommissie (commissie van Ark) bij de eerste monitoring geconcludeerd dat het tijdpad om naar de maatregelen toe te groeien langer duurt. Het Rijk heeft daarom dit tijdpad met twee jaar opgeschoven waardoor gemeenten extra middelen krijgen. Daarbij blijft de commissie van Ark kanttekeningen plaatsen bij de verwachte opbrengsten uit de Hervormingsagenda. De maatregelen uit de Hervormingsagenda richten zich vooral op het versterken van het voorliggend veld. Bijkomend risico voor Epe is dat voor Koppel-Swoe de uitkomsten van de cao-onderhandelingen nog onduidelijk zijn waardoor mogelijk nog hogere kosten ontstaan. Daarnaast wordt gekeken naar een ander financieringsmodel voor de Jeugdzorg. Verwachting is dat die op zijn vroegst in 2028 kan worden ingevoerd.

Wmo
De voorgenomen afschaffing van het abonnementstarief is doorgeschoven naar in elk geval 1 januari 2028. Daarnaast heeft het nieuwe kabinet plannen om de huishoudelijke hulp voor mensen met een hoger inkomen te schrappen. Dit leidt tot aanvullende onzekerheid over de toekomstige invulling en de eigen bijdrage van de Wmo. De gevolgen van deze aanpassingen kunnen groot zijn voor de gemeente op zowel uitvoeren, beleid als het financiële vlak.

Beheersing risico
Om de risico’s te beheersen is een monitoring systematiek opgezet waardoor tijdig signalen worden ontvangen zodat bijgestuurd kan worden zowel beleidsmatig als in de uitvoering en/of op het financiële vlak. Tegenvallers (incidenteel) kunnen worden opgevangen door de reserve risico’s sociaal domein. Omdat de begroting inmiddels redelijk goed kan worden opgebouwd vanuit de ervaringscijfers (reële raming), is de norm voor de hoogte van de reserve gesteld op 5% van de begrotingsomvang voor 3 jaar.

Kansklasse: Groot

Effectklasse na maatregel: Zeer klein door risicoreserve

Restrisico: Geen

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Structureel

Beslag op weerstandscapaciteit: Geen

 

Grondexploitatie
Risico kenmerken

De gemeente Epe voert een situationeel grondbeleid. Daarbij bepaald de gemeente per ruimtelijk initiatief welke gemeentelijk rol en inzet van grondbeleidsinstrumenten het beste past. Per ruimtelijk initiatief wordt het risico voor de gemeente ingeschat en verwerkt in de begroting en jaarrekening. Voor een verdere uitwerking wordt verwezen naar Paragraaf 7 Grondbeleid. Uit deze paragraaf blijkt dat de risico’s binnen het grondbedrijf en regionale woningbouwprogrammering voldoende afgedekt worden met een bestemmingsreserve.

Kansklasse: Klein

Effectklasse na maatregel: Zeer klein door risicoreserve

Restrisico: Geen

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Incidenteel

Beslag op weerstandscapaciteit: Geen

 

Verbonden partijen
Risico kenmerken

 De gemeente heeft (zeer uiteenlopende) relaties en verbindingen met instellingen en vennootschappen. In paragraaf 6: Verbonden Partijen wordt uitgebreid ingegaan op relaties en verbindingen van de gemeente met deze verbonden partijen. Kenmerkend voor verbonden partijen is dat zij op afstand van het college en de gemeenteraad functioneren. Elk van de verbonden partijen hebben hun eigen risicoprofiel met een daarbij behorend pakket aan maatregelen om de bestuurlijke en financiële risico's te beheersen.

Bij verbonden partijen wordt ernaar gestreefd dat de eigen vermogenspositie van de verbonden partij een solide omvang heeft zodat in eerste instantie financiële tegenvallers door de verbonden partij zelf opgevangen kunnen worden.
Het risico van de gemeente in vennootschappen bedraagt formeel niet meer dan de waarde van de aandelen die de gemeente bezit. In de praktijk zal het echter zo zijn dat in financieel slechte tijden (insolvabiliteit) de gemeente bestuurlijk zal worden aangesproken om bij te dragen in mogelijke oplossingen. 

Voor het afdekken van de risico’s in de privaat-publieke samenwerking zijn middelen opgenomen in de reserve bouwgrondexploitatie.

Kansklasse: Klein

Effectklasse na maatregel: Groot

Restrisico: € 711.000

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Incidenteel

Beslag op weerstandscapaciteit: € 142.000

 

 

Juridische risico's en aansprakelijkheid
Risico kenmerken

 De gemeente loopt juridische risico’s, omdat veel primaire processen binnen de gemeente van juridische aard zijn en bij het onrechtmatig handelen van de gemeente kan een schadeclaim worden ingediend. Juridische procedures kunnen zowel bestuursrechtelijk als civielrechtelijk van aard zijn.

  1. Bestuursrechtelijke risico’s worden -voor zover het om beschikkingen gaat- beperkt doordat in bezwarenprocedures een toetsing plaatsvindt door een onafhankelijke commissie. Het kan zijn dat we wel in de proceskosten/griffierechten veroordeeld worden. Na bezwaar volgt toch ook regelmatig nog beroep.
  2. Civielrechtelijke procedures betreffen zowel gevallen waarin de gemeente door derden in een juridische procedure wordt betrokken (dagvaarding, aansprakelijkheidstelling, derdenbeslag etc.) als gevallen waarbij de gemeente zelf tegenover derden een juridische procedure start (aansprakelijkheidstelling, dagvaarding etc.).

Het financiële risico is vaak moeilijk van te voren in te schatten. De kosten voor (verplichte) externe juridische bijstand, alsmede proceskosten, zijn de laatste jaren opgelopen, maar lijken zich te stabiliseren. Het claimen van proceskosten en het toewijzen daarvan door de rechter is standaard geworden. Tegen civielrechtelijke claims, voortvloeiend uit onrechtmatige daad en onrechtmatige besluiten (bijv. vernietigde besluiten) heeft de gemeente zich verzekerd. Voor juridische bijstand, veroordelingen in proceskosten/griffiekosten, eigen risico’s en eigen bijdragen heeft de gemeente regulier budgetten opgenomen.
Naarmate de gemeente meer optreedt als regievoerder en opdrachtgever, wordt de kans dat in de uitvoering verschillen van inzicht optreden over gemaakte afspraken groter. Dit kan ook leiden tot procedures wanneer partijen er niet in slagen hun verschillen van inzicht in onderling overleg op te lossen.

Kansklasse: Klein

Effectklasse na maatregel: Groot

Restrisico: € 450.000

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risicokarakter: Incidenteel

Beslag op weerstandscapaciteit: € 90.000

 

Borg en garantstellingen

Risico kenmerken

De gemeente heeft diverse waarborgen verstrekt voor geldleningen. Dit betekent dat de gemeente als achtervang borg staat op het moment dat de instantie of persoon waaraan de lening verstrekt is, niet aan zijn verplichtingen kan voldoen. De grootste waarborgen die de gemeente heeft verstrekt zijn (1) Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW) voor woningstichtingen en (2) Waarborgfonds Eigen Woningen (WEW).

Het risico bij de WSW en de WEW is klein door de structuur. Voordat de waarborgfondsen een beroep doen op de achtervang wordt eerst het vermogen van het Waarborgfonds zelf aangesproken. Is het daarna noodzakelijk om de achtervang aan te spreken dan bestaat er een garantieverdeling van 50% Rijk / 50% gemeenten, in de vorm van een lening. Daarbij vervult het Rijk voor het WEW een volledige achtervang positie voor garantstellingen afgegeven vanaf 1 januari 2011. Door de totale omvang van de achtervang posities (ruim € 103 mln.) kunnen de financiële gevolgen voor de gemeente groot zijn.

Het risico dat achtervang-gemeenten renteloze leningen aan WSW moeten verstrekken als de andere buffers onvoldoende zijn, is zeer klein - zelfs theoretisch. Dat is de conclusie op basis van risicomodellen en stresstesten vanuit het WSW. Hierop is de nieuwe risico inschatting gebaseerd en wijkt daarom af van de risico inschatting bij de begroting.

 

Kansklasse: Klein

Effectklasse na maatregel: Zeer klein

Restrisico: € 103.000

Ontwikkeling risico: Afgenomen

(stond in de begroting 2026 ten onrechte als effect zeer groot)

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Incidenteel

Beslag op weerstandscapaciteit: € 20.700

 

Algemene uitkering

Risico kenmerken

De ontwikkeling van de algemene uitkering uit het gemeentefonds (verreweg de grootste inkomstenbron van gemeenten) is doorgaans een onzekere factor in de begroting. Enkele jaren geleden zijn bij een ‘herijking’ de maatstaven herijkt op basis waarvan de uitkering wordt bepaald. Deze herijking is nog niet definitief afgerond, de uitkomsten en effecten van een aantal aanvullende onderzoeken zijn nog niet bekend. De herijking volgt in tranches, de eerstvolgende tranche in de herverdeling vindt plaats in 2027, dus we hebben de risicostelpost "herverdeling gemeentefonds" ad € 100.000 die we in 2025 structureel hadden opgenomen in 2026 laten vervallen. De stelpost gaat nu in 2027 in.

Door een andere normeringsystematiek zouden gemeenten m.i.v. 2026 een fors lagere algemene uitkering krijgen (landelijk ging het om € 2,3 miljard). Hiermee stond het jaar 2026 ook wel bekend als het “ravijnjaar". Deze terugval in inkomsten raakte ook de gemeente Epe. Na intensief bestuurlijk overleg tussen de VNG en het Rijk besloot het Rijk om voor de jaren 2026 en 2027 het ravijn gedeeltelijk te dempen. Voor de jaren daarna krijgen de gemeenten een structureel hogere compensatie voor de jeugdzorgkosten. Hiermee is een eerste stap richting een oplossing gezet maar de financiële terugval in de algemene uitkering is voor de gemeenten nog altijd groot.

Omdat al een aantal jaren blijkt dat de ruimte onder het plafond van het BTW compensatiefonds achteraf in de algemene uitkering wordt ‘terugontvangen’, is ook in de begroting 2026 ervoor gekozen om deze op voorhand voor 70% op te nemen. De provincie staat dit ook toe (ramen van 100% is toegestaan). Hierin zit een risico, omdat moet blijken of deze ruimte onder het plafond ook de komende jaren ontstaat.
 
Enerzijds komt het Rijk gemeenten tegemoet door de algemene uitkering structureel te verhogen. Het rijk neemt de helft van de tekorten jeugdzorg voor zijn rekening en verzacht het ingroeipad van de maatregelen van de Hervormingsagenda Jeugdzorg. Anderzijds zet het Rijk in op extra maatregelen om de kosten van het jeugdzorgstelsel te beheersen. De opbrengsten die het Rijk hiervoor op voorhand raamt, worden vervolgens op de algemene uitkering gekort. Per saldo wordt de compensatie in de algemene uitkering hiermee grotendeels ongedaan gemaakt. De VNG heeft grote vraagtekens bij de haalbaarheid van de besparingen die het Rijk inboekt. Dit alles maakt het onzeker wat de inkomsten voor gemeenten de komende jaren zal zijn.

Kansklasse: Groot

Effectklasse na maatregel: Zeer klein door risicostelposten

Restrisico: geen

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Structureel

Beslag op weerstandscapaciteit: geen

 

 

Uitkering inkomensvoorziening

Risico kenmerken

Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2004 (levensonderhoud startende ondernemers) en voor de inzet van loonkostensubsidie. In hoeverre de gemeente uitkomt met deze middelen is afhankelijk van o.a. de economische ontwikkelingen binnen de regio en de ontwikkelingen van de verdeelmaatstaven waarop het Rijk de beschikbare middelen verdeelt. Hier zitten de grootste onzekerheden. In de afgelopen jaren zien we een stijging van ons uitkeringsbestand in het kader van de Participatiewet. Zo is in het afgelopen jaar het bestand gestegen met circa 3 % (over 2025). Deze stijging is onder andere het gevolg van een toename van het aantal statushouders in de gemeente Epe. Daartegenover zien we een daling van het aantal uitkeringen op basis van de IOAW (eind 2025, 3 uitkeringen) en IOAZ (eind 2025 0 uitkeringen) gezien deze regelingen niet meer aan te vragen zijn waardoor er alleen nog uitstroom plaatsvindt en geen nieuwe instroom. Landelijk is de bijstand in 2025 1% gestegen en is het vooral te wijten aan een toename van het aantal jongeren (tot 27 jaar). 

We zien onder andere dat de inwoners die een uitkering ontvangen over het algemeen een langere afstand tot de arbeidsmarkt hebben, vaak al lang een uitkering ontvangen, veelal ouder zijn dan 50 jaar en een taalbelemmering hebben. De krapte op de arbeidsmarkt heeft er namelijk voor gezorgd dat de uitkeringsgerechtigden met een kortere afstand tot de arbeidsmarkt al zijn uitgestroomd naar werk. Met de (risico)reserve BUIG worden financiële risico’s (van voornamelijk fluctuerende Rijksinkomsten) opgevangen. Daarnaast wordt de BUIG ook ingezet voor re-integratievoorzieningen, wanneer de ruimte in de BUIG afneemt dan kan er ook niet meer via de BUIG geïnvesteerd worden op re-integratie. Onduidelijk is nog in hoeverre het BUIG budget anticipeert op deze eerder geschetste ontwikkeling. Daarom is het risicobedrag verhoogd van 5% naar 10% van de begrotingsomvang voor 3 jaar.

Kansklasse: Midden

Effectklasse na maatregel: Zeer klein door risicoreserve

Restrisico: geen

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Structureel

Beslag op weerstandscapaciteit: geen

 

 

Organisatie - Personeel

Risico kenmerken

Op dit gebied zijn er meerdere risico’s waarvoor een reserve wordt opgenomen om deze te ondervangen.

Een risico dat altijd aanwezig is, is het onverwacht wegvallen van personeel op kritische functies door langdurige ziekte, arbeidsongeschiktheid en (gedwongen) vertrek van medewerkers. Het is niet vooraf te voorzien wanneer en in welke mate dit zich zal voordoen. De financiële consequenties van dit risico kunnen groot zijn. Het risico kan niet worden opgeheven, want de uitgaven blijven afhankelijk van de mate waarin zich situaties van langdurige ziekte en (gedwongen) vertrek van medewerkers voordoen. De komende jaren zal moeten blijken in hoeverre het structurele bedrag bijstelling behoeft.

Een andere ontwikkeling waarin risico’s aanwezig zijn, is de veranderende vraag vanuit de samenleving en het Rijk. Dit is van invloed op het takenpakket en de dienstverlening van de gemeente en de daaraan gekoppelde dienstverlening aan de inwoners (zie de paragraaf Bedrijfsvoering). Ook maatschappelijke en technologische veranderingen zoals digitale kwetsbaarheid en AI spelen een rol. Om hierop in te spelen zijn middelen opgenomen om de organisatie wendbaar te houden en de kwaliteit van de dienstverlening hoog te houden.

Tot slot vormt de krappe arbeidsmarkt een belangrijk risico. Het aantrekken en behouden van personeel is uitdagend. Hierdoor is vaker externe inhuur nodig, met hogere kosten en kwetsbaarheid tot gevolg. Om dit risico te beperken wordt geïnvesteerd in goed werkgeverschap en strategische personeelsplanning, gericht op duurzame inzetbaarheid en aansluiting bij de gemeentelijke doelstellingen.

Kansklasse: Groot

Effectklasse na maatregel: klein door risicoreserve

Restrisico : geen

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Incidenteel

Beslag op weerstandscapaciteit: geen

 

 

Onderhoud Openbare Ruimte Risicokenmerken

Het beheer van de Openbare Ruimte (uitgezonderd groot wegonderhoud) is in de gemeente sinds 2015 uitbesteed aan een aannemer op basis van een UAV-GC contract (Uniforme Administratieve Voorwaarden voor Geïntegreerde Contractvormen). Deze aannemer voert het onderhoud uit op basis van door de gemeente opgestelde specificaties. In de loop der tijd zien we dat de oorspronkelijke inzichten op het gebied van het beheer en onderhoud aan verandering onderhevig zijn. Naast de veranderde wensen van de inwoners ten aanzien van onderhoudsniveaus en veroudering van het areaal (denk bijvoorbeeld aan het ouder worden van de bomen waardoor meer onderhoud nodig is, maar ook slijtage van plantvakken) hebben we ook te maken met de gevolgen van de klimaatverandering. De verschillen tussen droge en natte periodes hebben tot gevolg dat we anders om moeten gaan met water en door meer te doen met biodiversiteit ontstaat er meer evenwicht in de natuur. Ook is het steeds moeilijker om onze asfaltwegen met de huidige middelen goed begaanbaar te houden.
In de afgelopen periode is er door wereldwijde prijsverhogingen op energie en grondstoffen en door de recente salarisverhogingen sprake van een hogere prijsindexatie dan in het contract en de overige onderhoudswerken zoals b.v. asfaltonderhoud is voorzien. Het UAV-GC contract met de aannemer eindigt uiterlijk eind 2028 en zal opnieuw moeten worden aanbesteed of op andere wijze moeten worden voortgezet. In 2026 worden de opties verkend en zal een keuze worden gemaakt voor het vervolg. De uitwerking volgt in 2026/2027. Dit leidt tot het risico dat bij een nieuwe opdracht de kosten van dezelfde werkzaamheden structureel veel hoger komen te liggen. Al met al zien we dat ook bij een gelijkblijvend niveau van onderhoud van de openbare ruimte de kosten zullen gaan stijgen. In de komende jaren zal in de reguliere periodieke actualisatie van beheerplannen, financiële voorzieningen en reserves rekening gehouden moeten worden met deze ontwikkelingen.

Kansklasse: Groot

Effectklasse na maatregel: Midden

Restrisico: € 215.000

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Structureel

Beslag op weerstandscapaciteit: € 129.000

 

Informatievoorziening op orde Risicokenmerken

We zijn volledig afhankelijk van digitale middelen en data voor de kwaliteit van ons dagelijks werk en onze dienstverlening. Zonder een professionele en veilige informatiehuishouding kunnen we als gemeente weinig, sterker nog, wetgeving maakt dat we verplicht zijn onze dienstverlening in ieder geval digitaal aan te bieden. En de digitale ontwikkelingen staan niet stil. Technologische ontwikkelingen met name op het gebied van AI, bieden kansen maar brengen ook allerlei risico`s met zich mee op het gebied van informatieveiligheid, ethiek en privacy. Tegelijkertijd zijn ze onvermijdelijk. De samenleving heeft andere verwachtingen, ketenpartners en leveranciers gaan anders werken en stellen andere eisen en ook de nieuwe generatie medewerkers vragen om moderne ondersteuning van het dagelijks werk.
De steeds groter wordende afhankelijkheid van digitale middelen zorgt voor een grotere afhankelijkheid van IT-leveranciers en daarmee een afhankelijkheid van internationale IT-concerns, onderhandelingstactieken van wereldleiders en internationale wetgeving. Hierdoor worden de potentiële risico's m.b.t. bedrijfscontinuïteit en dienstverlening exponentieel groter. Er worden dan ook al organisatorische en technische maatregelen getroffen op basis van de Baseline Informatieveiligheid (BIO) om deze risico's te verlagen. Uitbreiding van EU-richtlijnen stelt strengere eisen aan de cyberbeveiliging van essentiële en belangrijke diensten waaronder gemeenten. Echter 100% veiligheid is niet mogelijk. Dit blijkt ook uit het feit dat dit risico zich in maart 2026 voordeed en er een hack op de gemeentelijke systemen plaatsvond. Financiële consequenties daarvan waren op moment van opstellen van deze jaarstukken nog niet in beeld.

Kansklasse: Midden

Effectklasse na maatregel: Zeer groot

Restrisico: € 1,5 mln.

Ontwikkeling risico: Gelijk gebleven

Risico sturing: Reduceren

Risico karakter: Incidenteel

Beslag op weerstandscapaciteit: € 600.000

 

2.5 Conclusie weerstandsvermogen

Terug naar navigatie - 2 | Weerstandsvermogen en Risicobeheersing - 2.5 Conclusie weerstandsvermogen

De gekwantificeerde risico’s afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit laat het volgende beeld zien:

 

Weerstandsvermogen (* € 1.000)

2025

Weerstandscapaciteit

17.150

Risico's

981

Factor weerstandsvermogen

17,5

 

Gerekend in ratio’s wordt de weerstandscapaciteit ultimo 2025 als volgt weergegeven:

  1. De vrije algemene reserve in relatie tot de risico’s:           6,0%
  2. Weerstandscapaciteit in relatie tot risico’s:                        17,5%

De stand van het 'vrije deel' van de algemene reserve bedraagt (na inzet surplus bij de programmabegroting 2026, beklemde middelen en het jaarrekeningresultaat 2025) € 6,0 miljoen. De ratio weerstandscapaciteit in relatie tot de risico’s is uitstekend. 

2.6 Kengetallen

Terug naar navigatie - 2 | Weerstandsvermogen en Risicobeheersing - 2.6 Kengetallen

De gemeente is op basis van de regelgeving (BBV) verplicht een vijftal kengetallen in de begroting op te nemen. Deze geven een inzicht in de financiële positie van de gemeente. In de onderstaande tabel worden deze kengetallen weergegeven.

 

Kengetal

Verslag
2024

Begroting
2025

Verslag
2025

1a. Netto schuldquote

- 18,2% 15,6% - 16,6%

1b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

- 24,0% 9,4% - 23,4%

2.  Solvabiliteitsratio

74% 64% 73%

3.  Grondexploitatie

-0,1% -0,4% 0,3%

4.  Structurele exploitatieruimte

7,1% 2,4% 7,5%

5.  Belastingcapaciteit

94%

101%

95%

 

 

 

 

2.6.1    Netto schuldquote

De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Omdat er bij de door de gemeente verstrekte leningen onzekerheid kan bestaan over of ze allemaal worden terugbetaald wordt bij de berekening van de netto schuldquote onderscheid gemaakt door het kengetal te berekenen zowel inclusief als exclusief de doorgeleende gelden.

Duiding
Sinds 2019 zijn de langlopende (vaste) schulden van de gemeente nul. De totale kortlopende schulden en de overlopende passiva samen bedragen in de jaarrekening 2025 bijna € 25 mln. Dit is € 4 miljoen hoger dan in de jaarrekening 2024.  De verstrekte lang- en kortlopende leningen, liquide middelen en overlopende activa) van de gemeente bedragen per saldo ruim € 54 miljoen. Dit leidt er eind 2025 toe dat de financiële bezittingen van de gemeente, net als in de jaarrekening 2024 groter zijn dan de totale schulden. Dit komt tot uitdrukking in het percentage van -17,6% (resp. -23,4%) bij de jaarrekening 2025. Dit is vrijwel gelijk aan de jaarrekening 2024 en aanzienlijk beter dan in de begroting 2025 verwacht. De gemeente Epe is per saldo nog altijd schuldenvrij wat een positief effect op de rentelast heeft. 

 

2.6.2    Solvabiliteit
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de ratio wordt verstaan het eigen vermogen (algemene en bestemmingsreserves en het gerealiseerde resultaat) als percentage van het balanstotaal.

Duiding
Het solvabiliteitspercentage van de gemeente is de afgelopen vier jaar redelijk stabiel met een percentage tussen de 70% en 80%. In de jaarrekening 2025 komt het solvabiliteitspercentage uit op 73%. Sinds 2011 is de solvabiliteit gestegen (van 58% naar 73% op dit moment) met name als gevolg van een toename van het eigen vermogen van de gemeente. De solvabiliteit is vrijwel gelijk aan de jaarrekening 2024 en hoger dan in de begroting 2025 verwacht.

 

2.6.3    Grondexploitatie
Dit kengetal geeft weer hoe de waarde van de grond voor grondexploitatie zich verhoudt tot de totale baten. De boekwaarde van de gronden is van belang omdat deze waarde moet worden terugverdiend bij de verkoop. Voor de risico’s in de grondexploitatie heeft de gemeente op haar balans een risicoreserve gevormd. De accountant beoordeelt ieder jaar in de controle de waardering van de gronden op de balans en de hoogte van de gevormde reserve. Het percentage over 2025 bedraagt 0,3%.

 

2.6.4    Structurele exploitatieruimte
Dit kengetal is van belang om te beoordelen welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.

Duiding
De structurele baten in 2025 zijn hoger dan de structurele lasten per programma ook als daar de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves in worden meegenomen. Dit houdt in dat de gemeente een structureel sluitende exploitatie heeft omdat als alle incidentele baten en lasten buiten beschouwing worden gelaten in deze jaarrekening, de dan overgebleven structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten. 

 

2.6.5    Belastingcapaciteit
De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk in de gemeente zich verhoudt ten opzichte van het landelijk gemiddelde.

Duiding
Dit kengetal laat zien dat de woonlasten in de gemeente onder het landelijk gemiddelde liggen.

3 | Onderhoud kapitaalgoederen

3.1 Inleiding

Terug naar navigatie - 3 | Onderhoud kapitaalgoederen - 3.1 Inleiding

In de paragraaf onderhoud kapitaalgoederen wordt het beleidskader over het onderhoud van kapitaalgoederen weergegeven. De belangrijkste criteria in het beleidskader zijn “schoon, heel en veilig”, waarbij het gekozen uitgangspunt de gewenste kwaliteit in verhouding tot de beschikbare middelen is. De kwaliteit en het onderhoud van de kapitaalgoederen is bepalend voor het voorzieningenniveau en de daarmee samenhangende jaarlijkse lasten. Omdat met het onderhoud van de kapitaalgoederen een aanzienlijk deel van de rekening is gemoeid, is een goed overzicht van belang voor het inzicht in de financiële positie van de gemeente. De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen geeft, net als de andere paragrafen, een dwarsdoorsnede van de rekening omdat de kosten van het onderhoud van de kapitaalgoederen over verschillende programma’s zijn verspreid.

3.2 Beleidskaders

Terug naar navigatie - 3 | Onderhoud kapitaalgoederen - 3.2 Beleidskaders

Het beleid van de gemeente Epe voor het onderhoud van de kapitaalgoederen is vastgelegd in de onderstaande beleidsplannen.

  • Wegenbeleidsplan (2014-2018)
  • Gemeentelijk Watertakenplan (GWP 2026-2030)
  • Groenstructuurplan / Bomenbeleidsplan (2010)      
  • Beleidsplan Openbare Verlichting (2017-2026)
  • Beleidsplan Civiele Kunstwerken (2017-2023)
  • Beleidsplan gemeentelijke begraafplaatsen /Beheervisie begraafplaatsen (2025)
  • MJOP gebouwen (2024)

3.3 Stand van zaken

Terug naar navigatie - 3 | Onderhoud kapitaalgoederen - 3.3 Stand van zaken

Hieronder wordt – per gemeentelijk kapitaalgoed – aangegeven wat de stand van zaken is met betrekking tot de uitvoering van het beleid, welke relevante ontwikkelingen er spelen, of er noodzaak is voor bijstelling van het beleid, de financiële consequenties van het beleid en de vertaling ervan in de rekening.

Financiële vertaling van het onderhoud in de jaarrekening (bedragen in € 1.000):

 

Beleids-en beheerplan

Jaar vaststelling raad

Looptijd t/m

Achterstand onderhoud

Kosten 2025

Begroting 2025

Structureel m.i.v. 2026

Wijze

Wegen

2014

2018

Ja

3.114 2.236 2.285

structureel budget met egalisatiereserve

Gemeentelijk watertakenplan

2021

2025

Nee 1.026 965 986

structureel budget

Civiele kunstwerken

2023

2027

Nee

36 34 37

storting voorziening

14 18 19

structureel budget

Bomen en groen

2010

-

 Nee

1.243 1.280 1.270

structureel budget

Openbare verlichting

2018

2026

 Nee

100 64 66

structureel budget

Gebouwen (MJOP)

-

2026

Nee

431 406 389

storting voorziening

302 294 278

structureel budget

 

3.3.1 Wegen
In de gemeente Epe ligt ongeveer 785 kilometer in lengte aan wegen. In oppervlakte is dat ongeveer 2.763.000 m². De helft van deze oppervlakte bestaat uit asfalt, 27% uit elementen en 23% uit onverhard en beton. Jaarlijks wordt het wegareaal geïnspecteerd. Naar aanleiding van de inspectieresultaten wordt een onderhoudsprogramma opgesteld voor het jaar volgend op het jaar waarin de inspectie plaats had. Ten behoeve van het groot onderhoud van wegen beschikt de gemeente over een reserve voor de egalisatie van de onderhoudskosten. Ieder jaar worden in de hele gemeente werkzaamheden uitgevoerd om het kwaliteitsniveau constant te houden. Het actualiseren van het wegenbeleidsplan zou in 2022 worden uitgevoerd. Door gewijzigde inzichten en het voornemen om eerst een integrale visie op het beheer van de openbare ruimte (IBOR) te laten vaststellen is dit niet uitgevoerd.  Na deze visie zal een uitvoeringsplan voor het onderhoud aan de wegen worden opgesteld.  Het gladheidbestrijdingsplan is in 2025 geactualiseerd en vastgesteld. Voor het reguliere onderhoud zijn meer-jaren contracten aanbesteed (asfalt- en elementenverhardingen) en op basis daarvan is het reguliere en achterstallig onderhoudswerk uitgevoerd. De extra middelen die voor de achterstalligheid beschikbaar zijn gesteld in 2024, zijn hierbij ingezet.

 

3.3.2 Riolering
In 2021 zijn het BRP en GWP (gemeentelijk watertakenplan) 2021 t/m 2025 opgesteld en door de gemeenteraad vastgesteld. In 2025 is gestart met het proces om te komen tot een GWP 2026-2030. Dit heeft in 2025 ter inzage gelegen en is op 29 januari 2026 vastgesteld.
Eén van de kernfactoren voor het behouden van een goede leefomgeving is het in stand houden en optimaliseren van de voorzieningen omtrent de riolering en het watersysteem. Deze hebben een aantal belangrijke doelen voor het dagelijks leven:

  • Het beschermen van de volksgezondheid tegen infectieziekten;
  • Het schoon houden van de bodem en het oppervlaktewater;
  • Het voorkomen van schade door hevige regenval én bij extreme droogte;
  • Het voorkomen en beperken van structureel nadelige gevolgen van grondwater.

Het rioolnetwerk in de gemeente is ca 460 kilometer lang. Daarvan is ca 229 kilometer drukriolering en ca 231 kilometer vrij verval riolering. Het drukrioolstelsel is voorzien van 1.023 minigemalen en 28 rioolgemalen.

Jaarlijks wordt met gedetailleerde camera-inspecties circa 7% (15 km) van het areaal geïnspecteerd. Deze wijze van inspecteren wordt de komende jaren doorgezet, hoe wordt omgegaan met de bevindingen wordt nader uitgewerkt in het Rioolbeheerplan. De kwalitatieve toestand van nagenoeg het gehele stelsel is in beeld. 

Hieronder volgt een opsomming van de in uitvoering  zijnde werken en werkzaamheden in 2025:

  • Uitvoering van centrumplan Vaassen fase 3, aanleg vuilwater en infiltratieriool;
  • Vervangen persleiding in Vaassen en Emst;
  • Uitvoering reconstructie Krugerstraat/van Riebeeckstraat en Tuindorpweg;
  • Vervangen defecte riolering;
  • Voorbereiding Hoge Weerd fase 4;
  • Voorbereiding en aanleg retentie Vegtelarij Epe
  • Voorbereiding reconstructie Woestijnweg
  • Voorbereiding reconstructie Bongerdplein en omgeving.

3.3.3 Civiele kunstwerken 
Een brug is een overspanning over water om twee weggedeelten te verbinden. De gemeente Epe heeft in totaal 64 bruggen en 2 tunnels in eigendom: 41 met een draagconstructie van beton en 23 met een draagconstructie van staal met een kunststof, houten of metselwerk opbouw. De kosten voor de vervanging van bruggen worden betaald uit een meerjareninvesteringplan dat is opgenomen in het beleidsplan Civiele kunstwerken. Voor het opvangen van kosten voor het onderhoud van de bruggen is een onderhoudsvoorziening ingesteld. De hoogte van deze voorziening is in lijn met het beleidsplan civiele kunstwerken. De geraamde financiële middelen in de begroting zijn voldoende om het huidige niveau in stand te houden.

In 2025 zou de brug in de  in de Eschertweg worden vervangen maar dat is vanwege de koppeling van de werkzaamheden met de aanleg van een koe-oversteek verschoven naar 2026.  Daarnaast is regulier onderhoud aan de civiele kunstwerken uitgevoerd.

3.3.4 Bomen en groen
Het Bomenbeleidsplan en het Groenstructuurplan geven de toekomstvisie weer van de gemeente Epe op groen in de openbare ruimte van de bebouwde kommen van Epe, Vaassen, Emst en Oene. In de kernen en het buitengebied (exclusief het bosgebied) staan ruim 32.500 onderhoudsplichtige bomen op gemeentelijke gronden. Om de boomveiligheid te waarborgen worden de bomen regelmatig gecontroleerd. De frequentie is op basis van kwaliteit en gebruiksdruk geprioriteerd.
Het onderhoud van de openbare ruimte - waaronder bomen en gazons (ongeveer 50 ha), zandwegen en begraafplaatsen - is vastgelegd in kwaliteitsniveaus gebaseerd op het CROW.  De beeldkwaliteit wordt geborgd door maandelijks een schouw uit te voeren. Voor de centra en wijken van Epe en Vaassen vindt het onderhoud op tenminste het niveau ‘basis’ plaats. Daarnaast wordt extra aandacht geschonken aan de bestrijding van boomziekten zoals de kastanjeziekte, iepziekte en essentaksterfte en de bestrijding van invasieve exoten zoals de Japanse duizendknoop, reuzenberenklauw e.d.

Het nieuwe Bomenbeleidsplan zou in 2022 worden vastgesteld maar is door gewijzigde inzichten, implementatie omgevingswet en de verordening fysieke leefomgeving (VFL) uitgesteld tot 2025. Inmiddels is gestart met het opstellen van een Integrale groenvisie. Deze heeft in 2025 ter inzage gelegen en vaststelling wordt verwacht in 2026. Aanvullend zal het bomenbeleid worden opgesteld.

Het onderhoud van de openbare ruimte is uitbesteed aan Vebego  (Axent Groen) en vastgelegd in een overeenkomst met een looptijd tot 2025. Eind 2024 is dit met 2 jaar tot 2027 verlengd. Daarin is vastgelegd dat Vebego de openbare ruimte op basisniveau onderhoudt. Gemeente Epe heeft hierin de rol van opdrachtgever en toezichthouder op de geleverde kwaliteit in de openbare ruimte. De geraamde financiële middelen in de begroting waren voldoende om het huidige niveau in stand te houden.

3.3.5 Openbare verlichting
Het beleids- en beheerplan openbare verlichting heeft een looptijd van 2017 - 2026. Het heeft als belangrijkste doel het leggen van een bestuurlijke, beheersmatige en financiële basis voor de zorg voor de openbare verlichting in de planperiode met een doorkijk naar de daaropvolgende jaren.
 
Eind 2025 zijn er ca 6.280 masten in beheer bij de gemeente Epe (inclusief diverse aansluitingen fietsenstallingen en ABRI's). Binnen de gemeentegrenzen zijn bij de provincie Gelderland 8 masten in het beheer en bij Triada 346 stuks. Er zijn ca. 6.377 armaturen, dat zijn er meer dan er lichtmasten zijn en dat komt omdat op sommige lichtmasten meer armaturen met meer lampen zijn gemonteerd. Het doel is om de komende jaren de gemeente Epe geheel uit te rusten met ledverlichting.  Deze werkzaamheden liggen op schema. 

3.3.6 Gebouwen
Er zijn 46 gebouwen en woningen in beheer en onderhoud bij gemeente Epe, waarvan ook huurpanden t.b.v. opvang ontheemden. Het beheer en onderhoud bestaat hoofdzakelijk uit het reguliere (dagelijks) en groot onderhoud. Het groot onderhoud wordt onder andere uitgevoerd op basis van een meerjarenonderhoudsplan, MJOP’s.

Het MJOP is gericht op het in stand houden van de bestaande gebouwen die wordt geactualiseerd in een cyclus van 2 jaar. Een actueel MJOP levert een begroting voor de onderhoudsvoorziening en levert ook de gegevens voor een jaarplanning voor de uitvoering. Het onderhoudsniveau wordt bepaald op basis diverse uitgangspunten, zoals toekomst, bouwjaar, huidige status e.d. Op basis van de MJOP’s zijn voorzieningen gevormd, waaruit het groot onderhoud wordt bekostigd voor het streekarchief, gemeentehuis, de buiten- en binnenzijde van de gymzalen, de brandweerkazernes, kinderopvang St. Crusiusweg, de wijkgebouwen, de bibliotheek, de dienstgebouwen en de onderkomens op de begraafplaatsen.

 

4 | Financiering

4.1 Inleiding

Terug naar navigatie - 4 | Financiering - 4.1 Inleiding

De paragraaf Financiering heeft tot doel inzicht te verschaffen in de activiteiten die zich richten op het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s, ofwel: treasury.

4.2 Beleidskaders

Terug naar navigatie - 4 | Financiering - 4.2 Beleidskaders

In het Treasurystatuut (2015) is het beleid ten aanzien van de treasuryfunctie vastgelegd. Belangrijkste doelstellingen van de treasuryfunctie zijn:

  • het beschermen van gemeentelijke vermogens- en (rente)resultaten tegen ongewenste financiële risico's zoals renterisico's, koersrisico's, kredietrisico's en liquiditeitsrisico's,
  • het optimaliseren van de renteresultaten binnen de kaders van de Wet Fido (Wet Financiering decentrale overheden) respectievelijk de limieten en richtlijnen van het Treasurystatuut.

4.3 Beleidsverantwoording

Terug naar navigatie - 4 | Financiering - 4.3 Beleidsverantwoording

De Wet Fido bevordert een solide financieringswijze bij decentrale overheden. Doel is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten van decentrale overheden, die mogelijk consequenties kunnen hebben voor hun financiële positie.

De wet geeft twee concrete richtlijnen voor de gemeenten voor het beheersen van renterisico’s. Het gaat daarbij om de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. In bijlage 3 zijn de verplichte overzichten, die de gemeente jaarlijks hierover moet opstellen, opgenomen.

4.3.1 Kasgeldlimiet
Een belangrijk uitgangspunt van de Wet Fido is het vermijden van grote fluctuaties in de rentelasten. Juist voor korte financiering geldt dat het renterisico aanzienlijk kan zijn, want als daarvan de rente stijgt, betekent dat we al snel meer aan rente moeten betalen. Om een grens te stellen aan korte financiering is in de Wet Fido de kasgeldlimiet opgenomen. Meer dan dat bedrag mogen we niet financieren met kort geld. Deze limiet is vastgesteld op 8,5% van de begrote lasten.

Voor Epe bedraagt de kasgeldlimiet voor 2025 € 10,4 miljoen (zie bijlage 3). Door het positieve liquiditeitssaldo gedurende het hele jaar en de afwezigheid van opgenomen korte geldleningen, blijft de gemeente ruimschoots binnen deze limiet.

4.3.2 Renterisiconorm
Het doel van de renterisiconorm is het beperken van de gevolgen van een stijgende kapitaalmarktrente op de rentelasten van de gemeente. De rente van een langlopende lening staat voor een bepaalde tijd vast. Als die periode afloopt, kan het zijn dat de rente hoger is. Dan moeten we voor dezelfde lening meer rente betalen. Als op hetzelfde moment veel lange leningen tegelijk aflopen, dan moeten we ineens veel meer rente gaan betalen. Daarom staat in de wet FIDO de renterisiconorm. Die bepaalt hoeveel van de langlopende schulden in één jaar mogen aflopen: maximaal 20% van het begrotingstotaal aan leningen mogen per jaar in aanmerking komen voor herfinanciering en/of renteherziening. 

Voor Epe is de renterisiconorm ruim € 24 miljoen (zie bijlage 3). Aangezien Epe op dit moment geen gebruik maakt van leningen, blijft de gemeente ruimschoots binnen deze norm. 

4.4 Financiering

Terug naar navigatie - 4 | Financiering - 4.4 Financiering

4.4.1 Financieringspositie

De financieringspositie geeft de financieringsbehoefte van de gemeente aan. Als we meer geld uitgeven dan er binnen komt, dan moeten we geld lenen. Dat heet een financieringstekort.

Het financieringssaldo ultimo 2025 is €22,1 miljoen positief (in 2024: €21 miljoen positief) (berekening: reserves en voorzieningen minus vaste activa). Er was in 2025 voldoende liquiditeit om alle benodigde uitgaven te kunnen doen (inclusief de financiering van investeringen). Het overschot van financieringsmiddelen is in 2025 in 's Rijks' schatkist aangehouden. Voor de komende jaren staan nog grote investeringsuitgaven op de planning. Het effect hiervan op liquiditeit zal nauwlettend gemonitord worden middels een liquiditeitenplanning. 

4.4.2 Leningenportefeuille
In 2025 was het dus niet nodig om externe financiering aan te trekken.

Gemeente Epe heeft al een paar jaar geen gebruik gemaakt van externe financieringsmogelijkheden. In 2022 is voor het laatst een kortlopende kasgeldlening afgelost en sinds medio 2019 heeft Epe geen langlopende geldleningen meer. 

In het kader van het financieel toezicht publiceert de provincie jaarlijks een overzicht van de schuldenpositie van de gemeenten in Gelderland. Uit dat overzicht blijkt dat de netto schuld per inwoner van Epe in vergelijking met de andere 51 gemeenten laag is. In de publicatie over 2024 staat Epe op de 2e plaats van de Gelderse gemeenten met de minste netto schuld per inwoner.

4.4.3 Uitzettingen
Gemeente Epe heeft in 2025 de overtollige liquide middelen in 's Rijks' schatkist aangehouden, overeenkomstig de Regeling Schatkistbankieren decentrale overheden. Daarbij is het drempelbedrag van wat de gemeente buiten de schatkist mag aanhouden, niet overschreden. In de toelichting op de balans, onder Schatkistbankieren, is een berekening hiervan opgenomen.

De uitzetting van overtollige liquide middelen in 's Rijks' schatkist in 2025 heeft geleid tot een rentebate van €0,5 miljoen.

Naast de middelen in 's Rijks' schatkist heeft de gemeente Epe ook nog andere uitzettingen en beleggingen, zoals bij BNG en Vitens vanwege haar publieke taak.

4.5 EMU-saldo

Terug naar navigatie - 4 | Financiering - 4.5 EMU-saldo

De Europese Unie heeft bepaald dat het EMU-tekort van een land niet hoger mag zijn dan 3% van het bruto binnenlands product. Binnen Nederland is dit tekort 'verdeeld' tussen de verschillende overheden, de zogenaamde EMU-referentiewaarde. Voor de gemeente Epe is de individuele referentiewaarde EMU-saldo 2025  (inclusief haar aandeel in gemeenschappelijke regelingen) € 5,7 mln. In onderstaand overzicht is het gerealiseerde EMU-saldo 2025 berekend van de gemeente zelf. Het EMU-saldo drukt uit welk financieringstekort of -overschot we hebben. 

(bedragen x € 1.000)  Realisatie 2024 Realisatie 2025
1. (+) Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit de reserves (zie BBV, artikel 17c) 10.841 10.197
2. (-/-) Mutatie (im)materiële vaste activa 8.226 9.684
3. (+) Mutatie voorzieningen 1.041 1.073
4. (-/-) Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) 359 456
5. (-/-)

Verwachte boekwinst/verlies bij verkoop van financiële vaste activa en 
(im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa

  -
Berekend EMU-saldo 3.297

1.130

Het berekende EMU-saldo van de gemeente Epe over 2025 is € 1,0 miljoen positief en blijft  onder de referentiewaarde van het EMU-tekort. De gemeente heeft in 2025 nog steeds meer geld ontvangen dan dat ze heeft uitgegeven. 

5 | Bedrijfsvoering

5.1 Inleiding

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.1 Inleiding

De paragraaf bedrijfsvoering heeft tot doel inzicht te geven in de beleidsvoornemens op het gebied van de bedrijfsvoering en de ontwikkeling van de organisatie. Een goede bedrijfsvoering is een randvoorwaarde voor een succesvolle uitvoering van de primaire processen en ontwikkelingen zoals inwonersgericht werken en integraal werken (waaronder het omgevingsprogramma) en de interne-, en externe dienstverlening. Onder bedrijfsvoering wordt verstaan: mens en organisatie, informatievoorziening en automatisering, financiën, huisvesting (incl. facilitaire zaken), communicatie en juridische zaken.

5.2 Beleidskaders

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.2 Beleidskaders

 Het beleidskader voor de inrichting van de organisatie en de bedrijfsvoering is door het college vastgesteld in de volgende documenten:

  • Sturingsconcept 'Samenwerken' gemeente Epe 2024
  • Mandaatregister
  • Financiële verordening 2023

De kaders en de ambitie voor de ontwikkeling van de organisatie zijn vastgelegd in de visiedocumenten:

  • Toekomstvisie Epe 2030
  • Samen verder

5.3 Beleidsverantwoording

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3 Beleidsverantwoording

Net als veel andere gemeenten staat Epe voor grote maatschappelijke opgaven waarbij de gemeente enerzijds een regierol heeft, in andere gevallen meer faciliterend optreedt en daarbij ook mede afhankelijk is van landelijke ontwikkelingen. Het is van belang om op een goede wijze invulling te geven om deze maatschappelijke opgaven te bereiken en door inzet van participatie met inwoners.  Hiervoor werkten wij in 2025 aan de visie Samen verder vanuit waar we inwonersgericht en integraal werken verder versterken. 

De visie van de gemeente Epe luidt als volgt: 

Inwoners, bedrijven, instellingen, verenigingen en gemeente; samen geven we vorm aan goed natuurlijk leven in Emst, Epe, Oene en Vaassen. Als partners luisteren we naar elkaar, leren we van elkaar en nemen we gezamenlijk verantwoordelijkheid. Vanuit vertrouwen in elkaar en betrokkenheid bij onze omgeving bouwen we aan een gemeente waarin iedereen fijn kan wonen, werken en leven, nu en later.

 De kernwaarden van gemeente Epe zijn: 'denken in mogelijkheden',  'samen' en 'transparant'.

Om maatschappelijke opgaven meer in samenhang aan te pakken, is de ontwikkeling van een ‘Denkkader maatschappelijke opgaven’ opgestart. Dit kader helpt bij het maken van integrale afwegingen bij beleidsontwikkeling. Hetzelfde geldt voor het ontwikkelen van een ‘Gemeentebreed beleidsproces’. Dit fungeert als een stappenplan bij het opstellen van beleid en beschrijft onder andere wanneer welk bestuursorgaan wordt betrokken, hoe inwoners kunnen participeren en hoe de afstemming tussen teams en tussen beleid en uitvoering wordt geborgd? 

5.3.1 Organisatie

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3.1 Organisatie

Wat voor organisatie willen we zijn?

We zijn een organisatie die in verbinding staat met de samenleving, denkt in mogelijkheden, transparant is en waar we fijn (samen)werken'. Deze hebben we in de visie 'Samen verder' nader uitgewerkt. 

Concrete acties 2025 

In 2025 hebben we voortgang geboekt in de doorontwikkeling van onze organisatie. De eerder uitgevoerde benchmark vormde de basis voor het in lijn brengen van de formatie. Per saldo wordt het aantal FTE niet gewijzigd, maar vindt er een herschikking plaats, waarbij formatie vanuit bedrijfsvoering wordt overgeheveld naar het primaire proces. Dit proces is in 2025 gestart en loopt nog deels door in 2026. Daarnaast is een nieuw functiehuis opgezet, dat in 2026 wordt geïmplementeerd. Alle functies in de organisatie zijn ingedeeld en gepositioneerd, met als doel een transparant en toekomstbestendig functiehuis. Hierbij is nadrukkelijk aandacht besteed aan uniformiteit, rechtsgelijkheid en aansluiting bij de strategische opgaven. 

 

We blijven inzetten op werkgeluk om medewerkers te binden en te boeien

In 2025 hebben we gewerkt aan een integraal concernplan. Dit concernplan biedt een eenduidig organisatorisch en strategisch kader, waarin onze ambities, opgaven en ontwikkelrichtingen samenkomen. Het concernplan vormt nu de basis voor organisatiesturing, HR-ontwikkeling, prioriteitenstelling en teamplannen.

 

Prioritering 

In 2025 is ook gewerkt aan een systematiek waarmee vanaf 2026 de belangrijkste opgaven en ontwikkeltrajecten per team geprioriteerd worden. Hierbij wordt gekeken naar haalbaarheid, benodigde expertise en de structurele belasting van teams. Dit moet leiden tot een realistischere planning (waaronder de Lange Termijn Agenda voor de gemeenteraad), betere focus en meer voorspelbaarheid in de uitvoering. De prioritering vormt tevens een fundament voor toekomstige afweging voor de inzet van middelen en voor het verder vormgeven van de strategische personeelsplanning. 

 

Doorontwikkeling op de opgaven dienstverlening, inwonersgericht werken en integraal werken? 
Via de feedbacktool en het in kaart brengen van klantreizen onderzochten we hoe inwoners de dienstverlening ervaren. Zodat we deze kunnen verbeteren vanuit het oogpunt van inwoner. Dit hebben we onder andere gedaan voor online formulieren van Burgerzaken, de subsidie ‘Goed voor elkaar’, de aanvraag van evenementenvergunningen en voor meldingen in de openbare ruimte. Daarnaast is er een pilot gestart om de telefonische bereikbaarheid en samenwerking tussen het klantcontactcentrum (KCC) en het team VTH bij het beantwoorden van vragen te verbeteren. Daarbij kijken we ook hoe de informatie op de website hier beter op kan aansluiten en hoe de Persoonlijke Internet Pagina (PIP) ingezet kan worden om inwoners de voortgang van hun aanvragen te laten volgen.
Het afgelopen jaar hebben we ook gewerkt aan het verder toegankelijk maken van onze online dienstverlening zodat deze door iedereen goed gebruikt kan worden via de website, ook door mensen met een beperking. De gemeentelijke website heeft inmiddels status B en voldoet daarmee aan de huidige eisen van het Besluit digitale toegankelijkheid. Hiernaast voldoet de gemeente aan de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv), die op 1 januari 2026 in werking is getreden. Deze wet waarborgt dat overheidsdienstverlening ook online veilig, betrouwbaar en rechtsgeldig beschikbaar is De actiepunten uit het rekenkameronderzoek digitale dienstverlening krijgen een vervolg in 2026. Tot slot hebben we verkennende stappen gezet om aan te sluiten bij landelijk ontwikkelde innovaties, zoals de inzet van AI bij het beantwoorden van vragen.

In relatie tot inwonersgericht en integraal werken hebben we inspanningen gericht op het vergroten van de (mede)zeggenschap en samenwerking met inwoners. In 2024 is de gemeenteraad geconsulteerd op de visie Samen verder. Vanuit deze visie zijn tal van participatietrajecten uitgevoerd (zie ook de voortgangsrapportages voor de visie Samen verder) en er is veel ervaring opgedaan. Dit vormt de basis voor het traject dat gestart is om te komen tot de gemeente-brede 'Participatieaanpak Samen verder’. In aanvulling hierop werken we aan een wettelijk verplichte participatieverordening die in 2026 door de gemeenteraad moet worden vastgesteld. Parallel hieraan wordt gestart met het versterken van de kennis en vaardigheden van medewerkers op het gebied van participatief werken. Daarvoor worden in 2026 trainingen en inspiratiesessies georganiseerd en hulpmiddelen ontwikkeld. Om invulling te geven aan het door de gemeenteraad aangenomen initiatiefvoorstel voor jongerenparticipatie, is er een onderzoek uitgevoerd om inzicht te krijgen in de mate waarin jongeren zich gehoord voelen en op welke manier zij willen participeren. De uitkomsten worden meegenomen in de gemeente-brede participatieaanpak. 

Om bewonersinitiatieven te stimuleren is de subsidieregeling ‘Goed voor elkaar’ toegankelijker gemaakt en actief onder de aandacht gebracht. Daarnaast werkt de gemeente samen met inwoners aan de zogeheten ‘Dorpendeals’. Hiermee kunnen lokale initiatieven om samen te werken aan de (sociale) verbondenheid van een wijk of dorp, met behulp van provinciale subsidie worden gerealiseerd. De dorpendeal voor Emst is in 2025 afgerond en de dorpendeal voor Vaassen is in 2025 uitgewerkt (definitieve besluitvorming vindt plaats in 2026).

 

 

 

5.3.2 Communicatie

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3.2 Communicatie

Actieve communicatie en inwonerparticipatie
Naast de reguliere inzet op verschillende inhoudelijke dossiers is er het afgelopen jaar veel inzet geweest op communicatie met betrekking tot de grote opgave voor het opvangen en huisvesten van vluchtelingen.

5.3.3 Informatievoorziening en Automatisering

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3.3 Informatievoorziening en Automatisering

In 2025 zijn naast reguliere IT-vervangingen en nieuwe initiatieven, verschillende projecten uit het uitvoeringsprogramma van het informatiebeleid uitgevoerd. 

Informatiebeleid, datagedreven werken en ICT-infrastructuur 

Er zijn verschillende maatregelen getroffen om een moderne en wendbare gemeente te kunnen blijven. Denk hierbij aan: nieuwe data-abonnementen voor telefonie, een nieuw datamagazijn voor basisregistraties en binnen de uitbesteding van onze ICT-Infrastructuur is gestart met de inrichting van een nieuwe, moderne werkplek gebaseerd op Windows 11. De zogenaamde; Werkplek 2.0. De afgelopen jaren waren erop gericht om, vanwege de kwetsbaarheid, complexiteit en continuïteit, onze ICT-infrastructuur extern te beleggen. Nagenoeg al onze applicaties worden dan ook als SaaS (Software-as-a-Service) afgenomen. Echter, deze aanpak brengt, blijkt nu, een verschuiving van operationele naar strategische kwetsbaarheid met zich mee. Techgiganten en ook grote mogendheden maken gebruik van technologie om hun invloed op allerlei manieren te vergroten. Dit is een enorme uitdaging de komende jaren, waar alle Europese overheden mee te maken gaan krijgen.  

Belangrijke onderdelen uit het uitvoeringsprogramma zijn gerealiseerd. Zo is het datateam opgericht, bestaande uit specialisten op het gebied van data en geo-informatie. Dit team ontwikkelt nieuwe data-toepassingen, zoals dashboards en kaarten, en werkt aan het verbeteren van de kwaliteit en integriteit van de gebruikte gegevens. Met betere data kunnen betrouwbaardere en nieuwe inzichten worden gegenereerd. Daarnaast is een systematiek voor het werken met pilots geïntroduceerd; de eerste pilots zijn volgens deze systematiek geprioriteerd en uitgevoerd. Verder is een feedback-tool voor het monitoren van de dienstverlening opgeleverd, is nieuwe verkiezingssoftware geïmplementeerd en is het proces contractregistratie ontwikkeld en in gebruik genomen. De implementatie van wetgeving zoals de Wet Open Overheid (WOO), Wet elektronische publicatie (WEP) en de modernisering van elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) is, voor zover de landelijke richtlijnen het toelaten, gerealiseerd. 

Ook zijn de eerste stappen gezet op het vlak van AI. Er is gewerkt aan een AI-strategie waarin ambities worden neergezet en verplichtingen vanuit onder andere de AI-act worden geadresseerd. Ook is de eerste AI-pilot uitgevoerd. Met behulp van pilots, proberen we kennis op te bouwen en risico's te identificeren.    

Informatieveiligheid 

De aandachtspunten voor 2025 op het gebied van informatieveiligheid waren het implementeren van multi-factor authenticatie, data-minimalisatie en de voorbereiding op de zero-trust filosofie (‘never trust, always verify’). Ook is gewerkt aan een plan van aanpak voor de implementatie van de Cyberbeveiligingswet (Cbw), de Nederlandse vertaling van de Europese NIS2-richtlijn. Het op de Baseline Informatieveiligheid Overheid (BIO) gebaseerde informatieveiligheidsbeleid is verder versterkt en de jaarlijkse taken rond de ENSIA-verantwoording van het College aan de Raad zijn uitgevoerd. Informatieveiligheidsbewustzijn blijft een aandachtspunt. Ook afgelopen jaar zijn verschillende e-learnings aangeboden en phishing campagnes ingezet om medewerkers bewust te maken van de gevaren op het gebied van cybercriminaliteit, juist gebruik van basisgegevens en privacy.  Het belang van een goede informatiebeveiliging blijkt uit de hack die op donderdag 12 maart 2026 op het systeem van de gemeente Epe plaatsvond.

Informatiebeheer en archivering 

In 2025 is het Noord-Veluws Archief (NoVA) opgericht, waarin Epe participeert via een gemeenschappelijke regeling. NoVA fungeert als streekarchief en verzorgt tevens het e-depot voor de archivering van elektronische documenten. In 2025 is een plan van aanpak opgesteld voor het wegwerken van de achterstanden in de overgebrachte archieven van Epe. 

 

5.3.4 Juridische Zaken

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3.4 Juridische Zaken

In 2025 zijn Data Protection Impact Assessments uitgevoerd door de gehele organisatie heen. De privacy-, data- en informatiebeveiligingsaspecten worden in een vroeg stadium betrokken binnen werkprocessen, het implementeren van applicaties en aanbestedingen en relevante wet- en regelgeving (zoals de Wet politiegegevens, hierna: Wpg). Eveneens is er gewerkt aan bewustwording op dit vlak.  Processen zijn geüpdatet naar de huidige actualiteit. De verplichte externe Wpg-audit is uitgevoerd in 2025, over het jaar 2024.

In 2025 is vanuit de borging van de gestelde organisatie-opgaven gewerkt aan het meer integraal werken binnen de organisatie, alsmede een voorsortering op de digitale ontwikkelopgave voor overheden vanuit de Europese Unie. Hier wordt een apart document voor opgesteld en de processen worden waar nodig mogelijk aangepast. Artificial Intelligence heeft een vlucht gemaakt en de organisatie is begonnen met voorsorteren op verplichtingen uit onder andere, maar niet uitsluitend, de AI Act en de Data Governance Act.

Het aantal zaken voor de afdeling bezwaar is in 2025 verder teruggebracht naar behandelbare proporties. In het kader van de Wet Open Overheid zijn verdere stappen gezet in de actieve openbaarmaking. Het aantal Woo-verzoeken lag in lijn met voorgaande jaren. De organisatie volgt de lijn van de Rijksoverheid met betrekking tot de implementatie en houdt zicht op de planning die van daaruit gesteld wordt.

De juridische kwaliteitszorg is een belangrijk aandachtspunt geweest in 2025. In 2026 zal dit proces verder focus krijgen, zodat dit door de gehele organisatie geborgd wordt. In 2026 zullen opvolgende gesprekken hierover plaatsvinden, in combinatie met de opgaven die gesteld zijn voor de organisatie, alsmede de Europese wet- en regelgeving die ons meerdere opgaven geeft. Integraliteit en samenwerken zijn hier de sleutelfactoren, waar de nadruk op wordt gelegd bij de implementatie van bovenstaande in combinatie met het borgen van de juridische kwaliteitszorg door de gehele organisatie heen.

5.3.5 Financiën

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3.5 Financiën

Nieuw financieel systeem / Inkoop

Het nieuwe financiële systeem biedt uitgebreide mogelijkheden om inkoop en financiën verder te integreren. Hierdoor is de organisatie beter in control. In 2025 heeft deze integratie verder vorm gekregen door de implementatie van iRapportage. Met iRapportage kunnen financiële gegevens worden gecombineerd en overzichtelijk worden gepresenteerd, wat bijdraagt aan betere stuurinformatie en besluitvorming. 

E-facturen

Sinds 2018 kan de gemeente Epe e-facturen ontvangen en verwerken. Door het actief benaderen van leveranciers is het aantal leveranciers dat e-facturen aanlevert gegroeid naar 63. Dit vertegenwoordigt 11% van het totaal aantal in 2025 verwerkte facturen. Ter vergelijking: in 2024 lag dit percentage op 7%.

Afhandeling facturen

Voor 2025 is als gewaagd doel geformuleerd dat 89% van de facturen op of vóór de vervaldatum wordt betaald, gedurende ten minste 10 maanden (vanaf 1 januari 2025). Dit doel is in 2025 zowel wat betreft het percentage als het aantal maanden gerealiseerd.

Doorontwikkeling inkoopfunctie

In 2025 is een vernieuwd contractenregister in gebruik genomen binnen het zaaksysteem, waarin nieuwe contracten structureel worden vastgelegd. Daarnaast wordt een inhaalslag gemaakt met bestaande contracten. Dit draagt bij aan tijdige signalering van aflopende, op te zeggen en te verlengen contracten, waardoor de kans op onrechtmatigheden en ongewilde verlengingen wordt verkleind. Hiermee wordt het contractmanagement verder versterkt en invulling gegeven aan een aanbeveling van de VIC/accountant. Daarnaast zijn in 2025 de nieuwe algemene inkoopvoorwaarden Epe vastgesteld en is gestart met een voorstel tot verbetering van het mandaat- en volmachtbesluit, om de ondertekeningsbevoegdheid te verduidelijken. Besluitvorming hierover wordt in 2026 verwacht.

In 2025 is er door het college in 6 gevallen afgeweken van het interne inkoopbeleid. De totale inkoopwaarde was € 0,7 miljoen.

5.3.6 Planning en Control

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3.6 Planning en Control

Planning & Control cyclus

In 2025 is de Kadernota ingevoerd ter vervanging van de Perspectiefnota. Met dit document bepaalde de raad aan de voorkant van het proces de inhoudelijke en financiële kaders voor de (meerjaren)begroting 2026-2029.  Het zwaartepunt van het proces verschoof daarmee naar de raadsvergadering in juli waarin de raad in twee vergaderingen de Kadernota 2026 behandelde en vaststelde. De begroting kon daarna in november in één raadsvergadering worden behandeld. Naast deze Kadernota en (meerjaren)begroting zijn de reguliere documenten in de planning en control cyclus opgeleverd:  de jaarrekening 2024 en twee voortgangsrapportages 2025.  

Epe viel in 2025 opnieuw onder het repressieve toezicht van de provincie, de lichtste vorm van toezicht. Dit geldt ook voor 2026. De accountant gaf bij de jaarstukken 2024 een goedkeurende controleverklaring af. In deze jaarstukken was ook de rechtmatigheidsverantwoording 2024 opgenomen.

Financiële en inhoudelijke doorlichting begroting

In 2025 kreeg de financiële en inhoudelijke doorlichting van de begroting een vervolg.  De resultaten zijn in januari 2025 ter consultatie aan de commissie Omgeving & Financiën voorgelegd.  Het deelproject "laaghangend fruit" bleek, samen het het structureel maken van het niet toepassen van de indexatie 2024, voldoende om de structurele taakstelling van € 2,0 miljoen in te vullen.  Daarnaast werden diverse andere mogelijkheden gezien die leidden tot vervolgonderzoek:

  • Kostendekking: er is een onderzoek uitgevoerd en aan de raad aangeboden naar de mate van kostendekking. Hieruit bleek een aantal producten met een lage kostendekking. Hierop vindt in 2026 een nadere uitwerking plaats;
  • Vastgoed: er vond een inventarisatie plaats van het vastgoed dat in gemeentelijk bezit is. Dat leidde tot een overzicht waarbij het vastgoed ingedeeld is in vier categorieën. Ook dit overzicht is aan de raad aangeboden. De categorie overig wordt in 2026 nader onderzocht op mogelijk vastgoed dat verkocht kan worden;
  • Strategisch accounthouderschap: onderzocht is bij welke verbonden partijen een ombuiging gerealiseerd kon worden. Dit leidde tot een eerste besparing in de begroting 2026-2029. Het onderdeel inkoop krijgt een vervolg in 2026;
  • Doorlichting beleid en subsidies: afgesproken is dat dit project gekoppeld wordt aan de nieuwe bestuursperiode.

Daarnaast is gestart met het actualiseren van het financieel beleid. Hierover zijn de commissies Planning & Control en Omgeving & Financiën op verschillende momenten geconsulteerd. Voor de actualisatie zijn de volgende uitgangspunten benoemd:

  • (Norm)waarden voor indicatoren: voor solvabiliteit wordt een ondergrens gezien van 50%;
  • Omgaan met kansen en risico's: lijn is om voor risico's een algemene buffer aan te houden (meer generiek, minder specifiek);
  • Verstrekken van leningen en garanties: uitgangspunt is terughoudendheid, een nee-tenzij beleid;
  • Activeren en afschrijven: uitgangspunt is om het bezit zo volledig mogelijk op de balans tot uitdrukking te laten komen. Verder richt de uitwerking zich op nadere spelregels rond de reserve dekking kapitaallasten.

Het nieuwe beleid landt in aangepaste versies van o.a. de financiële verordening, de nota reserves en voorzieningen en de nota risicomanagement. Aanbieding vindt plaats voor het zomerreces 2026.

Verbijzonderde interne controle

Ook in 2025 is de 'verbijzonderde interne controle' (VIC) uitgevoerd, gericht op de opzet, het bestaan en de werking van processen en de daarin opgenomen beheersmaatregelen. Daarbij is de aandacht vooral gericht op de rechtmatige uitvoering van de processen. Verbeterpunten worden gerapporteerd en stap voor stap geïmplementeerd. De VIC wordt door een externe partij uitgevoerd. In 2025 zijn de werkzaamheden gestart om tot een nieuwe aanbesteding te komen.

5.3.7 Rechtmatigheidsverantwoording

Terug naar navigatie - 5 | Bedrijfsvoering - 5.3.7 Rechtmatigheidsverantwoording

In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verantwoording afgelegd over de naleving van de regels, die van belang zijn voor financiële handelingen van de gemeente. Met deze verantwoording geven wij invulling aan hoofdstuk 3 van de financiële verordening.

In de rechtmatigheidsverantwoording zijn drie criteria van belang:

-             het begrotingscriterium

-             het voorwaardencriterium

-             het misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium.

De rapporteringstolerantie voor onrechtmatigheden is door de Raad vastgesteld op € 114.000 euro. De uitkomsten van de rechtmatigheidsverantwoording worden weergegeven in onderstaande tabel:

Begrotingscriterium

Alle begrotingsoverschrijdingen (bruto) op de totale lasten per begrotingsprogramma (en daarmee overeenstemmende balansmutaties) en kredieten zijn onrechtmatig als deze lasten in strijd zijn met een wettelijke bepaling of met het beleid van de Raad. Overschrijding van budgetten binnen wet- en regelgeving en passend bij de uitvoering van het beleid van de Raad zijn niet onrechtmatig (netto).

Overschrijding lasten begrotingsprogramma’s en kredieten

In 2025 is er bij de begrotingsprogramma's sprake geweest van een overschrijding van € 3.901.000 aan de lastenkant en bij de kredieten een overschrijding van € 112.000. In overeenstemming met de financiële verordening artikel 10 lid 4 is € 3.901.000 hiervan acceptabel. Op hoofdlijnen worden ze hieronder toegelicht. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar de toelichting op de baten en lasten in de jaarrekening en bij de programmaverantwoording.

 Opgroeien in Epe:

Op het programma opgroeien in Epe is een overschrijding op de lastenkant ten opzichte van de begroting met een bedrag van € 688.000. Dit wordt veroorzaakt door extra lasten inzake het sociaal domein (Jeugdzorg). Met de raad is afgesproken dat een overschrijding door een open einde regeling acceptabel is.

 Ruimte en Wonen:

Op het programma Ruimte en wonen is een overschrijding op de lastenkant van € 403.000. De afwijkingen zitten binnen de grondexploitatie, waarin de gemeente op complex niveau nog wel binnen het vastgestelde krediet blijft. Het betreft een overschrijding van de jaarschijf. Dit past binnen de afspraken die gemaakt zijn met de raad.

Epe op orde:

Op het programma Epe op Orde is een overschrijding op de lastenkant van € 981.000. De afwijking betreft met name de uitgaven voor achterstallig onderhoud wegen.  Hiervoor is door de raad extra budget beschikbaar gesteld dat aan de reserve wegen is toegevoegd.  Dit is echter niet vertaald in ophoging van het budget waardoor nu een overschrijding ontstaat waar een onttrekking aan de reserve tegenover staat. Aangezien er dus wel dekking is, past dit binnen bestaand beleid.

Bestuur en organisatie:

Op het programma Bestuur en Organisatie is aan de lastenkant een overschrijding van € 1.5 miljoen. Dit komt voor een groot deel door een dotatie aan de voorziening voor politieke ambtsdragers. De commissie BBV heeft pas in december 2025 hiervoor aanvullende richtlijnen gegeven. Daardoor kon deze verplichte mutatie niet meer in een begrotingswijziging worden verwerkt. 

Voorwaardencriterium

Bij dit criterium gaat het om toepassing van de eisen en voorwaarden die worden gesteld aan financiële (beheers)handelingen. Die eisen en voorwaarden hebben betrekking op doelgroep, termijn, grondslag, administratieve bepalingen, normbedragen, bevoegdheden bewijsstukken, recht, hoogte en duur.

 Wij hebben vastgesteld dat er onrechtmatigheden zijn voor een bedrag van € 672.000 doordat de Europese aanbestedingsrichtlijnen niet juist zijn toegepast. Hieronder wordt een toelichting gegeven.

Algemeen:

Een budgethouder die een werk, levering of dienst afneemt bij een leverancier, dient zich af te vragen op welke wijze de afname moet worden aanbesteed. Hiervoor is er binnen de gemeente een inkoopbeleid dat moet waarborgen dat de regels worden gevolgd. In 2025 is voor een bedrag van € 672.000 ingekocht waarbij de Europese aanbestedingsrichtlijnen niet juist zijn toegepast. Onrechtmatigheden aanbesteding en inkopen onderverdeeld naar categorie:

Aanbesteding en inkopen:

A) Ingenieursdiensten (€ 288.000). De afgelopen jaren is er gebruik gemaakt van tijdelijke ingenieursdiensten. De onrechtmatigheden worden voornamelijk veroorzaakt doordat in het verleden de raming van de opdrachten op een verkeerde wijze ingeschat is. Daarnaast wordt er vanwege doelmatigheidsoogpunt soms een contract verlengd aangezien een project langer doorloopt dan in eerste instantie verwacht. Er is in 2025 een nieuw contract Europees aanbesteed waardoor toekomstige kosten inzake ingenieursdiensten bij onze gecontracteerde partijen uitgezet kunnen worden.

B) Installatiediensten (€ 48.000). Als gemeente besteden wij de installatiediensten uit bij een lokaal bedrijf. Dit voldoet aan de wensen van ons intern inkoopbeleid en draagt bij aan een doelmatige uitvoering. Gelet op de optelsom van de opdrachtwaarden over de diverse jaren, is dit een opdracht die Europees aanbesteed had moeten worden.

 C) Inhuur op verschillende domeinen (€ 335.000). Dit zijn contracten die in 2025 verlengd zijn waardoor deze boven de aanbestedingsgrens uitkomen. Deze verleningen hadden op een andere wijze aanbesteed moeten worden waardoor deze uitgaven onrechtmatig zijn.

 

Misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium

Misbruik is het opzettelijk niet, niet tijdig, onjuist of onvolledig verstrekken van gegevens. Met als doel ten onrechte overheidssubsidies of -uitkeringen te ontvangen of niet dan wel een te laag bedrag aan heffingen aan de overheid te betalen. Oneigenlijk gebruik is het door het aangaan van rechtshandelingen en/of feitelijke handelingen, ontvangen van overheidsbijdragen of het niet dan wel tot een te laag bedrag betalen van heffingen aan de overheid, in overeenstemming met de tekst van de regelgeving maar in strijd met het doel en de strekking daarvan.

Uitkeringen, subsidies en vergunningen gaan alleen naar inwoners, bedrijven en instellingen die daar recht op hebben. Dit wordt getoetst aan wet- en regelgeving en interne integriteitsregelingen en -afspraken. Wij hebben interne procedures om na te gaan dat (belasting-)gelden, subsidies, uitkeringen of bijdragen, enzovoort op de juiste manieren worden ingezet en besteed. Voor verschillende beleidsterreinen hebben wij preventieve en/of repressieve maatregelen. Preventieve maatregelen zijn met name regelgeving, voorlichting en controle vooraf. Repressieve maatregelen zijn controle achteraf en sanctionering.

In 2023 is er overkoepelend beleid voor het voorkomen van misbruik- en oneigenlijk gebruik vastgesteld, deze is voor boekjaar 2025 nog altijd actueel. 

Eindconclusie:

Het totaal aan gerapporteerde onrechtmatigheden (lees € 3,3 miljoen en € 0,8 miljoen als rekening wordt gehouden met de afspraken met de raad) is lager dan de vastgestelde verantwoordingsgrens van 2% van de gerealiseerde bestedingen (€ 2.3 miljoen). Het college is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties in overeenstemming met de Kadernota rechtmatigheid rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens.

6 | Verbonden Partijen

6.1 Inleiding

Terug naar navigatie - 6 | Verbonden Partijen - 6.1 Inleiding

De paragraaf verbonden partijen geeft inzicht in de relaties en verbindingen van de gemeente met 'verbonden partijen'. Van een 'verbonden partij' is sprake wanneer er vanuit de gemeente bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend en wanneer er financiële belangen mee gemoeid zijn. 

  • Onder bestuurlijk belang wordt verstaan het hebben van een zetel in het bestuur van de verbonden partij of het hebben van stemrecht.
  • Met financieel belang wordt bedoeld dat de gemeente middelen ter beschikking heeft gesteld (en die ze in geval van faillissement van de verbonden partij kwijt kan zijn) en/of in geval dat er financiële problemen ontstaan bij de verbonden partij er verhaal op de gemeente kan plaatsvinden.

6.3 Beheersing risico's

Terug naar navigatie - 6 | Verbonden Partijen - 6.3 Beheersing risico's

De verbonden partijen van de gemeente Epe lopen sterk uiteen in (financiële) omvang en vorm. Hierdoor variëren ook de gemeentelijke belangen en risico’s sterk. Op basis van de in de nota verbonden partijen 2023 opgenomen risico analysemodellen wordt per partij bezien hoeveel bestuurlijk (inhoudelijk) en financieel belang er is en hoeveel risico er wordt gelopen. Op basis van beide analyses wordt tweemaal per jaar het risicoprofiel bepaald. Hoe groter het bestuurlijk en/of financieel belang bij een verbonden partij, hoe intensiever de sturing. Er zijn drie risicoprofielen:

Basis pakket
Verbonden partijen waarbij de gemeente een laag bestuurlijk en financieel risico loopt worden ingedeeld in het Basis pakket. De gemeenteraad wordt over verbonden partijen in dit pakket geïnformeerd bij de gemeentelijke begroting en jaarrekening.

Pluspakket
Verbonden partijen waarbij de gemeente een gemiddeld bestuurlijk of financieel risico loopt worden ingedeeld in het Pluspakket. Aanvullend op het Basis pakket wordt de gemeenteraad ook bij de voortgangsrapportage geïnformeerd over deze verbonden partijen, zo nodig ook met een informatienota. Daarnaast zal de bestuurlijke en ambtelijke overleg frequentie met deze verbonden partijen hoger zijn dan bij de partijen in het basispakket. Tot slot worden deze verbonden partijen ook periodiek geagendeerd in het college.

Plusplus pakket
Verbonden partijen waarbij de gemeente een hoog bestuurlijk en financieel risico loopt worden ingedeeld in het Plusplus pakket. Aanvullend op het Pluspakket wordt het bestuurlijke en ambtelijke overleg nog verder geïntensiveerd met deze verbonden partijen. 

6.4 Overzicht verbonden partijen

Terug naar navigatie - 6 | Verbonden Partijen - 6.4 Overzicht verbonden partijen

Op basis van regelgeving volgt hierna het overzicht van bestaande verbonden partijen. Daarin wordt per partij de voorgeschreven informatie verschaft. Bij de gemeenschappelijke regelingen die geen eigen vermogen hebben is het financieel belang van de gemeente gelegen in de verplichting om bij te springen als er financiële problemen ontstaan bij de verbonden partij. 

6.4.1 Gemeenschappelijke regelingen

 

GGD NOG
Volledige naam GGD Noord- en Oost Gelderland
Vestigingsplaats Warnsveld
Vorm Gemeenschappelijke regeling (openbaar lichaam)
Wijze van belang Lid van Algemeen Bestuur
Openbaar belang De GGD NOG beschermt, bewaart en bevordert de gezondheid van de inwoners van 22 gemeenten in de regio Noord- en Oost Gelderland; deze 22 gemeenten zijn gezamenlijk de deelnemers in de gemeenschappelijke regeling.
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 85.000 € 137.000
Eigen vermogen van de verbonden partij € 1.921.000 € 3.102.000
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 11.330.000 € 6.969.000
Financieel resultaat van de verbonden partij € 1.184.000
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 761.000
Gerealiseerde beleidsvoornemens GGD NOG voert voor de gemeente Epe de jeugdgezondheidszorg voor 4-19 jarigen uit. Daarnaast worden taken voor de algemene gezondheid uitgevoerd, onder andere infectieziektebestrijding. De GGD NOG biedt gemeenten inzicht in de gezondheidssituatie van de inwoners van de gemeenten. Gemeenten en GGD werken aan de vertaling van 4 thema’s naar concrete afspraken en acties (vergroten van gelijke kansen op gezondheid voor iedereen, mentale gezondheid, gezonde leefstijl en gezonde fysieke en sociale leefomgeving) met als doel de gezondheid van inwoners te verbeteren en te voorkomen dat zij aanspraak moeten maken op zwaardere vormen van zorg en/of ondersteuning.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Lucrato
Volledige naam Werkbedrijf Lucrato
Vestigingsplaats Apeldoorn
Vorm Gemeenschappelijke regeling
Wijze van belang Lid dagelijks bestuur
Openbaar belang Het bieden van werkplekken voor inwoners met een arbeidshandicap, die niet zelfstandig kunnen werken (WSW) of alleen in een beschutte werkomgeving. En begeleiden naar werk (re-integratie) van mensen die onder de Participatiewet vallen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 620.435 € 874.617
Eigen vermogen van de verbonden partij € 4.131.000 € 5.849.000
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 4.531.000 € 4.782.000
Financieel resultaat van de verbonden partij € 1.661.000
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 0
Gerealiseerde beleidsvoornemens Realiseren en vergroten uitstroomdoelstelling Participatiewet: - efficiënte inzet op begeleiden inwoners naar passende arbeidsplek. - expertise bieden voor de brede doelgroep die onder de participatiewet valt (maatwerk). De afgelopen jaren is de bijdrage substantieel lager uitgevallen dan de verwachte bijdrage. Dit komt door vrijgevallen middelen en een betere december circulaire. Risico is wel dat de doelgroep die Lucrato moet bedienen steeds meer aandacht nodig heeft. Dit zien we ook terugkomen in de cijfers. Vanuit het Rijk zijn er twee onderzoeksrapporten uitgezet over de haalbaarheid van werkleerbedrijven en Beschutwerk. De gemeenten en Lucrato zetten samen een opdracht uit voor een onderzoek naar de financiële en kwalitatieve positie van werkleerbedrijf Lucrato. Zo kan er ook gekeken worden naar onbenutte kansen.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Streekarchief
Volledige naam Streekarchief Epe, Hattem en Heerde
Vestigingsplaats Epe
Vorm Gemeenschappelijke regeling: centrumgemeente (t/m 30 juni 2025)
Wijze van belang Lid bestuur
Openbaar belang Het beheer van oude openbare archieven en het toezicht op het beheer van de nieuwe archieven
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente - -
Eigen vermogen van de verbonden partij - -
Vreemd vermogen van de verbonden partij - -
Financieel resultaat van de verbonden partij - € 0
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 26.759
Gerealiseerde beleidsvoornemens Het beheer van de oude openbare archieven en het toezicht op het beheer van de nieuwe archieven.
Risicoprofiel laag (basispakket)
NoVA
Volledige naam Noord-Veluws Archief
Vestigingsplaats Elburg
Vorm Gemeenschappelijke regeling bedrijfsvoeringsorganisatie (per 1-7-2025)
Wijze van belang Lid bestuur
Openbaar belang Het uitvoeren van het bepaalde in de Archiefwet 1995 en het vervullen van de functie van regionaal kennis- en informatiecentrum op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis door het opbouwen en beheren van een brede collectie (regionaal) historische bronnen en deze op een actieve wijze dienstbaar te maken voor het publiek.
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente - € 12.905
Eigen vermogen van de verbonden partij - € 122.684
Vreemd vermogen van de verbonden partij - € 405.234
Financieel resultaat van de verbonden partij € 122.684
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 97.720
Gerealiseerde beleidsvoornemens Het Noord-Veluws Archief zorgt voor betrouwbare informatie en maakt die duurzaam zichtbaar ten dienste van de samenleving en is de herkenbare erfgoedpartner die bijdraagt aan transparantie, rechtszekerheid en kennisdeling over het heden en verleden van de regio Noord-Veluwe.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Omgevingsdienst Veluwe
Volledige naam Omgevingsdienst Veluwe (ODVeluwe)
Vestigingsplaats Apeldoorn
Vorm Gemeenschappelijke regeling: openbaar lichaam
Wijze van belang Lid dagelijks bestuur
Openbaar belang Uitvoering wettelijke milieutaken
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 39.823,21 € 83.440,69
Eigen vermogen van de verbonden partij € 584.178,00 € 1.224.019,00
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 3.852.245,00 € 3.103.489,00
Financieel resultaat van de verbonden partij € 462.678,00 € 778.769,00
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 1.010.438,00 € 1.067.213,00
Gerealiseerde beleidsvoornemens De omgevingsdiensten OVIJ en ODNV zijn per 1 januari 2024 gefuseerd. Door de fusie is de kwetsbaarheid verkleind, de kwaliteit vergroot en er meer slagkracht gekomen op ontwikkelingen.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Plus OV
Volledige naam Basismobiliteit
Vestigingsplaats Lochem
Vorm Gemeenschappelijke regeling: bedrijfsvoeringsorganisatie
Wijze van belang Voorzitter bestuur
Openbaar belang Doelgroepen prettig en efficient vervoeren wanneer er geen vervoersalternatief is.
concept 1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 11.136 € 13.360
Eigen vermogen van de verbonden partij € 89.809 € 101.803
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 1.753.580 € 3.094.915
Financieel resultaat van de verbonden partij € 0
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 1.572.473
Gerealiseerde beleidsvoornemens In 2025 werd de ingezette ontwikkeling van de afgelopen jaren voortgezet. Focus op het afronden van de taakstelling tot kostenreductie in personeelskosten, de interne organisatie stabieler maken en de kwaliteit van het vervoer verder verhogen.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Regio Stedendriehoek
Volledige naam Gemeenschappelijke regeling regio Stedendriehoek
Vestigingsplaats Lochem
Vorm Gemeenschappelijke regeling: bedrijfsvoeringsorganisatie
Wijze van belang Voorzitter bestuur
Openbaar belang Belangenbehartiging op gebied van ruimtelijke ordening en landschapsontwikkeling, volkshuisvesting, sociaaleconomische ontwikkeling en arbeidsvoorziening, verkeer en vervoer, milieu, onderwijs en welzijn en recreatie.
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 94.273 € 93.497
Eigen vermogen van de verbonden partij € 757.252 € 1.268.649
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 2.424.089 € 2.394.449
Financieel resultaat van de verbonden partij € 918.383
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 304.528
Gerealiseerde beleidsvoornemens Via verschillende programmalijnen is als regio samengewerkt aan de opgaven waar we voor staan. In 2025 is gewerkt aan het Ontwikkelperspectief 2050 voor de regio. Voor deze integrale verstedelijkingsstrategie leverden alle programma’s van de Uitvoeringsagenda 2023-2030 bouwstenen aan maar ook bestuurders en gemeenteraden de deelnemende gemeenten zijn er nauw bij betrokken geweest. In 2025 is met veel stakeholders (raadsleden, colleges, ondernemers en maatschappelijke organisaties) gewerkt aan een aanscherping van de ambitie, visie en missie, kernwaarden en profilering van de regio wat geleid heeft tot de lijnen: Groei in balans en Groei in veerkracht. De Economic Board ging in april 2025 van start tijdens de regioconferentie en in die maand werd ook de regionale monitor Regio Stedendriehoek in Cijfers gelanceerd. Verder is een economische propositie gemaakt om de bedrijvigheid te versterken: Smart Society & Smart Development.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Tribuut
Volledige naam Tribuut Belastingsamenwerking
Vestigingsplaats Epe
Vorm Gemeenschappelijke regeling: bedrijfsvoeringsorganisatie
Wijze van belang Vice voorzitter bestuur
Openbaar belang Het uitoefenen van de gemeenschappelijke belastingen en Wet waardering onroerende zaken
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 61.066 € 119.965
Eigen vermogen van de verbonden partij € 673.214 € 1.156.931
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 1.243.721 € 1.883.302
Financieel resultaat van de verbonden partij € 562.720 € 769.334
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 744.560 € 811.586
Gerealiseerde beleidsvoornemens In 2025 is Tribuut verhuisd van Epe naar Apeldoorn. Verder is Tribuut continu op zoek naar verbeteringen in de processen, deels probeert Tribuut dit zelf in te regelen en deels door de samenwerking met leveranciers op te zoeken. Hiervoor is in 2025 door Tribuut een project gestart om te kijken of er voordelen te behalen zijn in de processen rondom BAG-BGT-WOZ.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Veiligheidsregio Noord- en Oost Gelderland
Volledige naam Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland
Vestigingsplaats Apeldoorn
Vorm Gemeenschappelijke regeling
Wijze van belang Lid algemeen bestuur
Openbaar belang De VNOG werkt samen met de gemeenten aan veiligheid, door zich sterk te maken voor de kwaliteit en efficiency van de brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening, bevolkingszorg, crisisbeheersing en rampenbestrijding. Dit alles met als doel: veilig en gezond, wonen, werken en recreëren.
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 869.749 € 959.492
Eigen vermogen van de verbonden partij € 22.717.000 € 25.061.000
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 30.501.000 € 49.898.000
Financieel resultaat van de verbonden partij € 1.342.000
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 2.281.000
Gerealiseerde beleidsvoornemens VNOG heeft in 2025 haar kerntaken uitgevoerd. Er is gewerkt aan het voorkomen en beperken van incidenten, door goede advisering, voorlichting en versterking van de zelfredzaamheid, het risicobewustzijn en veilig gedrag. Het thema ‘weerbaarheid’ is in het regionaal beleidsplan benoemd als trend en heeft in 2025, door alle ontwikkelingen, extra veel aandacht gevergd en is verder doorontwikkeld. Er is een programmaplan Weerbaarheid vastgesteld.
Risicoprofiel laag (basispakket)

6.4.2 Vennootschappen en coöperaties

 

Bank Nederlandse Gemeenten (BNG)
Volledige naam N.V. Bank Nederlandse Gemeenten
Vestigingsplaats Den Haag
Vorm Vennootschap
Wijze van belang Lid van de Algemene vergadering van Aandeelhouders
Openbaar belang Bank voor overheden en instellingen voor het maatschappelijk belang
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 152.000 € 152.000
Eigen vermogen van de verbonden partij € 4.777 mln € 4.863 mln
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 123.164 mln € 110.701 mln
Financieel resultaat van de verbonden partij € 172 mln
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij niet van toepassing
Gerealiseerde beleidsvoornemens BNG streeft niet naar winstmaximalisatie, maar naar maatschappelijke impact en een redelijk rendement voor de aandeelhoudende overheden.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Circulus B.V.
Volledige naam Circulus B.V.
Vestigingsplaats Apeldoorn
Vorm Besloten Vennootschap
Wijze van belang Lid van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders
Openbaar belang Afvalverwijdering en straatreiniging
O.b.v. prognose 1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 1 mln.
Eigen vermogen van de verbonden partij € 17,4 mln. € 19,6 mln.
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 16,5 mln. € 15,8 mln.
Financieel resultaat van de verbonden partij € 1.056.000
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 4,5 mln. netto
Gerealiseerde beleidsvoornemens Verduurzamen, circulaire economie, hergebruik van hernieuwbare grondstoffen optimaliseren, de hoeveelheid aangeboden huishoudelijk afval te minimaliseren en de reststromen van het huishoudelijk afval nog beter verwaarden.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Leisurelands
Volledige naam Leisurelands B.V.
Vestigingsplaats Arnhem
Vorm Vennootschap
Wijze van belang Algemene vergadering
Openbaar belang Openbare toegankelijkheid dagrecreatieterrein Kievitsveld
nog geen jaarstukken of prognose 1 jan. 2024 31 dec. 2024
Financieel belang van de gemeente € 6.705 € 6.705
Eigen vermogen van de verbonden partij € 81.200.000 € 84.800.000
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 16.600.000 € 17.400.000
Financieel resultaat van de verbonden partij € 3,5 mln (2024)
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij niet van toepassing
Gerealiseerde beleidsvoornemens Sterkte uitgangspositie behouden, intensieve samenwerking met partners, ontwikkeling duurzame exploitatie.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

OMVV
Volledige naam Ontwikkelingsmaatschappij Vitale Vakantieparken B.V.
Vestigingsplaats Arnhem
Vorm Vennootschap
Wijze van belang Algemene vergadering
Openbaar belang Revitalisering vakantieparken
nog geen cijfers 2025 1 jan. 2024 31 dec. 2024
Financieel belang van de gemeente € 1.565 € 1.565
Eigen vermogen van de verbonden partij € 6.738.822 € 6.518.336
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 16.046 € 32.925
Financieel resultaat van de verbonden partij € -224.064 € -220.486
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij € 8.000 (2025)
Gerealiseerde beleidsvoornemens Het realiseren van een toekomstbestendig toeristisch vitaal aanbod van vakantieparken, dat een sterke schakel vormt in het toeristisch-recreatieve aanbod van de Veluwe. De OMVV heeft een ontwikkeltaak met financiële mogelijkheden om het aankopen, tijdelijk beheren of verkopen van een vakantiepark mogelijk te maken. Financiële mogelijkheden betreffen garanties, leningen en bijdragen om projecten mogelijk te maken met als voorwaarden dat een substantieel deel lokaal wordt gecofinancierd.
Risicoprofiel laag (basispakket)

 

Vitens
Volledige naam Vitens N.V.
Vestigingsplaats Zwolle
Vorm Vennootschap
Wijze van belang Lid van de Algemene Vergadering van Aandeelhouders
Openbaar belang Het beschikbaar stellen van voldoende betrouwbaar drinkwater
1 jan. 2025 31 dec. 2025
Financieel belang van de gemeente € 35.000 € 35.000
Eigen vermogen van de verbonden partij € 677,7 mln € 809,1 mln.
Vreemd vermogen van de verbonden partij € 1.559,7 mln € 1.846,0 mln.
Financieel resultaat van de verbonden partij € 90,6 mln.
Gerealiseerde bijdrage aan de verbonden partij Niet van toepassing
Gerealiseerde beleidsvoornemens In 2025 is de koers van Vitens herijkt. Het winnen, zuiveren, distribueren en leveren van betrouwbaar drinkwater bleef centraal staan, daarnaast werd er gewerkt aan een versnelling in de watertransitie. Dat is een gezamenlijke opgave van overheden, waterbeheerders en Vitens omdat de druk op de ruimte in Nederland groot is en alleen gezamenlijk een drinkwatercongestie te beheersen is en daarmee Nederland draaiende is te houden. In 2025 werden er drie grote kookadviezen afgegeven. Verder moesten in 2025 de investerings- en uitvoeringsagenda bijgesteld worden door tekort aan arbeidskrachten en vergunningsruimte. Het drinkwatertarief is daardoor minimaal gestegen terwijl de uitdagingen groot zijn en er geïnvesteerd moet worden in de toekomst. De klantwaardering was in 2025 goed. Het financieel resultaat 2025 wordt deels terugbetaald in de tarieven 2027 aan de klanten en voor het andere deel toegevoegd aan het eigen vermogen van Vitens.
Risicoprofiel laag (basispakket)

7 | Grondbeleid

7.2 Grondbeleid in Epe

Terug naar navigatie - 7 | Grondbeleid - 7.2 Grondbeleid in Epe

Het grondbeleid heeft een grote invloed op en samenhang met de realisatie van het collegeakkoord en de volgende programma’s in de programmabegroting:

  • Ruimte en wonen (programma 5)
  • Bedrijvigheid (programma 9).
     

De gemeente Epe voert een situationeel grondbeleid. Daarbij kan de gemeente verschillende rollen van grondbeleid inzetten.  Per ruimtelijk initiatief wordt bepaald welke rol de gemeente op zich neemt en welke grondbeleidsinstrumenten het beste passen. Er wordt op basis van ambitie, prioriteit, risico en de gewenste regie de afweging gemaakt tussen actief grondbeleid, actief faciliterend en faciliterend grondbeleid.

De gemeente Epe beschikt over een voorraad aan (eigen) grond,  die kan worden ontwikkeld. Voorbeelden hiervan zijn: Eekterveld IV Vaassen, Zuukerschool in Zuuk en ’t Slath in Epe. Voor Eekterveld IV is een grondexploitatie geopend in 2025. De woningbouwontwikkelingen Zuukerschool en 't Slath zijn in voorbereiding en zullen in de grondexploitaties  worden opgenomen. Voor deze ontwikkelingen geldt  dat  de kavels als bouwterrein  worden uitgegeven voor verkoop nadat ze bouwrijp zijn gemaakt.  Voor de woningbouwlocatie Kerkenland in Vaassen wordt grond verkocht aan de ontwikkelaar vóór de bouwrijpe fase.

 

7.3 Grondexploitaties

Terug naar navigatie - 7 | Grondbeleid - 7.3 Grondexploitaties

7.3.1     Voortgang van de exploitaties

Kweekweg VI Epe
In 2022 is het laatste perceel bedrijfsterrein verkocht. Na het uitvoeren van de laatste bouwvergunning kan dit plan worden afgesloten. 
 

De Pirk-Noord Vaassen
In 2024 zijn de laatste 8 woningen van de in totaal 74 woningen opgeleverd en in 2025 is het openbare gebied terug geleverd.  Op een paar aanpassingen van het openbaar groen na is het project afgerond. 

Hoge Weerd Epe
De sociale huurwoningen zijn gerealiseerd en de twee-onder-een-kapwoningen zijn in 2024 opgeleverd. Het plan is afgesloten in 2024, na afsluiting zijn er in 2025 nog nota's nagekomen. Het wordt nu definitief afgesloten per 31 december 2025.

Klaarbeek Epe
Het actieve deel van het plan is in 2023 afgesloten en de openbare ruimte is geleverd aan de gemeente. In het passieve deel van het  plan is nog geld beschikbaar voor de afronding van de openbare weg en openbaar groen.

Oosterhof -Zuid
De grond exploitatie is vastgesteld in 2023. Er worden 87 woningen gerealiseerd. In 2024 is de bouw van de eerste fase begonnen. Eind 2025 zijn de eerste woningen opgeleverd. 

Eekterweg IV
Het plan Eekterveld IV (bedrijventerrein) is vastgesteld door de Raad, er loopt nog een beroepsprocedure.


Aankomende exploitaties

  • Het plan 't Slath (woningbouw) is in voorbereiding;
  • Het plan Zuukerschool (woningbouw) is in voorbereiding

 

7.3.2     Parameters grondexploitatiebegrotingen

Bij de actualisatie van de grondexploitatiebegrotingen per 31 december 2025 van de plannen van het grondbedrijf zijn de volgende parameters gehanteerd:

Onderwerp Percentage per jaar
Kostenstijging 4,5%
Opbrengststijging bedrijfsterrein 2%
Opbrengststijging bouwterrein woningen 3,5%
Rekenrente 0,68%

 

7.3.3     Tussentijdse winst- en verliesnemingen

Met zekerheid in de plannen gerealiseerde winsten moeten (op grond van voorschriften) tussentijds worden overgeboekt naar de reserve bouwgrondexploitatie. Op 31 december 2025 zijn de volgende tussentijdse winsten overgeboekt naar de reserve bouwgrondexploitatie:

Plan Winst-/verliesneming
per 30-06-2025
Winst-/verliesneming
per 31-12-2025
Totaal tussentijdse
winst-/verliesneming 2025
Kweekweg VI Epe -€  29 -€ 261 -€ 290
Eekterweg IV   € 0 € 0
De Pirk-Noord Vaassen  € 3.897  - € 1.180 € 2.717
Oosterhof Zuid € 482   € 34.679  € 35.161

De winsten en verliezen worden verrekend met de reserve bouwgrondexploitatie, waarbij verliezen direct worden genomen.

 

 

7.3.4     Voortgang van de plannen

  • Kweekweg VI Epe
    In dit plan is in 2022 het laatste perceel bedrijfsterrein verkocht.  De verwachting is dat in 2026 de laatste aanpassingen aan de openbare ruimte klaar zijn.

  • De Pirk-Noord Vaassen
    Het laatste blok van de in totaal 74 woningen is opgeleverd in 2024. In 2025 is het openbaar gebied terug geleverd aan de gemeente.  De inrichting van de openbare ruimte wordt in 2026 afgerond.

  • Klaarbeek Epe
    Het actieve deel van het  plan is afgesloten in 2023.

  • Oosterhof Zuid
    In 2024 is gestart met de bouw van de  87 woningen, in 2025 zijn de eerste woningen opgeleverd. In 2025 is het fietspad verlegd, de grond gesaneerd en verkocht. 

  • Eekterweg IV
    Het plan Eekterveld IV (bedrijventerrein) is vastgesteld door de Raad, er loopt een beroepsprocedure.

 

7.3.5     Cijfers geactualiseerde grondexploitatiebegrotingen

In onderstaande tabel zijn de belangrijkste cijfers weergegeven van de grondexploitatiebegrotingen per 31 december 2025.

  Plan

 boekwaarde
31-12-2025*

verwacht eind-
resultaat grexen*

jaar
afsluiting plan

De Pirk-Noord

- € 12.015   - € 1.866 2026

Eekterveld IV

€ 394.081 + € 1.415.210 2030

Kweekweg VI

- € 10.332 + € 3.647 2026

Oosterhof Zuid

- € 35.165 - €  34.000 2027 

*     min (-) = nadelig; plus (+) = voordelig

De reeds tussentijds genomen winst- en verliesnemingen zijn meegenomen bij het bepalen van de verwachte eindresultaten.

7.4 Aan- en verkopen van gronden en opstallen

Terug naar navigatie - 7 | Grondbeleid - 7.4 Aan- en verkopen van gronden en opstallen

7.4.1     Aankopen
In 2025 is 629 m² grond aangekocht, dit betreft een strook openbaar groen met bomen van 273 m² in Epe en één van 60 m² in Vaassen. Daarnaast is nog een strook van 273 m² voor het verbreden van een weg aangekocht in Vaassen. Het resterende perceel van 23 m² betreft openbare ruimte in het centrum van Epe.

 

7.4.2     Verkopen
Grondverkoop voor de grondexploitaties:

    • Woningbouw 149 m² voor het plan Oosterhof Zuid

Grondverkoop als gevolg van de anterieure overeenkomsten:

•    Woningbouw          51 m²  voor de plannen Hoofdstraat 212, Kloosterhof Oene en Hoofdstraat 117.

Overige grondverkopen:

•    Nutsvoorzieningen  325 m²
•    Snippergroen             494 m²

 

7.5 Reserve bouwgrondexploitatie

Terug naar navigatie - 7 | Grondbeleid - 7.5 Reserve bouwgrondexploitatie

7.5.1 Reserve bouwgrondexploitatie

Voor het afdekken van de risico’s van de bouwgrondexploitatie is een reserve bouwgrondexploitatie gevormd.  In de Nota Grondbeleid 2024 is beschreven hoe wordt omgegaan met de reserve bouwgrondexploitatie. 

De benodigde reserve bouwgrondexploitatie bedraagt per 31 december 2025 € 1.333.041. De werkelijke stand van de reserve bouwgrondexploitatie bedraagt per 31 december 2025 € 1.920.518 en is dus voldoende voor het afdekken van de risico’s van de bouwgrondexploitatie. 

8 | Wet open overheid (Woo)

8.1 Inleiding

Terug naar navigatie - 8 | Wet open overheid (Woo) - 8.1 Inleiding

De Woo (Wet Open Overheid) verplicht alle overheden om bepaalde documenten te publiceren. Deze documenten zijn verdeeld over 17 informatiecategorieën. Voor 2024 werd een selectie gemaakt van 5 categorieën die als eerste aan de beurt waren. Dit is per Koninklijk Besluit vastgesteld. Op 1 november 2024 moest de beschikbare informatie gepubliceerd zijn.  Deze 5 categorieën waren:

  1. Wetten en algemeen verbindende voorschriften; beschikbaar op: lokaleregelgeving.overheid.nl en www.officielebekendmakingen.nl/gemeenteblad
  2. Overige besluiten van algemene strekking; beschikbaar op: overheid.nl
  3. Informatie over de organisatie en werkwijze; beschikbaar op: www.epe.nl
  4. Bereikbaarheidsgegevens; beschikbaar op: organisaties.overheid.nl
  5. Vergaderstukken en verslagen van de Kamers en verenigde vergadering der Staten-Generaal; beschikbaar op: overheid.nl

Epe heeft tijdig voldaan aan deze publicatieplicht. Daarnaast publiceert gemeente Epe al enkele andere categorieën die nog niet verplicht zijn. In 2025 is verder gewerkt aan de voorbereiding voor de toekomstige implementatie van de overige categorieën. De verplichte implementatie van de te onderscheiden categorieën is uitgesteld tot waarschijnlijk 1 januari 2027, maar desondanks zijn de voorbereidingen intern doorgezet. De technische voorbereiding wordt in 2026 afgerond, zodat tijdig kan worden voldaan aan de implementatie zodra die verplicht wordt gesteld.

Besteding middelen

Voor de uitvoering van de Woo ontvangen gemeenten zowel incidentele als structurele middelen, die separaat voor de Woo worden gebudgetteerd. De middelen zijn bestemd voor het verbeteren van systemen, het opleiden van medewerkers en het aanpassen van processen en de organisatie. Daarnaast ontvangen gemeenten structurele middelen voor de uitvoering van de wet. De structurele middelen zijn bedoeld voor de actieve openbaarmaking van de informatiecategorieën zoals genoemd in de Woo, het aanwijzen van een contactfunctionaris en onderhoud van de systemen.

De financiële middelen zijn ingezet voor het voorbereiden en uitvoeren van de implementatie van de Woo en uitbreiding van de ambtelijke capaciteit ter uitvoering ervan. De middelen zijn ook aangewend voor de aanschaf van de benodigde software of services.

Woo-contactpersoon en coördinator

Het aanwijzen van een Woo-contactpersoon is een verplichting die volgt uit artikel 4.7 van de Woo. De aanwijzing van een Woo-contactpersoon en Woo-coördinator heeft in de gemeente Epe plaatsgevonden binnen de eenheid Juridische Zaken. Het aanwijzen van een Woo-coördinator betreft overigens geen formeel aanwijzingsbesluit.

Openbaarmaking

In 2025 zijn in totaal 26 Woo-verzoeken gepubliceerd. Per verzoek varieert het aantal documenten sterk, van enkele documenten tot ongeveer 300 per verzoek. De openbaarmaking van Woo-verzoeken en convenanten vindt plaats via de OpenWoo.app. Voor raadsvergaderingen wordt Notubiz gebruikt en voor jaarplannen en jaarverslagen Pepperflow.