Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- c.q. vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn.
De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden in 5 jaar afgeschreven.
De afschrijving van de geactiveerde kosten van onderzoek en ontwikkeling vangt aan bij ingebruikneming van het gerelateerde materiële vaste actief.
Afsluitkosten van opgenomen geldleningen worden afgeschreven over de looptijd van de betrokken geldlening.
Bijdragen aan activa in eigendom van derden kunnen worden geactiveerd. Dergelijke geactiveerde bijdragen zijn gewaardeerd op het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met afschrijvingen. De verleende bijdragen worden afgeschreven over de periode waarin het betrokken actief van de derde op basis van de door de gemeente gestelde voorwaarden moet bijdragen aan de publieke taak.
Materiële vaste activa met economisch nut
- In erfpacht uitgegeven gronden.
De in erfpacht uitgegeven percelen zijn gewaardeerd tegen de eerste uitgifteprijs (i.c. de waarde die bij eerste uitgifte als basis voor de canonberekening in aanmerking is genomen). Percelen waarvan de erfpacht eeuwigdurend is afgekocht zijn tegen een geringe registratiewaarde opgenomen.
- Investeringen met economisch nut
Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het netto investeringsbedrag afgeschreven.
De nog niet in exploitatie genomen bouwgronden zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, dan wel lagere marktwaarde.
Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven over de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.
Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is.
Op investeringen die zijn gerealiseerd tot en met 2016 is in sommige gevallen eenmalig extra afgeschreven zonder economische noodzaak (ter vermindering van toekomstige lasten) of zijn reserves op de investeringen afgeboekt (investeringen met een maatschappelijk nut). Vanaf 2017 worden (door gewijzigde regelgeving) investeringen in alle gevallen geactiveerd en afgeschreven. In die gevallen waarin voor de investering een specifieke reserve is gevormd, wordt bij realisatie het desbetreffende bedrag uit de reserve toegevoegd aan de reserve dekking kapitaallasten. Vervolgens worden de kapitaallasten van de investering over de afschrijvingsduur jaarlijks gedekt door een onttrekking aan deze reserve.
De gehanteerde afschrijvingstermijnen vloeien voort uit de Nota activerings- en afschrijvingsbeleid en bedragen in jaren:
Activa soort |
Termijn |
Gronden en terreinen |
n.v.t. |
Woonruimten |
40 |
Bedrijfsgebouwen |
15 - 40 |
Grond, weg en waterbouwkundige werken |
5 - 40 |
Vervoermiddelen |
6 - 15 |
Machines, apparaten en installaties |
5 - 15 |
Overige materiële vaste activa waaronder inventarissen |
5 - 10 |
Automatisering hardware/software |
4 - 10 |
Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut.
Infrastructurele werken in de openbare ruimte, zoals bijvoorbeeld wegen, pleinen, bruggen, viaducten en parken, worden geactiveerd en afgeschreven. De ondergrond van deze werken wordt daarbij als integraal onderdeel van het werk beschouwd (en dus ook afgeschreven volgens bovenstaande afschrijvingstermijnen). Voor zover specifieke dekking van de investeringsuitgaven aanwezig is binnen reserves, worden bij realisatie deze middelen toegevoegd aan de reserve dekking kapitaallasten. Vervolgens worden de kapitaallasten over de afschrijvingsduur van de investering jaarlijks gedekt door een onttrekking aan deze reserve.
Financiële vaste activa
Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en verstrekte leningen zijn opgenomen tegen nominale waarde.
Participaties in het aandelenkapitaal van N.V.’s en B.V.’s (“kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen” in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen structureel daalt tot onder de verkrijgingsprijs, zal afwaardering plaatsvinden. Tot nu toe is een dergelijke afwaardering niet noodzakelijk gebleken. De actuele waarde ligt ruim boven de verkrijgingsprijs.
Vlottende activa
- Voorraden
De als “onderhanden werken” opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs, dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijp maken) en een redelijk te achten aandeel in de rentekosten en de administratie- en beheerskosten.
Winsten uit de grondexploitatie worden slechts genomen indien en voor zover die met voldoende mate van betrouwbaarheid als gerealiseerd aangemerkt kunnen worden. Voor zover daarvan geen sprake is worden de verkregen verkoopopbrengsten op de vervaardigingskosten in mindering gebracht. Hierbij wordt de 'POC-methode' toegepast (percentage of completion, ofwel: het resultaat wordt naar rato van de verrichte prestaties geboekt).
- Vorderingen en overlopende activa
De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt dynamisch bepaald op basis van de geschatte kansen op inning van de vordering.
- Liquide middelen en overlopende posten
Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen.
Voorzieningen
Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies of het risico.
De voorziening voor pensioenverplichtingen politieke ambtsdragers is tegen de contante waarde van de (al opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd.
De voorzieningen voor groot onderhoud zijn gebaseerd op een meerjarenplanning voor het onderhoud van de gemeentelijke panden. Hierbij is rekening gehouden met de kwaliteitseisen en het beleid zoals dat is geformuleerd in de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen.
Vaste schulden
Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer.
Vlottende passiva
De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.
Borg- en garantstellingen
De gewaarborgde geldleningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde verminderd met de aflossingen.